If it is Dutch, it ain’t much

Micarême

Micarême, een opera van Jan Brandts Buys (1868-1933) op een libretto van Ignaz M. Welleminsky en Bruno Hardt-Warden. Première te Wenen, 14 november 1919. Bijgewoonde uitvoering: Dat Bolwerck, Zutphen, 21 september 2018. Foto’s: copyright René Seghers.

Junge Frau: Jolien De Gendt
Narr: Denzil Delaere
Alte Herr: Hans de Vries
Amorettes: Meisjeskoor van De Muzehof
Muzikale begeleiding: Pieter Dhoore
Festivalleiding: René Seghers

Muzikaal:
Scenisch:

Jan Brandts Buys, op 12 september 1868 in Zutphen geboren en overleden op 7 december 1933 in Salzburg, is volledig onbekend bij het Nederlandse operapubliek en elk jaar zoekt men hem tevergeefs op Facebook tussen de lichtelijk idiote  verjaardagswensen voor overleden componisten. Wél op 25 augustus Happy Birthday Lennie, maar nooit eens op 12 september Happy Birthday Jan.  Het is aan het zegenrijke werk van de organisator van het Jan Brandts Buys Festival, René Seghers, te danken dat de componerende Zutphenaar nu aan de vergetelheid wordt onttrokken.

Op 21 september was in Zutphen een uniek double-bill gepland. De double-bill der double-bills is natuurlijk Cavalleria Rusticana / Pagliacci, door ons-kent-ons operaliefhebbers vaak met incrowd-trots aangeduid als “Cav/Pag”. Recent is er een hausse van nieuwe double-bills; men neme twee korte opera’s, programmeert ze op één avond, en hup, A Double-Bill Is Born. Uiteraard moet er nog wel een deftig, “verbindend” verhaal bij verzonnen worden. Een thema! In het seizoen 2017-2018 werden in Amsterdam twee van deze nieuw double-bills op de planken gebracht: Eine florentinische Tragödie/Gianni Schicchi en Trouble in Tahiti /Clemency. De eerste konden wij nog bijwonen, en bespraken wij zeer positief, de tweede dubbelvoorstelling moesten wij aan Opera Gazet voorbij laten gaan aangezien uw recensent door De Nationale Opera alle persfaciliteiten werden ontzegd wegens “onbetamelijke journalistiek”. Het “thema”, een bizarre en volkomen overbodige nieuwerwetsigheid zonder welk een operaseizoen niet meer geprogrammeerd lijkt te kunnen worden, was in het Amsterdamse seizoen 2017-2018 “Noodlot en Besef”, een motto dat onzes inziens niet alleen opera-breed maar ook levensbreed toegepast kan worden; wij denken aan seizoenkaarthouders van Feijenoord, een avond steengrillen met Groupon-korting en de boeken van Astrid Harrewijn.

De double-bill die op 21 september in Zutphen op het programma stond, was alleszins uniek. Om 19:00 beginnen met de opera Micarême van Jan Brandts Buys, gevolgd om 21:00h door….. de opera Micarême van Jan Brandts Buys! Een fraaie, en uit zaalopbrengstige motieven uitstekende oplossing voor een eenakter die 40-50 minuten duurt. (Don’t try this at home, with Meistersinger.) Groot was dan ook onze teleurstelling dat deze unieke single-double bill te elfder ure werd afgeblazen. Het solistenteam moest de volgende dag al om 09.00 uur (!) een loodzwaar operagala repeteren, ook in het kader van dit Jan Brandts Buys Festival. Het bleef uiteindelijk bij één uitvoering die om 20:30h begon.

 

Gewaardeerd door Brahms

Jan Brandts Buys was in het eerste kwart van de 20e eeuw een zeer gekend, internationaal erkend, tijdens zijn leven veelvuldig uitgevoerd en door bijvoorbeeld Brahms hooggeschat componist van orkestmuziek, opera’s en kamermuziek, welke laatste kwalitatief wel op één lijn werd gesteld met de kamermuziek van Sibelius en Nielsen. Luistert en kijkt u eens naar zijn FluitkwintetThat ain’t too bad, now is it?

Zo’n festival is een uitstekende manier om een ten onrechte nooit-uitgevoerde (opera)componist voor het voetlicht te brengen. Het wachten is dan ook op een Mascagni Festival, een Giordano Festival, een Leoncavallo Festival, een Cilea Festival, etc. etc. etc. Hoe dit ook zij, we hebben nu in ieder geval een Brandts Buys Festival, waarvoor wij organisator René Seghers een veelkleurige pluim op de hoed dienen te steken.

Wij woonden op de eerste dag van het festival de voorstelling van Brandts Buys’ opera Micarême bij, een lichtvoetig, muzikaal Weense sferen ademend werk, dat ons niet alleen aan Léhar (avant la lettre!) maar nog vaker aan Rudolf Sieczynski’s Wien Wien nur du allein deed denken. Micarême bracht bij de première in 1919 en tijdens de eerste voorstellingen erna helaas  niet het succes waarop de componist gehoopt had. Het libretto werd geschreven door Ignaz M. Welleminsky en Bruno Hardt-Warden, een destijds bekend librettistenduo dat bijvoorbeeld ook teksten leverde aan Robert Stolz. Welleminsky is samen met Paul Knepler ook de tekstschrijver van “Ich schenk mein Herz” (uit: Die Dubarry), een van de hits van Elisabeth Schwarzkopf.

Mi-Carême was een traditioneel, van origine Frans carnavalsfeest dat precies op de helft van de vastentijd plaatsvond. Het wordt nog gevierd in enkele Franse dorpen, maar in Parijs is het sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw verdwenen. We hebben nu immers Disneyland! Sinds 2009 echter tracht men in Parijs het Micarême-feest nieuw leven in te blazen onder de door Mensen Van Nu bedachte titel Fête de Femmes.

In Micarême, een magisch–realistisch verhaal, maken we kennis met een Junge Frau, de verveelde echtgenote van een oude bok, een gegeven dat in de literatuur en in de toneel- en operawereld de monden niet van verbazing zal doen opengaan. Die Junge Frau heeft weinig trek in de oude baas. Met andere woorden:  D’r zijn van die dagen dat ik niks kan velen / Ga maar liever schaken met de intellectuelen!

Maar dan op z’n Brandts Buys’ natuurlijk. Uiteraard heeft mevrouw een aanbidder. Die wil de sleutel van haar slaapkamer. Carnaval immers! Junge Frau valt in slaap, en in haar droom verschijnt Prins Carnaval (Der Narr) in haar droom. (U moet proberen het beeld van Emile Roemer, Prins Carnaval 1995, hierbij volledig uit te bannen.)  Prins Carnaval spoort haar aan de sleutel uit het raam te gooien, maar hij wordt nu warempeltjes zelf verliefd op de Junge Frau: het fraaie liefdesduet “Heut ist die Nacht erfüllt von tausend Freuden”. Als zij wakker wordt, is Prins Carnaval verdwenen maar zijn carnavalspak ligt er nog. Er verschijnt een gemaskerde figuur, die de Junge Frau meeneemt. De oude bok komt thuis, denkt zijn vrouw in de andere kamer te horen slapen. Niks aan de hand dus, en hij gaat op zijn kamer een geurig pijpje stoppen.

 

Fijnzinnige muzikale geest

Sopraan Jolien De Gendt (haar aria “Gott sei gedankt” was een hoogtepunt), wie al eens de eer te beurt viel om de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede muzikaal op te luisteren, heeft een fraaie stem en een “Weens” timbre die perfect bij deze rol passen. De uitstekende en bepaald niet om volume verlegen zittende Denzil Delaere, de Narr in deze opera, is een aan de weg timmerende tenor die wij onlangs nog als Serano/ Bertram in La Donna del Lago in Luik aan het werk zagen. Op 1 juni 2019 heeft hij een rol in Schrekers opera Die Gezeichneten, concertant uitgevoerd in Het Concertgebouw te Amsterdam. Tijdens het Amsterdamse Grachtenfestival 2018 van vorige maand trad hij op als een van de ‘Jeunes Ambassadeurs Lyriques’. Hans de Vries, bas-bariton, viel ooit de eer te beurt om op uitnodiging van Dietrich Fischer Dieskau een speciale cursus bij hem te volgen. Ook de onlangs overleden voice magician James McCray was een van zijn leermeesters. Wij kennen Hans de Vries in Nederland vooral als oratorium- en liedzanger, maar in de rol van Alte Herr bleek hij ook heel prima uit de voeten te kunnen. Men had wel enig voorstellingsvermogen nodig om De Vries als echte oude heer te zien. Het Zutphens Meisjeskoor, een verzameling diva’s in de dop, deed het geweldig. Daar was op gestudeerd, en dat was te horen ook! Scenisch was er helaas niet al te veel te beleven, men zong van blad (jammer), maar men deed zijn best.

De begeleidende pianopartij was in de bekwame handen van Piet Dhoore, die  helaas veroordeeld was tot een verre van optimale, en lichtelijk ontstemde vleugel en bovendien tot een onbarmhartige akoustiek.  Ik eet mijn hoed op als ik het bij het verkeerde eind heb, maar zagen wij daar niet klavierleeuw René Rakier als bladzijomslaander? Samen met de niet minder legendarische musicoloog Willem Noske (1918-1955) deed hij nog onderzoek naar Nederlandse muziek uit de periode 1840-1930. Rakier als bladzijomslaander, het is zoiets als het rijden van de jaarlijkse puzzelrit van gezelligheidsvereniging “Ons Genoegen” met Max Verstappen als bijrijder.

Jan Brandts Buys mag men gerust een wereldberoemde componist noemen, die geheel ten onrechte in de vergetelheid is geraakt. Dat een onbenulligheid als Waiting for Miss Monroe, een gil-opera uit 2011 van de non-opera componist (The difference between stupidity and genius is that genius has its limits, zei Albert Einstein) Robin de Raaff slechts drie slecht bezette voorstellingen haalde om vervolgens voorgoed in de vergetelheid te geraken, is volkomen begrijpelijk. De goed in het gehoor liggende en knap gecomponeerde opera’s, en het overige werk  van Brandts Buys, das sind ganz andere Sachen. “Een fijnzinnige muzikale geest met een open oor voor zijn publiek,” aldus organisator René Seghers.

Om met deze fijnzinnige muzikale geest met een open oor voor zijn publiek kennis te maken, dient u uw schreden naar Amsterdam Zutphen te richten.

Olivier Keegel (Gepubliceerd op 21/9/2018)

 

 

8 Comments

  1. Corinne Romijn schreef:

    Geweldig. ” Don’t try this at home with Meistersinger ” . ” Wahahahahahaha. Rakier als bladzijomslaander, het is zoiets als het rijden van de jaarlijkse puzzelrit van gezelligheidsvereniging “Ons Genoegen” met Max Verstappen al bijrijder. Geniale zinnen weer. Ik ga het opzoeken op youtube.

  2. Truus Blenderman schreef:

    Weer een mooi stuk. Nooit van gehoord maar het lijkt me heel aangenaam. Zal wel nooit meer te zien zijn.

  3. Fred schreef:

    nu is de vraag : was er volk?????

  4. Jan de Jong schreef:

    Zutphen is een ontzettend actieve stad aan het worden als het gaat om muziek. Het bruist er van de kleinschalige en toegankelijke initiatieven.
    Zou Beethoven er dan toch vandaan komen…. ?

    • Fred schreef:

      1. het is nog steeds VAN Beethoven
      2. en neen heel de familie komt uit Mechelen/Vlaanderen

      • Jan de Jong schreef:

        Beste Fred,

        1. Nee hoor, Ludwig van Beethoven noemde zichzelf ook regelmatig kortweg Beethoven. De componist is verder wereldwijd bekend als Beethoven. Wie – plus royaliste que le roi – Van Beethoven wil zeggen, prima.

        2. Het was retorisch bedoeld.

        Groet,

        Jan de Jong

  5. Ingeborg ten Bokum schreef:

    De bladomslaander was niet René Rakier, maar Jan ten Bokum, musicoloog en biograaf van Jan Brandts Buys.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.