A Quiet Place – quite an opera!

A Quiet Place, opera in drie akten van Leonard Bernstein, op een libretto van Stephen Wadsworth en Leonard Bernstein. Plaats van handeling: suburban Amerika, begin jaren 80. Wereldpremière op 19 juni 1984 in het Teatro all Scala te Milaan. Bijgewoonde voorstelling: Maastricht, Opera Zuid, 9 november 2018.

A Quiet Place

Huub Claessens (Old Sam) en Turiya Haudenhuyse (Dinah). Foto: Joost Milde.

Sam (bariton): Huub Claessens
Dede (sopraan): Lisa Mostin
François (tenor): Enrico Casari
Junior (bariton): Michael Wilmering
Dinah (mezzo-sopraan): Turiya Haudenhuyse
Young Sam (bariton): Sebastià Peris
Jazz Trio Soprano (mezzo, hoge tenor, hoge bariton): Veerle Sanders, Jeroen de Vaal, Rick Zwart
Bill (bariton): Marcel van Dieren
Susie (mezzo-sopraan): Maria Kowan
Funeral Director (tenor): Jeroen de Vaal
Analyst (tenor): Stefan Kennedy
Doc (bass): Galen Dole
Mrs. Doc (mezzo-sopraan): Mireille Capelle

Philharmonie Zuidnederland
Theaterkoor Opera Zuid i.s.m. Kooracademie Maastricht
Muzikale leiding: Karel Deseure
Regie: Orpha Phelan

Muzikaal:
Scenisch:

Het is Bernstein-jaar. Hij zou op 24 augustus j.l. 100 jaar zijn geworden. Bernstein  -iedereen die wel eens een cd van hem heeft gekocht beschouwt hem als huisvriend en noemt hem “Lenny”-  is bij het grote publiek vooral bekend om zijn West Side Story, een wervelende musical die in 1961 verfilmd werd met Natalie Wood als Maria (de rol werd gezongen door Marni Nixon).  In de legendarische Amsterdamse bioscoop Du Midi draaide de film 93 weken; de eerste film die langer dan een jaar in Nederland werd vertoond. Bij de jubileumvoorstelling in maart 1963 was zelfs een van de  hoofdrolspelers, Rita Moreno, aanwezig. In oktober 1963 werd de 400.000e bezoeker in de Amsterdamse bioscoop verwelkomd.

Bernstein heeft veel meer geschreven dan die eeuwige West Side Story, zoals de operette Candide en de musicals On the Town en Wonderful Town, verder talrijke symfonieën en werken voor kamermuziek en voor piano. Hij was in zijn vrije tijd natuurlijk ook nog dirigent van de New York Philharmonic, met welk orkest hij  alle symfonieën van Mahler voor het eerst integraal op de plaat zette. Beste Mahler-dirigent ooit, ma das pesoonluk.

Bernstein was een meester in het aaneensmeden van “klassiek” en “jazz”, hetgeen hem door de toenmalige muzikale avant-garde uiteraard in hoge mate kwalijk werd genomen. Harold Schonberg, muziekcriticus van de New York Times, omschreef hem als een flamboyante poseur. “Flamboyant”, dat zeker, maar “poseur”, dat toch zeker niet, behalve dan misschien die keer dat hij met de Wiener Philharmoniker het vierde deel van Haydns Symphonie 88 met zijn wenkbrauwen dirigeerde.  Over the top, uitermate irritant. Meteen zetten wij daar tegenover zijn meesterlijke Young People’s Concerts. Wat een goed programma was dat! Daar kunnen vibrato-Witteman en zijn knechtje Floris Kortie nog een puntje aan zuigen. De laatste is de gezellige prater en muzieksamensteller bij Classic FM, die het spectrum der klassieke muziek zo kernachtig samenvatte: “Verstand van klassieke muziek is niet nodig”.  Wie ook aan dat puntje mee mag zuigen is Tijl Beckand, de “matchmaker tussen klassieke musici en popzangers”. (Wie heeft ooit om die functie gevraagd?)   Bernstein zei uitermate verstandige dingen over muziek, derhalve simpele dingen, kijkt en luistert u maar eens naar dit korte toespraakje  dat hij in Harvard hield; in een kwartier meer muzikaal genot (zonder muziek) dan in een week Stockhausens Aus Licht (ook zonder muziek).

 

Het menselijk tekort

Een verborgen parel in Bernsteins oeuvre is de opera A Quiet Place. Hoewel, ook weer niet zo verborgen, want het werk werd dit jaar al uitgevoerd in Philadelphia, bij de Neue Oper Wien en in Tanglewood. Verder staan er in 2019 uitvoeringen gepland in het  Grand Théâtre de la Ville  de Luxembourg  (door Opera Zuid!), in Aken en Lübeck. Het is fantastisch dat Opera Zuid van 9 november tot 9 december met deze Bernstein-opera, in zijn voltooide vorm met drie akten, gaat toeren. Het is een heerlijke opera, waarin alle denkbare aspecten van het menselijk tekort ruim en schrijnend aan bod komen. Ik heb één klein (echt heel klein) bezwaar tegen het werk: het duurt te lang. Als het vat van menselijke emoties tot op de bodem is leeg geschept, dan nog schraapt Bernstein met een vork over de bodem om de laatste kruimels los te wrikken. Kwartiertje eraf kan geen kwaad.  A Quiet Place vertelt het verhaal van een Amerikaans gezin dat worstelt met zijn emoties na de dood van een geliefde bij een auto-ongeluk: glaasje op. Dede, Junior en François wonen de begrafenis van Dinah bij. Sam was getrouwd met Dinah en is vervreemd van zijn familie. Tijdens de begrafenisplechtigheid krijgen Sam en zijn aangenomen zoon Junior het aan de stok. Later die avond zit Sam de oude dagboeken van Dinah door te lezen; er komt een herinnering van dertig jaar geleden naar boven. Die herinnering is trouwens de opera Trouble in Tahiti, met de sublieme aria voor Dinah, There is a garden. Die wonderschone, terecht door Bernstein uitgemolken melodie (gepikt door Ramses Shaffy voor zijn “Wij zullen doorgaan”) krijg je alleen met groene zeep en een pannenspons uit je systeem. Ik ga het nu even niet over het wonderschone duet tussen Turiya Haudenhuyse en Sebastià Peris hebben, om elke schijn van corruptie (Limburg immers!) te vermijden.  Het is al erg genoeg, zo’n waanzinnig mooie opera-avond in Maastricht.

In een belendende kamer wordt Junior door  François geconfronteerd met zijn gedrag tijdens de begrafenis. De volgende ochtend speelt Junior met zijn zus Dede een spelletje uit hun kindertijd. Sam leest voor uit Dinah’s dagboek en krijgt het prompt weer aan de stok met Junior die Dinah’s dagboek de lucht ingooit.

Met de pagina’s van Dinah’s dagboek verspreid over de grond, leren de protagonisten een voor een dat ze elkaar kunnen bereiken en met elkaar kunnen communiceren.

De Belgische Sopraan Lisa Mostin, die ook een dekselse Hölle Rache in huis heeft, was een verrukkelijke Dede. Haar quasi-nonchalante spel was volkomen overtuigend en de fraaie hoogte in haar stem onberispelijk. Michael Wilmering, vorig jaar nog te horen als Cappadociër in de Salome van De Nationale Opera, was een ideale Junior; zijn bariton is soepel genoeg om uitdrukking te geven aan de vele aspecten van Junior’s getroebleerde persoonlijkheid.  Dede en Junior domineren het podium en creëren een sidderende, incestueuze broer-zusrelatie, voor zover je van incestueus kan spreken als het om geadopteerde kinderen gaat.

 

Topcast

In het Maastrichtse Theater aan het Vrijthof, waar de boventiteling even van slag af was, werd Sam magistraal vertolkt door Huub Claessens, die ons nog nooit heeft teleurgesteld. Claessens is every inch het kruitvat van ingehouden frustratie en bitterheid dat kenmerkend is voor Sam. Ook Young Sam was met de Spaanse bariton Sebastià Peris een magnifiek schot in de roos. Tenor Enrico Casari -mooi legato, fraai timbre-  vervulde de gecompliceerde rol van François: minnaar van Junior en echtgenoot van Dede, een voor de jaren 80 van de vorige eeuw nog schokkend tweesporenbeleid. Ook de kleinere rollen werden levendig en deskundig ingevuld. Wat wil je ook, met coryfeeën als Jeroen de Vaal en Marcel van Dieren. In feite waren er zo’n 12 hoofdrollen, en er was, ondanks de razend moeilijke zing-zegpartijen, geen zwakke plek te ontdekken. Wat een cast!

De verwikkelingen op het toneel neigen soms enigszins naar het larmoyante, maar de muziek van Bernstein doet dat allerminst. Luister u eens naar de Prelude,  gedirigeerd door de maestro zelf. Bernstein verwerkt allerlei muzikale citaten, ook uit zijn eigen West Side Story (“Maria”, “Tonight”, “Somewhere”). Het orkest zelf is in feite ook een personage in deze opera. Zo speelt bijvoorbeeld de solotrompet fragmenten uit Dinah’s aria, ‘There is a garden’ uit Trouble in Tahiti. (A quiet place is een vervolg op Trouble in Tahiti.)

Dirigent Karel Deseure moeten we eens verlossen van het etiket “veelbelovend”; de man is een topdirigent en zal ongetwijfeld binnenkort door Manchester United of Real Madrid weggekocht worden. En aan de Philharmonie Zuidnederland moet snel het predikaat “Koninklijk” verleend worden. Ik vermoed dat alle orkestleden een poster van Bernstein boven hun bed hebben hangen, want dit was Bernstein zoals (gevaarlijke opmerking, vooruit voor één keer dan) Bernstein het gewild zou hebben. Geil ritmisch? Geen probleem. Teder lyrisch? Komt voor elkaar. Deseure toverde met zijn club klanken te voorschijn van Strausserische gloed, maar ook van Gershwinian swing. Een groot en meeslepend genoegen.

 

Hupsafladdervrije regie

De regie van Orpha Phelan was ter zake, inventief, humoristisch en op hartverwarmende wijze in dienst van libretto en partituur. Als we A Quiet Place een eigentijdse opera mogen noemen, en dat mogen we, dan ligt het monster der actualisering werkeloos in zijn vervuilde plaggenhut. Dat scheelt. Jammer dat er in de eerste akte een rondkuierend personage werd opgevoerd (Dinah), die daar niet in hoorde, want dood.  Maar laten we blij zijn dat er geen “Bernstein” op het toneel rondliep. In een interview met Francois van den Anker voor het operablog Place de l’Opera verklaarde Phelan dat zij trots was op  “de integratie van zang, dans, het ontwerp voor decor en kostuums, het licht. We hebben in het maken van deze voorstelling een cohesie bereikt in al die elementen, die in elkaar overlopen.” De trots is terecht. De regie was vrijwel geheel vrij van hupsafladder en bracht met relatief eenvoudige, maar ook zeer inventieve middelen alle aspecten van de opera (en dat zijn er nogal wat) over het voetlicht.

Opera Zuid heeft met deze prachtproductie weer eens haarzuiver in de roos geschoten. Opera van het Jaar is hiermee bekend.

Er zijn nog voorstellingen tot en met 9 december, zie speellijst. En laat ik niet merken dat u niet geweest bent.

 

Olivier Keegel (Gepubliceerd op 10 november 2018)

7 Comments

  1. Basia Jaworski schreef:

    Mooie recensie Olivier! Alsof ik er zelf bij was. En dat wilde ik heel erg graag. Helaas…

    En als we het over Trouble in Tahiti hebben:

    https://basiaconfuoco.com/2018/03/20/trouble-in-tahiti-film-van-tom-cairns/

  2. frits van lijf schreef:

    Een opera die nu eens niet door regie-theater (euro-trash, zoals niet Europeanen deze uitvoeringspraktijk plegen te noemen) om zeep wordt geholpen anno 2018? Een regie die het libretto van a tot z volgt? Een opera die in 1987 al door de operaklas van het jubilerend Maastrichts conservatorium op acht plaatsen in Nederland werd opgevoerd? De jonge Sam uit 1987 nu “gepromoveerd” tot de oude Sam? A QUIET PLACE van Leonard Bernstein is het antwoord. De details uit 1987 staan mij niet meer helemaal bij, maar de herinnering aan toen werd gisteravond in het Theater aan het Vrijthof behoorlijk wakker geschut. Om ‘a Quiet Place’ na 31 jaar weer ongeschonden te hebben kunnen bijwonen is een wonder op zich. Eindelijk weer eens (een) opera zoals opera hoort te zijn. De vraag is of Opera Zuid ook voor haar moed wordt beloond: In 1987 moest de negende voorstelling (Den Haag) wegens gebrek aan belangstelling worden afgelast….

  3. Truus Blenderman schreef:

    Wat Basia zegt: of je er zelf bij was. Goed om te lezen.

  4. Arthur Enkelmans schreef:

    Wij waren erbij en deze recensie is op geen enkel punt overdreven. Daarbij op de afterparty gesproken met niemand minder dan Stephan Wadsworth !! Hoe veel mooier kun je het afronden. Top.

  5. Van os schreef:

    Goede recentie!!!

  6. Ad Middendorp schreef:

    A Quiet Place. En een flamboyante, hartverwarmende recensie die de liefde voor de opera doet oplaaien.

  7. Irma Deutekom schreef:

    Ach ja, de West Side Story in Du Midi aan de Apollolaan. Twee keer gezien daar.
    Voor wat betreft A Quiet Place….een goede recensie, heel fijn om te lezen. Met een gerust hart kunnen we de voorstelling bezoeken.
    4 december in de schouwburg in Utrecht, daar gaan we ons op verheugen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.