A KINGDOM FOR EEN THEMA: “EINE FLORENTINISCHE TRAGÖDIE” EN “GIANNI SCHICCHI”

Gianni Schicchi

Gianni Schicchi (Foto: Clärchen & Matthias Baus)

Eine Florentinische Tragödie, opera van Alexander von Zemlinsky op een libretto van de componist, gebaseerd op de Duitse vertaling van Max Meyerfeld van Oscar Wilde’s onvoltooide tragedie A Florentine Tragedy. Gecreëerd in de Staatsoper te Stuttgart op 30 Januari 1917
Gianni Schicchi, opera van Giacomo Puccini op een libretto van Giovacchino Forzano. Het is het derde deel van Il trittico (de triptiek). De eerste uitvoering vond plaats in de Metropolitan Opera te New York op 14 december 1918.
Bijgewoonde première door de Nationale Opera in het Muziektheater te Amsterdam op 11 november 2017.

EINE FLORENTINISCHE TRAGÖDIE
Guido Bardi: Nikolai Schukoff
Simone: John Lundgren
Bianca: Ausrine Stundyte

GIANNI SCHICCHI
Gianni Schicchi: Massimo Cavalletti
Lauretta: Mariangela Sicilia
Zita: Enkelejda Shkosa
Rinuccio: Alessandro Scotto di Luzio
Gherardo: Saverio Fiore
Nella: Adriana Ferfecka
Betto di Signa: Umberto Chiummo
Simone: Carlo Signi
Marco: Mikheil Kiria
La Ciesca: Ana Ibarra

Nederlands Philharmonisch Orkest
Dirigent: Marc Albrecht
Regie: Jan Philipp Gloger

Muzikaal:
Scenisch:

Eine Florentinische Tragödie

Eine Florentinische Tragödie (Foto: Clärchen & Matthias Baus)

Eine Florentinische Tragödie

Eine Florentinische Tragödie (Foto: Clärchen & Matthias Baus)

Eine Florentinische Tragödie

Eine Florentinische Tragödie (Foto:
Matthias Baus)

Eine Florentinische Tragödie

Eine Florentinische Tragödie (Foto: Baus)

Gianni Schicchi

Gianni Schicchi (Foto: Baus)

Gianni Schicchi

Gianni Schicchi (Foto: Clärchen & Matthias Baus)

Gianni Schicchi

Gianni Schicchi (Foto:
Matthias Baus)

Thema’s zijn belangrijk geworden in de programmering van klassieke muziek en opera. Concerten dienen een thema te hebben, zo heeft ooit een verlichte geest bedacht, en zelfs hele operaseizoenen dienen menigmaal in het teken van een thema te staan. Bij concerten is een voor de hand liggend thema: de componist. Met weemoed denken wij terug aan de Beethoven-series in het Amsterdamse Concertgebouw, compleet met alle symfonieën en alle pianoconcerten, opgeleukt met ouvertures. Dat ging dan zo: vóór de pauze de Ouverture Egmont en het Tweede Pianoconcert, na de pauze Vierde Symfonie . Etc. etc. Niks mis mee, naar wij dachten. Maar er is besloten dat dit concept hopeloos verouderd is, dus nu genieten wij van thema’s als “Heimwee”, “Krachtige Vrouwen” en “Onthechting”, en vult u zelf maar in…

Ook in de double-bill Eine florentinische Tragödie / Gianni Schicchi heeft De Nationale Opera een thema ontdekt, namelijk “de macht van het geld”. Akkoord, in Gianni Schicchi gaat het om de komische verwikkelingen rond het bemachtigen van een erfenis; daar gaat het zonder twijfel over geld, “de macht van” maakt er dan iets deftigs van. Maar in Eine florentinische Tragödie? Ja, er wordt een jurk verkocht: voor geld! En koopman Simone denkt aan: geld! Een gedachte die bij kooplieden door de eeuwen heen een nadrukkelijke rol heeft gespeeld. Wat de beide eenakters met elkaar gemeen hebben is de stad Florence, daar is geen speld tussen te krijgen. Veel opera’s hebben ook gemeen dat er nare mensen in voorkomen. Lijkt me een prima seizoensthema: Nare Mensen. Hoe dan ook, in plaats van deze Tragödie-Schicci double-bill dringen zich gedachten op aan andere combinaties. Als we dan toch Zemlinsky en Puccini gaan combineren, ligt Il Tabarro dan niet meer voor de hand? Thema: Overspel! Nog een eenakter die prima bij Zemlinsky’s opera zou passen is Der Zwerg. Thema: Zelfde Componist! Maar de dingen zijn besloten zoals ze besloten zijn, dus kregen we voor de pauze een opera van Zemlinsky waarin een belangrijke rol aan het orkest wordt toebedeeld en die muzikaal totaal verschilt van de Puccini-opera na de pauze, die aanzienlijk meer waarde aan de vocale lijnen hecht.

 

Puike cast

Strauss’ Zemlinsky’s Eine florentinische Tragödie dateert uit 1917, fijne muziek als je van Die Frau ohne Schatten en Salome houdt, als u begrijpt wat ik bedoel. Het verhaal speelt zich af in het Florence van de Renaissance en gaat over een koopman (geld!), zijn echtgenote en een prins die het met deze koopmansvrouw doet. Zemlinsky maakt er een adembenemende en cynische thriller van en weet de transformatie van onderdanige koopman tot wraaklustige wurger op meeslepende wijze vorm te geven. De cast in Amsterdam was om je vingers bij af te likken. John Lundgren, bariton, recentelijk nog Wotan in Bayreuth, maakte grote indruk als de koopman Simone. Zijn beheersing van de krachtige stem die voor deze rol vereist is, is voorbeeldig; zijn verstaanbaarheid, ook als het orkest vol op het orgel ging, is uitmuntend. De door de wol geverfde Nikolai Schukoff zette een fraai geacteerde en gezongen Guido Bardi neer; heel af en toe bekroop mij de gedachte dat de stem wat aan de dunne kant is. De Litouwse sopraan Ausrine Stundyte is een alleskunner die “net zo makkelijk” Cho-Cho-San als Nedda voor haar rekening neemt. In 2014 was zij Katerina in Sjostakovitsj’ Lady Macbeth van Mzensk in Antwerpen. Voor Eine florentinische Tragödie kroop zij in de huid van de overspelige Bianca en ze deed dat, ondanks het feit dat ze niet geheel gedisponeerd was, voortreffelijk. Stundyte kan meer dan alleen maar mooi zingen. Voor zover het libretto het toelaat wist zij de nogal ingrijpende wendingen die zij als Bianca meemaakt, op uiterst geloofwaardige wijze vorm te geven. Echter, het eindeloze gegrijp door Simone en Guido in de borsten en billen van Bianca deed op gegeven moment enigszins vermoeiend aan.

Na de pauze stond Gianni Schicchi op het programma, een van de drie door Puccini gecomponeerde eenakters die samen Il Tritico vormen. De uitvoeringen van deze opera zijn nogal eens onverteerbaar. Allereerst is het een komische opera, met leuke lachhumor, die bij menig regisseur ontaardt in…. leuke lachhumor. Woody Allen, die Gianni Schicchi in 2015 regisseerde, vond deze opera weliswaar geestiger dan Tosca maar ook weer niet zo geestig als de Marx Brothers. En dan hebben we in Schicci ook nog de schabouwelijke Classic FM karaoke-kraker “O mio babbino caro”, de favoriete aria van het kwaadaardige tv-wonderkind met Rosemary’s Baby-achtige antecedenten die zo vals zingt als een compliment aan je schoonmoeder. En anders wordt de aria wel “prachtig gezongen” door de uitbaatster van snackbar “Happytaria” in Mariënveen die met #metoo-achtige praktijken tot Una Voce Particolare wist door te dringen. Er zijn nogal wat misverstanden over deze aria. Deze gaat NIET over een lief baby’tje, en er loopt ook geen direct lijntje naar “Vadertje lief” van Bob Scholte. (Bob Scholte was een 20e-eeuwse Joods-Nederlandse zanger, bekend van de wrange aanklacht -toen al!- tegen de hypocriete seksuele moraal, een aangrijpende lied met de titel “De Hond van Juffrouw Klont”. Luister hier)

“Babbino Caro” is de aria, in een satirische context, van een intrigante, Lauretta, die op sluwe wijze haar eigenbelang wil veiligstellen. Ze poogt namelijk haar vader, Gianni Schicci, in deze voorstelling uitstekend vertolkt door een voor deze rol iets te jonge bariton Massimo Cavalletti, zich te laten uitgeven voor de pas overleden Buoso Donati, die zijn bezittingen per testament aan een klooster heeft nagelaten. De familie is daar minder tevreden over en verzint bovengenoemde list. Schicchi wordt overgehaald, maar tot ontzetting van Donati’s nabestaanden gaat hij er zelf met de buit vandoor. De parallellen met de Nederlandse gezondheidszorg liggen voor de moderne regisseur voor het oprapen! Gemiste kans. Regisseur Jan Philipp Gloger hield zich, ondanks de (volstrekt onnodige) verplaatsing naar deze tijd, echter keurig aan het libretto. Eigenlijk toch een dikke pluim!

 

Nederlands Philharmonisch Orkest weer in topvorm

Tja, “O mio babbino caro” is, samen met de ouverture La forza del destino altijd weer een bezoeking. Een meedogenloze coupure is wel een oplossing, maar geen optie. Mariangela Sicilia, enkele jaren geleden in Amsterdam nog te bewonderen samen met John Osborne in Benvenuto Cellini, heeft een heerlijke, fraai geprojecteerde stem en zij zong de litigieuze aria zilverlicht en met onmiskenbaar veel muzikale smaak en godzijdank niet als showstopper. Die het natuurlijk wel werd. Desalniettemin, brava Mariangela!

Het Nederlands Philharmonisch Orkest speelde onder leiding van Marc Albrecht weer weergaloos en bracht de toehoorders vooral in Eine florentinische Tragödie, met haar sterk symfonische, gecomprimeerd-Straussiaanse karakter, genot van Wagneriaanse proporties. Over de regie van Jan Philipp Gloger waren wij niet ontevreden. Er wordt weliswaar veel gedraaid en gekanteld op het toneel. Niet omdat het moet maar omdat het kan. Overbodig maar niet storend. In de Zemlinsky-opera, met historische kostuums, zien we een leeg toneelbeeld en een grote zwarte ruimte. Moderne regie in zijn meest verdraagbare vorm. Bij Gianni Schicchi (eigentijdse kleding + voor de zekerheid een mobiele telefoon) bevinden we ons in een Italiaans villa, waarin een ziekenhuisbed. Ook hier gedraai en gekantel, maar onmiskenbaar een vlotte en geestige regie. Jan Philipp Glogers boodschap van beide opera’s: “Money makes the world go round.” Thanks for pointing that out, pal.

Bij de combinatie Eine florentinische Tragödie/Gianni Schicci kunnen wel enkele kanttekeningen geplaatst worden, maar dat neemt niet weg dat De Nationale Opera een uiterst geslaagde, originele double-bill bracht waarin voortreffelijk wordt gemusiceerd. Bovendien een uitgelezen mogelijkheid om de weinig gespeelde, door de nazi’s als “Entartete Kunst“ bestempelde, fraai georkestreerde opera van Zemlinsky bij te wonen.

Niet gaan is wel een optie, maar hoogst onverstandig.

Olivier Keegel (Gepubliceerd op 12/11/2017)

Er zijn nog voorstellingen op 14, 16, 19, 21, 24, 26 en 28 november 2017.

 

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

5 Comments

  1. Truus Blenderman schreef:

    Wij hadden ook een hele prettige avond. “Eine florentinische Tragödie duurt mij wat te lang, kan de helft af wat mij betreft maar dat is duidelijk een kwestie van voorkeur. Gianni Schicci hebben we van genoten. Compliment nog voor Willem Gomes die als Buoso Donati figureerde. Lekker leesvoer weer, deze recensie.

  2. Sharon S. schreef:

    Een milde, zelfs positieve recensie van Olivier Keegel, dat wil wat zeggen; inderdaad, zijn recensies zijn altijd vermakelijk leesvoer, niet zo braaf en saai als vele andere. Ik ga deze double bill zeker bezoeken. (En mij in Bob Scholten verdiepen. 🙂 )

  3. Basia Jaworski schreef:

    Mooi verwoord, Olivier! En – uiteraard – mee eens. Ik moet de mijne (hmmm……ik was me niet van bewust dat ik saai schrijf, maar misschien behoor ik niet tot “de velen” van Sharon S? 🙂 ) nog publiceren, maar for the time being is het misschien interessant om iets meer over de man Zemlinsky te lezen en vanwaar al zijn obsessies met de “schoonheid”… En de “lelijke man”….

    https://basiaconfuoco.wordpress.com/2017/11/02/eine-autobiografische-tragodie-alexander-zemlinsky-deel-1-de-man/

    Truus: Florentinische Tragödie te lang? Er is geen een overbodige noot in, hoor! Maar misschien is mijn discografie een beetje verhelderend?

    https://basiaconfuoco.wordpress.com/2017/11/05/eine-autobiografische-tragodie-alexander-zemlinsky-deel-4-warum-hast-du-mir-nicht-gesagt/

  4. V. Kouwenhoven schreef:

    Ik vind het briljant hoe Olivier Keegel en passant niet alleen het te recenseren werk maar ook een aantal Nederlandse programma’s en de Nederlandse Gezondheidszorg fileert. Hulde! Als er een recensie voor recensies bestond, dan wist ik het wel. Een tien met een griffel!

  5. Aukelien van Hoytema

    Dag Olivier,
    Wat een mooie, informerende en kloeke recensie. Helemaal mee eens.
    Dank!!
    Aukelien

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *