MATIGE BOLERO VAN VERDI

Les vêpres siciliennes

Ensemble. (Foto: Barbara Aumüller)

Les vêpres siciliennes, opera van Giuseppe Verdi op een tekst van Charles Duveyrier en Eugène Scribe naar hun libretto van Le duc d’Albe. De première vond plaats in de Opéra van Parijs op 13 juni 1855. Bijgewoonde voorstelling in de Oper Frankfurt op 9 december 2017.

Guy de Montfort: Christopher Maltman
Sire de Béthune: Brandon Cedel
Comte de Vaudemont: Jonathan Beyer
Henri: Leonardo Caimi
Jean Procida: Kihwan Sim
Comtesse Hélène: Barbara Haveman
Ninetta: Nina Tarandek

Chor, Extrachor (Herren) der Oper Frankfurt
Frankfurter Opern- und Museumsorchester

Dirigent: Stefan Soltesz
Regie: Jens-Daniel Herzog

Muzikaal:
Scenisch:

Noem Les vêpres siciliennes of I vespri siciliani en ik schiet binnen een seconde in de Cristina Deutekom-stand. Amsterdam, 1984, een zorgeloze operatijd waarin nog geen Warlikowski en Calixto Bieito te bekennen waren, en een onvergetelijke I vespri siciliani in de Amsterdamse Stadsschouwburg, met o.m. Pieter van den Berg en Adriaan van Limpt. En een onvergetelijke “usignolo olandese”, de Nederlandse nachtegaal, met haar Bolero. Leg daar de armzalige uitvoering van Callas eens naast.

De Oper Frankfurt brengt tot medio december Les vêpres siciliennes, een rommelige (who cares) opera vol prachtmelodieën en fantastische ensembles, onder de muzikale leiding van good old Stefan Soltesz, in een regie van Jens-Daniel Herzog. Dit was een van de eerste opera’s die Verdi voor Parijs schreef. Het gaat opvallend genoeg over de opstand van de Sicilianen tegen het Franse gezag. Of je een vegetariër trakteert op een etentje in het Texas Land & Cattle Steak House. Saint-Saëns vroeg Verdi dan ook vilein of zijn volgende Franse opera wellicht over de Slag bij Waterloo zou gaan.

De opera is er een van de vele met als onderwerp de opstand van een geknecht volk tegen de overheerser, opgeleukt met een persoonlijk amoureus tintje. In dit geval dus de in de 13e eeuw gespeelde wedstrijd Sicilië-Frankrijk, met de aftrap in handen van de Siciliaanse Hélène. Er schijnt inderdaad een Siciliaanse vrouw geweest te zijn die op weg was naar de avonddienst, de vespers dus, en onheus bejegend (ik bedoel: seksueel geïntimideerd) werd door een Franse soldaat. De soldaat werd door de Sicilianen vermoord en aldus werd het sein gegeven voor een slachtpartij onder alles wat Frans was.

 

Verhaaltje-stelt-niets-voor libretto

Les vêpres siciliennes, gebaseerd op een ingewikkeld, verhaaltje-stelt-niets-voor libretto van Eugène Scribe is een echte grote Franse opera met vijf aktes en het onvermijdelijke ballet, dat in deze uitvoering echter werd geschrapt. Naast de opstand spelen de zielenroerselen van de protagonisten Henri en Hélène een rol, alsmede het nationalisme van Jean Procida en de willekeurige machtsuitoefening van de Franse Gouverneur van Sicilië, Guy de Montfort.

Hélènes broer is gedood door de Fransen; haar patriottisch gezang leidt tot een opstand die vooralsnog niet tot volle bloei komt door ingrijpen van gouverneur Guy de Montfort. Maar Hélène, de jonge Siciliaan Henri en nationalist Jean Procida geven niet op. Henri wordt echter opgepakt door de Franse soldaten, in deze productie o.m. uitgerust met Frank Sinatra-hoedjes en….. zonnebrillen! Nu komt het op Procida aan: “Willen jullie meer of minder Fransen?!” Hij suggereert dat de Fransen de Siciliaanse vrouwen ontvoeren, en daar moet je bij de benepen Italianen (nog steeds) niet mee aankomen. Woedend zijn ze, ze krijgen zelfs de zondagse pasta van “Mamma” niet meer weg. U weet, in Italië zijn 13 miljoen “Mamma’s” die “de beste pasta van de wereld” maken. Er komt een kleine kink in de revolutionaire kabel als blijkt dat patriot Henri -“krijg nou wat!”- de zoon is van de vermaledijde Guy de Montfort: waar ligt nu zijn loyaliteit? Het dubbele paspoort was nog niet uitgevonden. De samenzweerders worden gevangengenomen maar kunnen gratie krijgen als Henri bereid is om Guy de Montfort “vader” te noemen. Deal! In de paleistuin wordt het huwelijk van Hélène en Henri gevierd. Maar Procida heeft het toch weer op de Fransen gemunt. Het luiden van de kerkklokken zal het teken zijn om de Franse bezetters eens flink te pakken te nemen. Er lijkt nog even een wending ten goede te komen, maar nee: als de klokken luiden, kan de Fransozen-slachting beginnen.

Les vêpres siciliennes bezoeken is in feite (lang) wachten op de “Bolero” van Hélène in de laatste acte. De rol van Hélène is duivels moeilijk en vraagt eigenlijk om een lyrische sopraan, een lirico spinto sopraan en een dramatische coloratuursopraan in één en dezelfde zangeres. Bij Barbara Haveman (Hélène) denken we niet zo snel aan een dramatische coloratuursopraan (terecht, zou blijken), maar zeer nadrukkelijke wel aan een lyrische sopraan, en al heel wat jaren ook aan een lirico spinto sopraan.

Hoe dan ook, de prachtige Groningse Haveman (nait soezen moar broezen), visueel een combinatie van Katja Schuurman en Juliette Gréco, zette op vocaal geroutineerde wijze de “terrorist” Hélène neer, met een rijke, krachtige stem. Althans in de eerste drie aktes. Daarna ging het mis: twee jammerlijke uitglijers aan het begin van de vierde acte, het duet met Henri. In de “Bolero” ging Haveman nog een keer op pijnlijke wijze de mist in en ook de coloraturen van de beroemde, maar nerveus gezongen “Bolero” waren ver beneden peil, zodat wij ook hier op onze honger bleven zitten. In de Duitse pers werd door sommigen ook haar acteertalent minder enthousiast beoordeeld, maar de Duitse operapers kun je net zo serieus nemen als Barbara Hannigan als dirigenteuse. Dat de protagonisten er soms wat sullig bijstonden, is geheel op het conto van de regisseur te schrijven.

Christopher Maltman (Guy de Montfort) is een betrouwbare vakman die eigenlijk nooit teleurstelt en deze voorstelling bijna in zijn eentje overeind hield. Hij ontpopte zich wederom als ideale Verdi-vertolker. Zijn bariton, die bij mij steeds associaties oproept aan de legendarische Nederlandse bariton Henk Smit (1932-2010), lijkt zich steeds maar verder te ontwikkelen, en ook in deze voorstelling smolten zijn indrukwekkende stimmliche kwaliteiten uitstekend samen met het meesterlijk door hem geschilderde portret van zijn personage Guy de Montfort. Zijn aria “Au sein de la puissance”, waarin De Montfort mijmert over zijn leven, vulde de zaal met een grote en aangename hoeveelheid pure Verdi. Habemus Verdi-bariton! De jonge Siciliaanse vrijheidsstrijder Henri, een veeleisende rol die tot aan de hoge Cis gaat, werd vertolkt door Leonardo Caimi: fysiek prima gecast, maar wat heeft deze Caimi een ongelofelijk irritant stemgeluid. Hij kent twee variaties: te hard en te veel volume. Niet helemaal waar: hij beschikt ook nog over de opties “veel te hard” en “veel te veel volume”. Voeg daarbij dat zijn hoge noten geforceerd en dus niet bijzonder fraai waren en dat hij daarmee alle ensembles aan gort schreeuwde, dan is mijn conclusie: ga in godsnaam dirigeren! Of leg je toe op de wereldkampioenschappen Hard Zingen. De jonge Noord-Koreaanse bas-bariton Kihwan Sim, die pas sinds 2010 op de operaplanken staat, was een tikje houterig als leider van de opstand, Jean Procida. Je mag van deze Noord-Koreaanse vertolker van de Siciliaanse Procida misschien geen vloeiend Frans verwachten, en dat was het, op zijn zachtst gezegd, ook niet. Het Frans van Kihwan Sim had net zo goed uit de Italiaans versie, I Vespri Siciliani, kunnen zijn. De stem is echter dik in orde en overtuigt wel degelijk, hoewel een klein scheutje passie erbij geen kwaad zou kunnen.

 

Regietombola: the sixties are the lucky winner!

Even de toon zetten. Kalasjnikov? Check. Pistolen? Check. Zonnebrillen? Check. Regisseur Jens-Daniel Herzog moet op een verjaardagsfeestje aan zijn tienjarige neefje gevraagd hebben een getal onder de honderd te noemen. “Zestig!” riep neefje braaf. “Ook weer opgelost”, dacht Herzog en hij verplaatste (zucht, zucht…) de opera naar de bankwereld van de jaren zestig van de vorige eeuw. Het decor was dan ook een bank, met gouden deuren, zoals in de jaren zestig gebruikelijk was (?). (Niet bij de Twentsche Bank in Mariaparochie.) “De tijd van protest en opkomend terrorisme”, aldus het programmaboekje. Voor het begrijpen van het verband tussen protest en opkomend terrorisme enerzijds en een 13e-eeuwse nationale vrijheidsstrijd anderzijds verwijs ik graag naar Toon Hermans: “Ik zit soms zwaar te denken over zonnen, zielen, hemelrijk. En eveneens verbijstert mij de uitslag Ajax-Elinkwijk.”

De schabouwelijke regie van Herzog, die de met een afgevuurd pistoolschot (?)  beginnende (potpourri) ouverture ook weer zo nodig moest ensceneren (“want ik heb wat te zeggen waar Verdi te dom voor was!”), ach, het kan altijd erger…. Wij hebben er verder ons Latijn niet ingestoken.

Vakman Stefan Soltesz leverde met zijn Frankfurter Opern- und Museumsorchester een muzikaal puike en nauwkeurig gearticuleerde Verdi af, waarvoor het publiek dan ook zeer terecht ruimhartige waardering toonde. Voor het (versterkte) koor van de Frankfurter Oper bleek gelijk inzetten helaas een onmogelijke opgave. Hilarisch om dit keer op keer te moeten horen.

Uw recensent wandelde, door een uitermate guur Frankfurt, de “Bolero” neuriënd, terug naar zijn hotel. Waar hij het niet kon nalaten Cristina Deutekom nog even uit de laptop te toveren.

Er is nog een voorstelling op 16/12/2017.

Olivier Keegel (Gepubliceerd op 10/12/2017)

5 Comments

  1. Mauricio Fernandez schreef:

    Gelukkig hebben ze de partituur niet helemaal vermorzeld zoals destijds bij DNO zo te lezen. En het ballett?? Ik kan mijn iets bij voorstellen in de trant van caissières in minirokken zwaaiend met molotovcocktails😆

  2. Mauricio Fernandez schreef:

    O ja, ik lees het al, ballet geschrapt, bravo!!!!

  3. Richard schreef:

    Als Les Vêpres Siciliennes niet tot in de puntjes optimaal bezet is, is deze opera niet te verteren. Jammer dat Barbara Haveman het er niet best afbracht.

  4. Hans van Verseveld schreef:

    Over de Deutekom Vespri ben ik het roerend met je eens (ik heb vier verschillende opnames in de kast staan 2x New York, Parijs en Amsterdam) Zo’n dramatische sopraan met coloratuur was toen en is nu nog steeds uiterst zeldzaam.
    Over de armzalige uitvoering met Callas bedoel je misschien de opnamekwaliteit en toch zeker niet de uitstekende cast inclusief een schitterende Maria Callas. Wederom een dramatische sopraan met coloratuur.
    Barbara Haveman is géén dramatische sopraan met coloratuur en dat wisten we al van die beroerde Vêpre uit Amsterdam. Verdi’s prachtige ballet werd daar wel uitgevoerd maar gruwelijk verpest door een afschuwelijk lachwekende choreografie
    Over het gecoupeerde ballet in Franfurt ( jammer, want ik hou er wel van) moeten we wel erkennen, dat het geniale muziek van Verdi is. Zouden ze best wel eens mogen spelen i.p.v. de eeuwige Forza ouverture die menig concert ontsiert.

    • Olivier schreef:

      Nee, ik bedoel niet de opnamekwaliteit, maar Callas zelf. Dynamisch in onbalans en de coloraturen van een ouwe vrijster die bij de bakker klaagt over de kwaliteit van de mariabiscuitjes. Liever Sutherland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.