“LA FEDELTA PREMIATA”

La fedelta premiata

Michael Terada, Milena Knauß, Jiyuan Qiu, Sissi Qi Wang en Chanho Lee (Foto: Carl Brunn)

La fedelta premiata (de beloonde trouw), opera van Joseph Haydn op een libretto van een anonieme collega, gebaseerd op Giambattista Lorenzi’s L’infedeltà fedele. Gecreëerd in het Theater van het Eszterhaza Paleis te Fertöd (Hongarije) op 25 februari 1781. Bijgewoonde première in het Theater Aachen op 1 juli 2017.

Celia (Fillide): Sissi Qi Wang
Fileno: Woongyi Lee
Amaranta: Milena Knauß
Conte Perrucchetto: Michael Terada
Nerina: Anna Sayn
Lindoro: Jiyuan Qiu
Melibeo: Chanho Lee

Orchester der Hochschule für Musik und Tanz Köln, Standort Aachen
Dirigent: Herbert Görtz
Regie: Tamara Heimbrock

Op 18 november 1779 brak er een brand uit in de balzaal van het lustslot Esterhaza. Het vuur werd weldra een inferno en het dichtbij gelegen operagebouw werd niet gespaard. Iedereen voegde zich bij de brandweer en het slot zelf – een Rococo bouwwerk – kon gered worden. Maar het operagebouw brandde tot de grond af en alle instrumenten, partituren en banden van de Esterhaza bibliotheek werden vernietigd. Het uitvoeringsmateriaal van al de symfonieën van Haydn vanaf 1761 tot 1779, alsmede dat van al zijn vroege opera’s werd vernield.
Door een wonder schijnt Haydn de autografieën van zijn partituren, o.a. van de meeste van zijn opera’s die hij voor 1779 schreef, in zijn eigen huis bewaard te hebben, waardoor ze de ramp min of meer overleefd hebben.
Vorst Eszterhazy was niet ontmoedigd en liet meteen een nieuw operagebouw optrekken dat twee jaar later ingehuldigd werd met een nieuwe opera van Joseph Haydn: La fedelta premiata!

Hoe dan ook, Haydn’s opera’s verdwenen van het speelplan van nagenoeg alle operahuizen na het overlijden van de componist. Pas in de tweede helft van de twintigste eeuw werden zij weer tot leven gewekt en het Holland Festival speelde hierin een belangrijke rol. Le Pescatrice, L’infedelta delusa en ook deze La fedelta premiata werden er voor het eerst na een ca. tweehonderdjarige rust terug opgevoerd.

Trouwe liefde kan dodelijk zijn. Zeker als elk jaar twee oprechte geliefden voor de godin Diana aan een zeemonster moeten opgeofferd worden. Daarom proberen de jongelingen in deze opera hun partner schijnbaar te verloochenen en wordt er ook geregeld van gezel verwisseld. Ernst en komedie gaan in deze opera hand in hand, maar de intriges volgen zich in zo’n hels tempo op, dat de toeschouwer al vlug de draad verliest. Het was dan ook een goed idee om tijdens de  aria’s niet de letterlijke vertaling in de boventiteling weer te geven, maar de naam van het personage dat zingt en in het kort wat hij/zij te vertellen heeft.

Nog voor de eerste noot van de ouverture aangezet werd, was het al een chaos van jewelste op de scène. Op de achtergrond klonk een vinnig Amerikaans deuntje, waarmee meteen de toon van deze opvoering gezet werd. Geen trouwe, droge weergave van deze zelden gespeelde Haydn-opera, maar een aangepaste versie die het muzikaal niet zo nauw neemt en waar het visuele aspect een even belangrijke rol speelt.

De solisten waren niet uit het gebruikelijke gezelschap van het Theater Aachen gerekruteerd, maar jonge, door de Hochschule für Musik und Tanz Köln/Aachen voor de Duitse operahuizen klaar gestoomde zangers.
Opvallend was het aantal Aziaten, vier van de zeven rollen, wat meteen verklaart waarom de operawereld er sinds enkele decennia door overspoeld is: zij vormen in de Duitse muziekscholen het gros van het leerlingencontingent! Niet dat wij iets tegen Aziaten hebben, integendeel, veruit de beste zanger van deze avond was Woongyi Lee, een lichte, goedgeschoolde tenor, ideaal voor Mozartrollen.
De bezetting was verder nogal wisselvallig met een weinig subtiele Milena Knauss als Amaranta en Sissi Qi Wang als Celia, die meer aandacht moest besteden aan een opgevuld schaap dan aan haar muzikale lijnen.
Opvallend was de welluidende bas Chanho Lee in de rol van Melibeo.

De regie van Tamara Heimbrock kan in één zin geresumeerd worden: te veel nutteloze poespas op de scène en te weinig aandacht voor de zangprestaties.

Het orkest speelde bijzonder vinnig, wat onstuimig onder de leiding van Herbert Görtz, geen broze, fijne weergave zoals wij die van de opname o.l.v Antal Dorati kennen.

Beslist niet het beste dat wij ooit op de Bühne van het Theater Aachen hoorden/zagen.

Er zijn nog voorstellingen op 7, 12 en 14 juli 2017.

G.M. (Gepubliceerd op 3 juli 2017)

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *