“SALOME”

 

Salome

Erika Sunnegårdh als Salome (Foto: Wiener Staatsoper / Michael Pöhn)

“Salome”, opera van Richard Strauss gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van Oscar Wilde. De componist schreef zelf het libretto naar de Duitse vertaling van Hedwig Lachmann. Gecreëerd in de Semperoper te Dresden op 9 december 1905. Bijgewoonde herneming in de Wiener Staatsoper op 24 september 2016.

Herodes: Gerhard A. Siegel
Herodias: Jane Henschel
Salome: Erika Sunnegårdh
Jochanaan: Matthias Goerne
Narraboth: Norbert Ernst

Orchester der Wiener Staatsoper
Dirigent: Alain Altinoglu
Regie: Boleslaw Barlog

Wenen, Jugendstil, Gustav Klimt, de jonge Richard Strauss: ze zijn allemaal enigszins met elkaar verwant door de Keizerstad (we weten dat Strauss van München is!) en de stijlvolle periode die de eeuwwisseling van 19 naar 20 kenmerkt.
We waren dan ook helemaal niet verrast met deze “Salome” in Art-Deco stijl en met kostuums & decors die een sterke stijlverwantschap aan Gustav Klimt vertonen. De productie is helemaal niet nieuw, aangezien wij niet minder dan de 226e opvoering in deze enscenering van Bosuslaw Barlog bijwoonden. Het was een echte verpozing om nog eens een “Salome” te beleven zonder de kenmerken van het moderne regietheater: geen vuurwapens, geen recente militaire uniformen…

Maar ook muzikaal was dit een geslaagde voorstelling. Christian Thielemann beschreef Strauss ooit als een geniale “parfumeur”. En inderdaad, wat in “Salome” aan kleur- en klankschakeringen uit de orkestbak vloeit, bevestigt overduidelijk welke geniale instrumentalist de jonge Strauss al was. Zeker bij deze uitvoering, waar dirigent Alain Altinoglu het Orkest van de Wiener Staatsoper tot een superieure prestatie bracht: dynamisch in de snelle gedeelten en rijk expressief in de langzame lyrische bladzijden.

Het tussenspel na de dialoog tussen Salome en Jochanaan hebben wij maar zelden met zulke orkestrale zweepslagen gehoord.

De solisten deden weinig voor elkaar onder en een grote gaafheid kenmerkte de prestaties van zowel de grote als de vele kleine rollen. Erika Sunnegårdh is voor ons geen onbekende: wij maakten al kennis met haar Salome in een recente opname van het Teatro Comunale di Bologna. Met haar kernachtige, slanke timbre en figuur, haar strakke toonvorming en haar voortreffelijke hoogte is zij bijna een ideale Salome. Enkel de resonantie zou nog wat aan uitstraling kunnen winnen.

Matthias Goerne was geen Jochanaan naar onze smaak. Zijn warme, maar wollige, gutturale baritonstem klonk genepen, helemaal niet vrij, al moeten wij toegeven dat  hij zijn hoge noten op een vlekkeloze manier wist te zetten.
Gerhard A. Siegel was daarentegen een superieure Herodes, niet de tenor op zijn retour waarmee de rol vaak bezet wordt, maar een kernachtige, heldere tenor waarvan zowel de vocale als de theatrale kwaliteiten een markante stempel op deze uitvoering drukten. Zo goed als ideaal was ook de mezzosopraan Jane Henschel als Herodias.

Tussen de vele kleine rollen vielen enkele mooie stemmen op, zoals de tenor Norbert Ernst als Narraboth en de bas Alexandru Moisuc als de eerste Nazareeër.

Een boeiende voorstelling die bij het slot terecht door de nokvolle zaal toegejuicht werd.

Er zijn nog voorstellingen op 30/1 en 2/2/2017.

G.M. (Gepubliceerd op 25/9/2016)

 

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *