“LE CINESI”

Le Cinesi

Le Cinesi (Foto © Simone Donati – TerraProject)

Le Cinesi, salonopera van Manuel Garcia op een libretto van Metastasio. Gecreëerd te Parijs in 1831. Première van deze productie door de Maggio Musicale Fiorentino / Opera di Firenze in het Königliches Kurtheater te Wildbad op 9 juli 2017. Bijgewoonde voorstelling op 21 juli 2017.

Lisinga: Francesca Longari (Sopraan)
Silvene: Giada Frasconi (Mezzosopraan)
Tangia: Ana Victoria Pitts (Mezzosopraan)
Silango: Patrick Kabongo Mubenga (Tenor)

Klavier: Michele D’Elia
Regie: Jochen Schönleber

Manuel del Populo Vicente Garcia schreef dit werkje in 1831 om in private kringen opgevoerd te worden in Parijs met zijn zangleerlingen als solisten. Dezelfde Manuel Garcia, een beroemde tenor, is natuurlijk ook gekend als de vader van twee dochters: Maria en Pauline. Ze werden allebei wereldberoemde zangeressen als Maria Malibran en Pauline Viardot. De muziek is bijzonder welluidend. Het is duidelijk dat Garcia geen eigen stijl ontwikkeld heeft, maar wel sterk beïnvloed werd door de componisten waarvan hij de werken zong: Mozart, Rossini en hun tijdgenoten zijn onmiskenbaar aanwezig.

Deze salonopera heeft inhoudelijk niet veel met China te maken. Het gaat over een zekere Lisinga, haar broer Silango en twee vriendinnen, Tangia en Silvene, waarvan de laatste een oogje heeft op Silango. Ze improviseren beurtelings theaterscènes in verschillende stijlen: een komedie, een tragedie en een pastorale. Dan zoeken zij een winnaar uit maar komen niet tot een vergelijk, waarop ze dan maar samen een ballet dansen. Het is zonneklaar dat deze inhoud niet veel om het lijf heeft en enkel bedoeld is om Garcia’s leerlingen beurtelings hun nummertje te laten zingen.

Het werkje werd hier in 2015 al opgevoerd, maar door de “Amics de l’Opera de Sarria” in Barcelona. Het is voor het Rossini Festival niet gebruikelijk dat een opera na zo’n korte periode al terug hernomen wordt, maar de opvoering met deze nieuwe bezetting loonde alleszins de moeite.

De drie dames deden in hun diverse aria’s en ensembles niet veel voor elkaar onder. Er werd met veel inzet gezongen en overtuigend geacteerd. Het was echter de tenor Patrick Kabongo Mubenga die vooral onze aandacht weerhield. Wij hoorden hem de dag ervoor in de twee kleine rolletjes van Maometto II en zijn heldere tenorstem was ons niet ontgaan. Met de uitbeelding van Silango bleek hij veel meer in zijn marge te hebben: hij zong zijn aria’s met een zo goed als volmaakte en strakke toonvorming, mooi aangezette en heldere hoge noten. Bovendien bezit hij een niet te verwaarlozen komisch talent. Een Rossini-tenor in wording?

De enscenering van Jochen Schönleber was kleurrijk en liet de stipendiaten van de Accademia del Maggio Musicale Fiorentino toe in diverse outfits te paraderen.

Het klavier werd bijna volledig in een zijvleugel van de toneelruimte geduwd, zodat de onrechtstreekse klank de zangers nooit overstemde. Michele D’Elia verdient niets dan lof dat hij zijn piano niet als slagwerk hanteerde en de zangers steeds met een zacht, parelend geluid begeleidde. (Wij dachten meermaals aan Schubert!) Het was ook opvallend hoe mooi en melodieus deze pianobegeleiding was.

G.M. (Gepubliceerd op 21/07/2017)

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *