ELINA GARANCA ALS ONBETWISTE FAVORITE

La Favorite

Ensemble en koor. (Foto © Wilfried Hösl)

La Favorite (Franse versie), opera in 4 actes van Gaetano Donizetti (1797–1848) op een ibretto van Alphonse Royer, Gustave Vaëz en Eugène Scribe. Première op 2 december 1840 in de Salle Le Peletier te Parijs. Bijgewoonde voorstelling te München, Bayerische Staatsoper (Münchner Opernfestspiele) op 26 juli 2017.

Léonor de Guzman: Elina Garanca
Fernand: Matthew Polenzani
Alphonse XI: Mariusz Kwiecien
Balthazar: Mika Kares
Don Gaspard: Joshua Owen Mills
Inès: Elsa Benoit

Bayerisches Staatsorchester
Chor der Bayerischen Staatsoper

Muzikale leiding: Karel Mark Chichon

Regie: Amélie Niermeyer

Muzikaal:
Scenisch:

La Favorite

Elina Garanca als Leonor en Mika Kares als Balthazar. (Foto © Wilfried Hösl)

La Favorite

Matthew Polenzani als Fernand, Elina Garanca als Léonor de Guzman, Mariusz Kwiecien als Alphonse XI en Ensemble. (Foto © Wilfried Hösl)

La Favorite

Matthew Polenzani als Fernand, Elina Garanca als Léonor de Guzman en Mariusz Kwiecien als Alphonse XI. (Foto © Wilfried Hösl)

La Favorite

Mariusz Kwiecien als Alphonse XI, Elina Garanca als Léonor de Guzman, Matthew Polenzani als Fernand.en koor. (Foto © Wilfried Hösl)

Willen degenen die ooit La Favorite van Donizetti hebben bijgewoond, hun vinger opsteken? ………..  Ik zie weinig vingers. Zeker weinig Nederlandse vingers. Of u moet toevallig in 2016 of 2017 naar Cottbus, Las Palmas, London, München of Venetië zijn geweest. Want daar wordt dit plezierige meesterwerkje van Donizetti wél uitgevoerd. In Nederland moeten we tot 1992 (!) teruggaan. Toen kwam de Opéra Comique de Paris langs in het toenmalige AT&T Danstheater te Den Haag.  In de thuisbasis van De Nederlandse Opera, het Muziektheater, is La Favorite nooit door de ballotage gekomen. Niet dat we mogen klagen, want het is nog maar 5 jaar geleden dat we op het magistrale gegil van Waiting for Miss Monroe getrakteerd werden, een eigentijdse opera van Nederlandse bodem die in Amsterdam aan zijn wereldwijde zegetocht begon. (NOT. Wereldwijd 2 uitvoeringen, beide in Amsterdam.) Donizetti wordt stiefmoederlijk bedeeld in Nederland, de muziek ligt waarschijnlijk te goed in het gehoor, en dat kan nooit goed zijn. Van de ca 70 opera’s die hij heeft geschreven, krijgen we zo nu en dan de verplichte nummers toegeworpen: Lucia di Lammermoor, Don Pasquale e tutti quanti.

La Favorite onderschat

En toch is La Favorite zeker het aanhoren meer dan waard. Alleen de fraai opgebouwde ouverture is al zeer interessant. Donizetti componeerde deze opera en ook La fille du régiment in 1840 te Parijs. Het verhaaltje stelt, zoals bij de meeste opera’s,  op verheugende wijze niets voor. Fernand, een novice in het klooster Santiago de Compostella, heeft zich hormonaal laten beïnvloeden door Léonor, en beraamt een Sound of Music ontsnapping uit zijn religieuze gevangenschap. Kleine complicatie: Léonor doet het met de koning, Alphonse XI.  Omdat er brood op de plank moet komen, neemt Fernand een baantje als generaal. Dat ligt hem wel, en hij wordt onderscheiden door…. inderdaad, de Koning. Als beloning voor zijn militaire prestaties mag Fernand in het huwelijk treden met Léonor. De sucker weet nog van niks, maar na zijn bruiloft begint hem het een en ander te dagen. “Ikke terug willen naar klooster”, piept de armzalige. Zo gezegd, zo gedaan. En wie komt ‘m daar opzoeken? Juist, de promiscue Léonor!  Bij Fernand springt de vonk wederom over, maar Léonor heeft alweer een vervelende verrassing in petto. Zij besluit in Fernands armen te sterven. Fernand zingt er een liedje bij. Helaas was de personenregie van regisseuse Amélie Niermeyer  in de sterfacte nogal clichématig en  onbeholpen.

Hoe clichématig deze driehoeksverhouding tussen koning, minnares en novice/ex-novice/novice ook is, deze sterk georkestreerde opera behoort echt tot het beste dat Donizetti heeft geschreven. In München, het operahuis met het best geklede publiek van Europa, werd Léonor vertolkt door de in alle opzichten zeer geslaagde en in briljante vorm verkerende lyrische mezzosopraan Elīna Garanca, wier kwaliteiten probleemloos passen in het rijtje Frederica von Stade, Anne Sofie von Otter en Susan Graham: een schitterend stralende Léonor, gekleed in een zondig roodfluwelen gewaad en als concessie aan de moderne tijd uitgerust met zonnebril. Zonnebril, jawel. Haar vocale suprematie valt zelfs op als zij in een dialoog een kleine frase te zingen heeft: een kwaliteitsimpuls die de zaal, voor zover nodig, weer volledig bij de les krijgt. In de derde acte zong zij “O mon Fernand” met een verbazingwekkende rijkdom fraaie tonen, kleuren en details. De tijd stond even stil.  De prachtige tonen in haar middenregister deden heel München op gelukzalige wijze resoneren.

Houten stoelen

Regisseuse Amélie Niermeyer had nog van alles bedacht rond deze La Favorite; om er achter te komen wát precies, dient men het programmaboekje te bestuderen, liefst enkele dagen van te voren. Het leek er erg op dat Niemeyer op de Bühne het seculiere tegenover het spirituele wilde zetten, en daar had ze geen ongelijk in. Wij zagen zelfs een levende Christus aan het kruis die de boel zo’n beetje aan het bekijken was en van zijn toch traditionele fysieke ongemak niet veel last scheen te hebben. Ook trof mij als bijzonder dat een maîtresse een koning een klap in het gezicht geeft omdat zij niet gediend is van zijn avances; een anachronisme, hoewel ik niet goed op de hoogte ben van de hedendaagse omgangsvormen tussen royalty en seksuele assistentes (m/v).  Er waren schuivende panelen, die samen met een uitgekiende verlichting (het was de hele voorstelling Kerstmis) voor een bij tijd en wijlen prachtig toneelbeeld zorgden, en er waren veel lelijke houten stoelen, die men misschien wel in een klooster maar minder snel in hofkringen zou verwachten. De stoelen speelden een hoofdrol en er werd naar hartenlust mee gesold. De kloosterlingen gingen wat armoedig gekleed in afgedragen C&A kostuums uit de kringloopwinkel. Maar wat wil je, moderne regie!

Bariton Mariusz Kwiecien was Koning Alphonse, uitgedost als een protagonist uit Mean Streets; hij klonk mij wat afgevlakt in de oren. Zijn registerwisselingen waren niet altijd even soepel, de aanloopjes tot de te zingen noten te talrijk en zijn intonatie niet feilloos. Maar zijn pantomime tijdens de balletmuziek, waarin hij met Léonor naar een film of tv zit te kijken (wij twijfelden tussen een cowboyfilm, een voetbalwedstrijd of een oorlogsfilm), getuigt echter van groot acteertalent. Zeer komisch! Bravo! Om Spanga-achtige redenen moest er ook nog even een blow job geïncorporeerd worden, maar deze was binnen een paar seconden gepiept c.q. gepijpt.  Matthew Polenzani zette een overtuigende en vocaal zeer elegante Fernand neer, hoewel men vergeefs wachtte op het echte belcanto zingen. Polenzani kan heel zacht zingen, maar is daarmee nog geen tenore di grazia, het stemtype dat zo goed in deze rol past.  De Finse bas Mika Kares maakte met zijn prachtige timbre indruk als Balthazar, terwijl de belcantissima Elsa Benoit het hart van het publiek stal met haar schitterend gezongen vertolking van Inès. De jonge Welse tenor Joshua Owen Mills (Don Gaspard) is lid van de Opera Studio van de Bayerische Staatsoper; een exceptioneel talent met een uitstekende podiumprésence. Het koor was ondanks een paar ongelijke inzetten zeer fraai van klank.

Karel Mark Chichon leidde het Bayeriches Staatsorchester superieur, met respect voor de muziek van Donizetti die contrary to popular belief wel degelijk interessante muziek heeft geschreven. In La Favorite hoorde ik Guillaume Tell en zelfs Beethoven VI, de Pastorale, voorbijkomen. Chichon laat de solisten de ruimte (maar niet genoeg, daarover later), en heeft volledige controle over de massale koorscenes. En toch. Kan het niet eens wat zachter? La Favorite is een belcanto-opera, Fernand is bedoeld als tenor leggiero for God’s sake! Bij het belcanto gaat het voor alles, o wonder, om het mooie zingen. Geef de zangers dan ook de kans om de volle glans van hun stem, om het gehele scala van grote en kleine emoties, de perfecte controle en de subtiele en exquise fraseringen te laten klinken.  Men beluistere de onvolprezen Tito Schipa: klik hier.

Hetgeen niet wegneemt, Elina Garanca blijft Elina Garanca. Vaut le détour.

Olivier Keegel (Gepubliceerd op 27/7/2017)

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

5 Comments

  1. Truus Blenderman schreef:

    Wat is dit een duidelijk beeld van wat wij gemist hebben. Een vermakelijk verhaal zoals we van je gewend zijn.

  2. Fred Coeleman schreef:

    Ja, het was lekker binnenkomen; eerst de entree in een van de mooiere operahuizen in Noord Europa; de Bayerische Staatsoper had het weer goed voor elkaar; de jonge Elsa Benoit als een triomferende Ines was al een feestje; dan hadden we nog Elina Garanca die een fenomenale Leonor neerzette, wat een heerlijk stem, in de hoogte en laagte fraai ; Matthew Polenzani, een zeer mooie tenorstem, en de rol kan hij aan; belcanto of niet, dat zachte zingen van hem was zo gaaf; en misschien hoort belcanto ook wel niet thuis in La Favorite???;Marius Kwiecien was onze Koning Alphonse en wat een verschijning, lekker knal koningsblauw, stond hem goed en zingen kan hij ook; en zijn “ballet” versie was werkelijk een geweldige scene, en acteren kan hij zo verdomde goed,, misschien nog wel beter als zingen……;Mika Kares was de bas die een enorme klankkast heeft en van hem zullen we nog veel gaan horen; de jonge Joshua Owen Mills kwam ook geweldig op het toneel; eerste klas intrigant, veelal voor de Koning werkend, maar zorgt dat het koor vaak zijn orders opvolgt. Het Bayerisches Staatsorchester speelde prima, ze zaten best wat hoog in de orkestbak en misschien speelde ze af en toe te luid, niet altijd hoorde je alle solisten bij de grote samenzang duidelijk naar voren komen; de enscenering was OK, beetje te veel lampjes, Kerstmis viel vroeg… was ook donker en regenachtig buiten….. Ben blij dat ik deze Favorite heb kunnen zien

  3. Hans van Versevels schreef:

    Jazeker Olivier, ik zag La Favorite in 1981 in Gent. Daarna in 1992 in Den Haag, waarvan zelfs nog een opname bestaat en in 1998 in het Amsterdamse Concertgebouw tijdens een Vara Matinee. Da’s dus drie keer de vinger opgestoken.
    Jammer dat je in jouw verhaal deze Grand-Opéra van Donizetti een beetje lachwekkend en zelfs denigrerend neerzet.
    Dat kan toch echt beter. Laten we eerlijk zijn we hebben het hier niet over een operauitvoering in Spanga!
    De grandioze vierde akte verdient het gewoon om niet afgedaan te worden met de mededeling, dat Fernand een ‘liedje’ zingt tijdens het sterven van Léonor.
    Ik was er niet bij, dus over de kwaliteit van de zang en de zangers zwijg ik, hoewel ik wel twijfels heb of Doninzetti de partij van Fernand voor een tenore di grazia schreef.

  4. Olivier Keegel schreef:

    Beste Hans, de lichte toon betreft alleen het onbenullige libretto. De muziek en de zangers krijgen het volle pond. Bij de première in 1840 werd Fernand vertolkt door tenore di grazia Gilbert Duprez, de zanger-componist. Ook Dino Borgioli heeft deze rol gedaan ( https://youtu.be/thn_yfgaSG0 ), maar hij werd overvleugeld door tenore di grazia assoluto: Tito Schipa. ( https://youtu.be/V1WgZSW3mF8)

  5. Otto schreef:

    Een fijne recensie. De “lichte toon” ter zake van het libretto is verfrissend. Waar het om gaat, de muziek, de zangers, zijn uitstekend belichd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *