“JUBILEUMCONCERT deCHORALE 100 JAAR”

deCHORALE

deCHORALE

Korensymfonie van Lodewijk de Vocht, voor het eerst integraal uitgevoerd te Antwerpen op 19 maart 1933, en creatie van het oratorium “Pygmalion” van Martin Valcke op teksten van Bernard Dewulf. Bijgewoond concert in de Blauwe Zaal van deSingel te Antwerpen op 6 november 2016.

Liebeth Devos, sopraan
Ronny Mosuse, zang

deCHORALE, Orkest La Passione & Combo Ensemble
Dirigent: Paul Dinneweth

Het lag voor de hand dat deCHORALE haar honderdjarig jubileum zou vieren met een werk van Lodewijk de Vocht, gezien de Chorale Caecilia in 1916 op zijn initiatief gesticht werd.

De korensymfonie is een werk dat zijn naam verdient: het koor is prominent aanwezig in elk van de drie bewegingen en of deCHORALE nu zong in het inleidende langzame moderato, in het allegretto of in het allegro con brio van de finale, het klonk allemaal even luid. Dat het geheel nogal ongenuanceerd overkwam, ligt zeker niet aan de zangprestaties van het koor, maar meer aan de compositie zelf, die naar onze smaak nogal bombastisch is en zo goed als geen interpretatiemogelijkheden biedt. Dat het werk geen tekst bevat en het koor enkel klanken moet produceren, was zeker niet om dat te verhelpen.
Gedurende de uitvoering werden foto’s en filmpjes uit de oude doos op een scherm boven het orkest geprojecteerd.

Het tweede werk dat op het programma stond was “Pygmalion” van de voor ons onbekende componist Martin Valcke. De geprojecteerde teksten van Bernard Dewulf, een incoherente mengeling van beschouwingen over man en vrouw met (te) veel herhalingen kon ons maar matig bekoren, maar de muziek van Martin Valcke had ons meteen in haar greep. Donker, aards, mistig en mysterieus waren de klanken die de aanvankelijke duisternis moesten weergeven. Daarna zwelde het orkest aan tot een mooi harmonisch geheel. De muziek is ook melodieus en er is afwisseling tussen ingetogen viool- en gitaarsolo’s, aria’s, een duet en koren. Liesbeth Devos zong welluidend en stijlvol zoals wij van haar gewoon zijn en haar heldere sopraanstem verklankte probleemloos de lange, mooie legatobogen. Jammer dat zij enkele duo’s moest delen met Ronny Mosuse, een figuur uit de popwereld die een afschuwelijk gejank in zijn micro perste.

Wat een absurd idee van de componist om deze welluidende compositie te ontsieren door een volkomen misplaatste en uiterst onaangename inmenging van een afro-amerikaanse muzieksoort.
Wie heeft daar een boodschap aan? Zeker niet het vaste publiek van de Choraleconcerten die zweren bij Bach en Händel! Zij moeten dag in dag uit op radio en tv onbeduidende (amper muzikale) rommel ondergaan en zij zijn zeker niet opgetogen dat ze die nu ook nog tussen concerten moeten aanhoren.

Het koor bewees dat het over een heel gamma van schakeringen beschikte en klonk overtuigend qua precisie en klankschoonheid.
Het orkest La Passione is sinds jaren een vaste waarde voor de concerten van deCHORALE en haar bezielende leider Paul Dinneweth gaf hier nogmaals blijk van zijn uitstekende kwaliteiten om een koor en een orkest homogeen, slagvaardig en gedisciplineerd te laten klinken.

“Pygmalion” is beslist een oratorium dat het verdient om in de toekomst nog uitgevoerd te worden, maar dan liefst bewerkt voor een geschoolde baritonstem in plaats van een popzanger. De enkele swingende deuntjes voor het koor kunnen misschien ook best achterwege gelaten worden…

Elk deel van het concert werd voorafgegaan door een (kort maar toch nog te lang) interview met de dirigent en met Martin Valcke. Zoiets hoort meer thuis in een parochie- dan in een concertzaal. Wij nemen aan dat het publiek kan lezen, waarom worden die interviews dan niet gewoonweg in het programmaboekje afgedrukt? Of zoals het nu bij concerten en operavoorstellingen gebruikelijk geworden is: een inleiding voor de aanvang van het concert?

Er is nog een uitvoering op 8 november 2016.

G.M. (Gepubliceerd op 7/11/2016)

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *