OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN BRAUNSCHWEIG

“LA FALENA”

Staatstheater BraunschweigOpera van Antonio Smareglia op een libretto van Silvio Benco. Gecreëerd in het Teatro Rossini te Venetië op 6 September 1897. Première van deze productie in het Staatstheater te Brauschweig op 15 april 2016. Bijgewoonde voorstelling op 7 mei 2016. Gezongen in het Italiaans met Duitse boventiteling.

La Falena - Orhan Yildiz als Uberto, Ekaterina Kudryavtseva als Albina en koor (Foto © Volker Beinhorn)Antonio Smareglia is een componist waar de doorsnee operaliefhebber waarschijnlijk nog nooit van gehoord heeft. Nochtans maakte Loewenberg’s “Opera Annals” al melding van enkele van zijn werken en er bestaan ook verschillende pagina’s van Wikipedia op zijn naam. Van “La Falena” bestaat een CD-opname uit Trieste uit 1975 met Leyla Gencer in de titelrol.
De componist beschreef zelf het werk als “poëtisch theater”. “Falena” is het Italiaanse woord voor een mot, maar dat is slechts symbolisch bedoeld omdat het hoofdpersonage zich gedraagt als een nachtvlinder. De opera speelt zich af in een onwerkelijke wereld waar de mysterieuze en boosaardige Falena mannen verleidt met erotische spelletjes om daarna in het donker te verdwijnen. Zij beperkt zich echter niet tot charmeren, zij zet haar slachtoffers ook aan tot gruweldaden. Zoals ze het zelf uitdrukt: de liefde is haar boog en de haat zijn haar pijlen. Zo bezwijkt ook Koning Stellio voor haar toverkracht en doodt hij de vader van zijn geliefde Albina. Falena is de verpersoonlijking van de “femme fatale”, zoals die voorgesteld wordt in de werken van de prerafaëlieten, o.a. “La Belle Dame sans merci” (1893) van J.W. Waterhouse en “The beguiling of Merlin” (1874) van Edward Burne-Jones, intens dramatisch en volgens de woorden van librettist Benco, rijk aan mogelijkheden voor een "rusteloze en bizarre muziek".

Het was trouwens de muziek die bij deze voorstelling het meest onze aandacht weerhield. De toonspraak is uitgesproken laatromantisch, melodieus, rijk georkestreerd en onder de muzikale leiding van Florian Ludwig schilderde het Staatsorchester Braunschweig op magistrale wijze de nachtelijke en mysterieuze sferen.

Naast dit rijke klankpalet was de regie nogal rechtlijnig en sfeerloos. Met zo’n mysterieus, sprookjesachtig gegeven en met de schilderijen van de prerafaëlieten in het achterhoofd, hadden wij een enscenering verwacht die ons naar hogere, droomachtige regionen zou voeren.
La Falena - Nadja Stefanoff als Falena en koor (Foto © Volker Beinhorn)Regisseur Michael Schulz gooide het echter over een andere boeg. Hij verplaatste het gegeven naar het begin van de twintigste eeuw en spitste zich toe op het feministische element: sterke vrouwen en zwakke mannen. De verleiding beperkte zich dan ook tot hoge hakken, zwarte kousen en jarretelles. En waarom toch al die rechthoekige decorstukken en die sfeerloze rommel, terwijl het met enkele projecties en kleurrijke belichtingen veel efficiënter en ook goedkoper had gekund.
De kostuums van Renée Listerdal waren geen toonbeeld van goede smaak. Om maar een voorbeeld te geven: La Falena draagt in de tweede akte een nauw aansluitende charlestonjurk. Niets verkeerd daarmee, ware het niet dat door een onbeschaamd strijklicht bepaalde lichaamsdelen nogal prominent afgetekend werden. Sexy? Misschien wel, maar dan met weinig gevoel voor esthetiek. Wij dachten onwillekeurig aan Twiggy in “The Boy Friend”. Die had daar geen probleem mee.

Vocaal waren de vrouwen hier ook sterker dan de mannen. Nadja Stefanoff is een lichte mezzo met een aangenaam timbre en een trefzekere hoogte. Zij liet als La Falena geen moment onbenut om haar bedrieglijke charmes tentoon te spreiden. Opvallend jeugdig en fraai klonk de jonge Russische sopraan Ekaterina Kudryavtseva als de deugdzame Albina, de absolute tegenpool van La Falena.

Wij waren minder opgetogen met de tenors, vooral met Arthur Shen, die de Zuiderse glans van een Italiaanse tenor mist voor de zware rol van Stellio, de koning die zich laat vangen in het web van La Falena. Die glans had wel Michael Ha in het kleine rolletje van een dief. Het is een bijzonder lichte tenor en na een mooie inzet, die helaas maar van korte duur was, klonk hij minder flexibel en onzeker.

La Falena - Nadja Stefanoff als Falena en Arthur Shen als Stellio (Foto © Volker Beinhorn)Twee Turken vervolledigden de bezetting, de nogal droge, donkere bariton Orhan Yildiz als Uberto, de vader van Albina en Selçuk Hakan Tirasuglu als Morio, een sonore bas met weinig warmte, maar die wel gezag uitstraalde.

Niets dan lof voor het koor van het Staatstheater Braunschweig, dat een niet te onderschatten rol speelt in deze opera.

“La Falena” is een opera die wij graag nogmaals willen beluisteren, maar dan liefst met een sterbezetting, via CD met de tekst bij de hand. Het leidt geen twijfel dat het een werk is dat je meermaals moet horen voordat het zich muzikaal pas écht prijs geeft.

Er zijn nog voorstellingen op 22, 31 mei en 23 juni 2016.

G.M. (Gepubliceerd op 9/5/2016)

Foto's van boven naar onder:

1) Orhan Yildiz als Uberto, Ekaterina Kudryavtseva als Albina en koor.
2) Nadja Stefanoff als Falena en koor.
3) Nadja Stefanoff als Falena en Arthur Shen als Stellio.

Copyright foto's © Volker Beinhorn.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

“ORLANDO”

Staatstheater BraunschweigOpera in vijf eeuwen van Peter Aderhold op een libretto van Sharon L. Joyce naar de roman van Virginia Woolf. Gecreëerd in het Kleines Haus van het Staatstheater te Brauschweig op 22 april 2016. Bijgewoonde voorstelling op 8 mei 2016. Gezongen in het Engels met Duitse boventiteling.

Orlando - Matthias Stier als Queen en figuranten. (Foto © Volker Beinhorn)Toen wij in onze jonge jaren de werken van Virginia Woolf lazen, wisten wij niets over haar lesbische verhouding met Vita Sackville-West. Wij waren op de hoogte van haar depressies met in 1941 haar zelfmoord tot gevolg. Gezien de evolutie van onze maatschappij, waar om de haverklap en uitsluitend positief gesproken wordt over homoseksualiteit, lesbische liefde en sinds kort over transgenders, moet de componist Peter Aderhold gedacht hebben dat er een gat in de operamarkt was ontstaan en dat “Orlando” dringend op muziek gezet moest worden. Het was een schot in de roos, want met deze opera werd hij de winnaar van de eerste “Internationalen Opernpreis Braunschweig”.

Virginia Woolf’s in 1928 verschenen biografische roman „Orlando“ geldt als de langste liefdesbrief uit de literatuurgeschiedenis. Zij droeg de roman op aan haar toenmalige geliefde, de schrijfster Vita Sackville-West, die tevens als voorbeeld gold voor de romanfiguur van Orlando.
Orlando heeft hier niets gemeen met de Orlando Furioso uit het episch gedicht van Ariosto en de opera’s van Händel, Vivaldi e.a. die erop gebaseerd zijn.
In het boek van Virigina Woolf is Orlando een jongeling die onder verschillende vermommingen gedurende vijf eeuwen leeft. Hij is een page van Queen Elisabeth I, een “beau” aan het Hof van King James, hij wordt zelfs ambassadeur in Constantinopel. Terwijl rondom hem een revolutie plaats heeft, valt hij in een diepe slaap om als vrouw te ontwaken. Orlando is als vrouw al even mooi, sensueel en modieus onstuitbaar als toen hij een man was. De tijden veranderen, maar Orlando blijft onophoudelijk jong en gedurende de vijf eeuwen werkt hij aan het gedicht “The Oak Tree”.

Orlando - Mirella Hagen als Sasha (Foto © Volker Beinhorn)De muziek werd niet geïllustreerd door bepaalde klanken die typisch zijn voor de periode waarin Orlando leefde, wel werd de tijdsgeest nagestreefd. Een uitzondering is het gebruik van het cembalo voor de renaissanceperiode en typische instrumenten voor de Arabische wereld. Voor de hedendaagse wereld werd geen specifiek instrument gebruikt, de nadruk werd gelegd op een totale dimensie. Voor een hedendaags werk klonk de muziek uitzonderlijk gedoseerd, ondanks het solistisch optreden van bijvoorbeeld de hoorn of het klokkenspel. De dirigent Christopher Hein hield het Staatsorchester Braunschweig goed in de hand.

De zangers daarentegen klonken niet steeds gedoseerd. De zaal van het “Kleines Haus” is tenslotte een klein broertje van de grote opera en het zangvolume zou in verhouding moeten aangepast worden. De toeschouwers zaten bijna tussen de vertolkers, want de bühne was opgebouwd als een catwalk. De hoofdrol was in handen van de Litouwse mezzosopraan Milda Tubelyte. Niets dan lof voor haar zware vocale prestatie, maar haar “overacting” werkte wel storend. Virginia Woolf werd verwoord door Lydia Moellenhoff. Ondanks de nodige versterking was haar Engelse tekstvoordracht niet steeds te volgen. Ook de andere personages leden allemaal aan hetzelfde euvel van overdrijving. De mezzosopraan Anne Schuldt als Pepita, de basbariton Rossen Krastev als Mick Greene, die meer riep dan zong, en de lichte tenor Matthias Stier in een groteske uitbeelding van Queen Elisabeth I. Zij zongen allemaal te luid en waren te uitbundig in hun acteerprestaties. Een uitzondering willen wij maken voor de sopraan Mirella Hagen. Deze Duitse sopraan wist de partij van de sensuele Sasha mooi te doseren en dat was een balsem voor onze oren. De schuld voor de overacting ligt waarschijnlijk bij de regisseur Roland Schwab. De kostuums van Gabriele Rupprecht waren een mix van stijlen, soms geslaagd en soms nogal platvloers, maar volledig in overeenstemming met de hedendaagse normen van het regietheater.

Orlando - Milda Tubelyte als Orlando. ( Foto © Volker Beinhorn)Vooral orkestraal vonden wij deze nieuwe opera best genietbaar. Voor operaliefhebbers die graag up to date zijn in onze maatschappij is deze “Orlando” waarschijnlijk een must.

Er zijn nog voorstellingen op 13, 22 mei, 5 en 22 juni 2016.

P.T. (Gepubliceerd op 10/5/2016)

Foto’s van boven naar onder:

1) Matthias Stier als Queen en figuranten.
2) Mirella Hagen als Sasha.
3) Milda Tubelyte als Orlando.

Copyright foto's © Volker Beinhorn.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND