OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN BONN

Theater Bonn

“JERUSALEM”

Grand Opera van Giuseppe Verdi op een Frans libretto van Alphonse Royer and Gustave Vaëz. Gecreëerd in de Opera van Parijs op 26 november 1847.
Bijgewoonde première in het Theater Bonn op 31 januari 2016.

Jérusalem - Csaba Szegedi als Graaf van Toulouse, Anna Princeva als Hélène, Brigitte Jung als Isaure, Sébastien Guèze als Gaston en koor. (Foto: Thilo Beu)In de zomer van 1847 vond in Londen de creatie plaats van Verdi’s opera “I Masnadieri”. De opvoering, met niet minder dan de beroemde Jenny Lind in de rol van Amalia, werd gedirigeerd door Verdi himself en in de Koninklijke loge zaten Queen Victoria en haar echtgenoot Albert.
Toen Verdi op zijn terugweg van Londen naar Italië kortstondig in Parijs verbleef, werd hij gecontacteerd door de directie van de Opera van Parijs om tegen het herfstseizoen van hetzelfde jaar een nieuwe opera te schrijven. Rossini of Donizetti zouden dat op zo’n korte tijdspanne wel klaar gespeeld hebben, maar Verdi wees aanvankelijk het aanbod af. Ondanks de triomf die hij zojuist gevierd had in Londen, was de verleiding echter groot: enkele van zijn opera's waren dan al wel in Parijs opgevoerd, maar dat was in het Theatre Italien. De “Grand Opéra”, toen nog de “Academie Royale de Musique” genoemd, was nog een trapje hoger en in de negentiende eeuw zelfs het summum van wat een componist als opvoeringplaats voor zijn werken kon bereiken. Verdi kon tenslotte niet aan de verleiding weerstaan en werd bereid gevonden om een bestaande opera te bewerken naar een Franse versie.

Het kwam tot een akkoord en de keuze viel op de vier jaar vroeger gecomponeerde opera “I Lombardi alla prima crociata”. Het resultaat was “Jérusalem”, dat in een weelderige enscenering opgevoerd werd met niet minder dan de gevierde tenor Gilbert Duprez in de rol van Gaston. Het voor Parijs obligate ballet werd natuurlijk bijgecomponeerd en de structuur van de opera onderging enkele wijzigingen die de dramatiek ten goede kwamen.
Paradoxaal werd deze Franse bewerking op haar beurt terug naar het Italiaans vertaald als “Gerusalemme” en als dusdanig in de Scala te Milaan opgevoerd in 1850. Hoe dan ook, beide versies verdwenen na enkele jaren volledig van het speelplan en opvoeringen zijn ook nu nog een zeldzaamheid.

Jérusalem - Anna Princeva als Hélène, Sébastien Guèze als Gaston en Franz Hawlata als Roger. (Foto: Thilo Beu)Het Theater Bonn opteerde voor de Frans gezongen versie. Het klink altijd wat onwennig om Verdi in het Frans te horen, maar dat werd ruim gecompenseerd door de keuze van enkele zangers.

Wij waren in de eerste plaats aardig verrast om Sébastien Guèze in de rol van Gaston te horen. Het is een bijzonder licht getimbreerde tenor, wij hoorden hem o.a. als Mylio in “Le Roi d’Ys” van Lalo (Luik, 2009) en vorig jaar zong hij zelfs in de Opéra Comique te Parijs de rol van Gontran in “Les mousquetaires au couvent” van Louis Varney. Alfredo in “La Traviata” en de hertog in “Rigoletto” waren tot nu toe zijn enige uitstapjes naar Verdi. De stap naar deze sterk dramatische rol is niet klein, maar het viel best mee. Intrinsiek is hij te licht voor deze partij en echt heldhaftig klonk hij natuurlijk niet, maar de tedere momenten met zijn geliefde waren subliem en wij waren gecharmeerd door zijn mezza-voce.
Dat brengt ons bij Hélène van de Russische Anna Princeva, die er al even jeugdig uitzag, maar een warmer en rijker klankpallet tot haar beschikkling had. Het was bijna niet te geloven dat zo’n tengere verschijning zo krachtig en met zoveel resonantie kon zingen. In de duo’s met Gaston wist zij haar stem ook te beheersen, wat enkele momenten van intens belcantogenot opleverde.

Franz Hawlata is natuurlijk geen onbekende, maar een dramatische basrol zoals Roger in deze opera van Verdi, is iets helemaal anders dan Hans Sachs in “Die Meistersinger”. Bovendien had hij het bijzonder moeilijk met de Franse teksten, waardoor zijn voordracht weinig vrij klonk. Hoe dan ook, de noten stonden er allemaal probleemloos, zowel in de hoogte als in de diepte, waardoor hem toch een vleiend succes te beurt viel.

Jérusalem - Koor. (Foto: Thilo Beu)Voor de nevenrollen zijn de baritons en de bassen niet dun gezaaid in deze opera en ze vielen hier op door hun stoere, welluidende vertolkingen: Csaba Szegedi als de Graaf van Toulouse, Priit Volmer als de fanatieke Adhémar de Monteil en Giorgios Kanaris als de Emir van Ramla.
Zeer overtuigend waren ook de tenor Christian Georg als Raymond, de schildknaap van Gaston en de sopraan Brigitte Jung als Isaure, de vertrouwelinge van Hélène.

Bijna alle zangers hadden hier te kampen met de Franse taal. Wij vragen wij ons af of het toch niet beter zou zijn om in die omstandigheden de Italiaanse “Gerusalemme” op te voeren? Tenslotte staan “Don Carlo” en “I vespri Siciliani” ook vaker op de affiche dan de oorspronkelijke “Don Carlos” en “Les vêpres Siciliennes”! En laat ons eerlijk zijn, Verdi klinkt stukken beter in het Italiaans dan in het Frans.

Het koor en het extrakoor van het Theater Bonn klonken zeer slagvaardig en gedisciplineerd, terwijl het Beethoven Orchester Bonn hartstochtelijk musiceerde onder de temperamentvolle leiding van Will Humburg.

Voor regisseur Francisco Negrin zien Toulouse, Jerusalem en een harem van de Emir er identiek uit: een lange grijze sfeerloze tunnelkoker. In deze besloten, grauwe, omgeving, een lege ruimte zonder enig decorstuk, liet hij zijn personages zeer intens acteren. De kledij kon zo wat van alle tijden zijn, maar hoe komt een regisseur op het idee om een Emir uit te dossen met een rastapruik?
De kruisvaarders werden in deze productie niet gespaard. Bij de terechtstelling van Gaston leken ze wel een uitbundig carnaval vierende bende, uitgedost met maskers, punthoeden, enz.(zie foto 3).
Jérusalem - De slotscène met Franz Hawlata als Roger en koor. (Foto: Thilo Beu)Maar laat ons niet te kieskeurig zijn, wij waren al blij dat de regisseur de handeling niet naar het heden verplaatst had, want de verleiding moet groot geweest zijn om naar de trend van onze tijd de kruisvaarders als een bende hedendaagse Westerse criminelen af te schilderen en de moslims als onschuldige slachtoffers.

Warm aanbevolen en een “must” voor elke Verdi-liefhebber. Er zijn nog voorstellingen op 14, 27/2, 10, 18, 26/3, 2 en 9/4/2016.

G.M. (Gepubliceerd op 2/2/2016)

Foto's van boven naar onder:

1) Csaba Szegedi als Graaf van Toulouse, Anna Princeva als Hélène, Brigitte Jung als Isaure, Sébastien Guèze als Gaston en koor.
2) Anna Princeva als Hélène, Sébastien Guèze als Gaston en Franz Hawlata als Roger.
3) Het koor bij de terchtstelling van Gaston.
4) Jérusalem - De slotscène met Franz Hawlata als Roger en koor.

Copyright foto's © Thilo Beu.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

Theater Bonn

“HOLOFERNES”

Opera van Emil Nikolaus von Reznicek (muziek en libretto) naar Friedrich Hebbel’s drama “Judith”. Gecreëerd in de Städtischen Oper Berlin-Charlottenburg op 27 oktober 1923. Première van deze productie in het Theater Bonn op 29 mei 2016. Bijgewoonde voorstelling op 18 juni 2016.

Holofernes - Mark Morouse (Holofernes), Johanni van Oostrum (Judith), Johannes Mertes (Achior), Ceri Williams (Abra) en koor. (Foto: Thilo Beu)Een meer verwaarloosde componist dan de Oostenrijker Reznicek is niet denkbaar. Van de vijf symfonieën, de omvangrijke reeks orkestrale werken en de meer dan een dozijn opera’s die hij schreef, kent de doorsnee operaliefhebber amper de ouverture van “Donna Diana”. Zelfs deze ouverture is de laatste decennia wat in vergetelheid geraakt. Het is ooit anders geweest. In de eerste helft van de vorige eeuw werden zijn opera’s geregeld opgevoerd, maar na de dood van de componist in 1945, verdween zijn ganse oeuvre zo goed als volledig uit de aandacht. Maar er is licht aan de horizon. In 2003 voerde de Oper Kiel “Donna Diana” op, gevolgd door de Oper Chemnitz die in 2010 de wereldcreatie bracht van de opera “Benzin”. De aandacht van de Duitse opera-intendanten was gewekt en zo bracht de Oper Augsburg in 2012 “Ritter Blaubart” en nu de Oper Bonn “Holofernes”. Ook op CD zijn zijn werken nu te beleven. Het merk CPO heeft zelfs een “Reznicek Edition”, die niet enkel verschillende opera’s omvat, maar ook zijn symfonieën.

De opera “Holofernes” ligt zowat in het midden van Reznicek’s scheppingsperiode en volgt tamelijk nauw het drama van Hebbel. Deze had over het Bijbelverhaal een persoonlijke visie. De Judith van de Bijbel wou hij voor zijn werk niet gebruiken. Daar is Judith een weduwe die Holofernes door list en sluwheid in haar netten lokt. Zij is opgetogen met het afgehakte hoofd van Holofernes en zij zingt en jubelt met gans Israël gedurende drie maanden. Dat vond Hebbel maar gemeen en het personage onwaardig. Zijn Judith is dan ook door haar daad geparalyseerd en verstijft bij het idee dat zij een zoon van Holofernes kan baren. Zij beseft dat zij de menselijke grenzen overschreden heeft en twijfelt over de rechtvaardigheid van haar daad. (Friedrich Hebbel, Tagebucheintrag 1872).

Holofernes - Johanni van Oostrum (Judith) en koor. (Foto: Thilo Beu)Bij de opvoering in Bonn werden wij getroffen door de mooie, melodieuze muziek, maar ook, vooral in de korte eerste akte, door het ontbreken aan dynamische kracht. In de meer omvangrijke tweede akte wordt de actie wat opgedreven en dat weerspiegelt zich gelukkig ook in de muziek, met enkele fraaie ensembles en welluidende koren. Maar echt boeiend werd de opera niet, ondanks de goede zangprestaties van de blanke Zuid Afrikaanse sopraan Johanni van Oostrum. Zij is gezegend met een stem met een goed dragende dramatische kracht die helaas meermaals ontsierd werd door slordige inzetten en enkele intonatieproblemen. Wij waren meer opgetogen met de Holofernes van Mark Morouse, een gezag uitstralende en kernachtige bariton met een trefzekere hoogte. De stem mist wel wat warmte, maar dat paste hier uitstekend bij het personage.

Weinig opzienbaar was de bas Daniel Pannemayr als de priester Osias en ook de mezzosopraan Ceri Williams kon als Abra, de dienstmaagd van Judith, niet echt overtuigen. De enscenering van Jürgen R. Weber was daar grotendeels verantwoordelijk voor, want zij moest het personage komisch uitbeelden, terwijl het dat helemaal niet is.

Dat brengt ons bij de enscenering, een ware kaakslag aan Reznicek en aan Hebbel. Waar haalt een regisseur het uit om dit uitermate dramatisch verhaal met een komische ondertoon te benaderen, niet enkel door zangers tegendraads te laten acteren, maar ook het gegeven in een decor te plaatsen dat ongegeneerd de spot drijft met het werk. Of waartoe dienden al die opgeblazen gadgets die de bühne ontsierden? Waren het fallussymbolen of gewoonweg een zeppelin, een banaan of, wat beter bij de Duitse smaak past, een braadworst? Projecties van spottende teksten en een mes dat onophoudend een babyhoofd afsnijdt vervolledigden het groteske toneelbeeld.
Het slot van de opera was al even ontstellend. Judith heeft een “full-speed” kinderdracht en bevalt al van een kleine Holofernes terwijl ze de afgesneden kop van zijn vader nog in de hand heeft. Het kind? Een kleine vliegende gadget natuurlijk, iets dat er uitziet als een larve met een blauw lichtje erin…

Holofernes - Daniel Pannermayr (Osias), Johanni van Oostrum (Judith) en ensemble. (Foto: Thilo Beu)Het muzikale kader waarin dit scenische gewrocht zich afspeelt, was meer dan degelijk. Naast de vele goed gezongen kleinere rollen en een coherent, welklinkend koor, musiceerde het Beethoven Orchester Bonn onder de leiding van Jacques Lacombe, alsof er op de scène geen vuiltje aan de lucht was.

Er was een Duitse boventiteling. Het programmaboekje, dubbel zo dik als wij gewoon zijn in de Oper Bonn, is een onuitputtelijke bron van informatie over de componist en zijn werken. Geen nutteloze blabla van de regisseur, maar een boekje om bij te houden en een plaats verdient in een muziekbibliotheek.

Er zijn nog voorstellingen op 24 juni en 3 juli 2016.

G.M. (Gepubliceerd op 21/6/2016)

Foto’s van boven naar onder:

1) Mark Morouse (Holofernes), Johanni van Oostrum (Judith), Johannes Mertes (Achior), Ceri Williams (Abra) en koor.
2) Johanni van Oostrum (Judith) en koor.
3) Daniel Pannermayr (Osias), Johanni van Oostrum (Judith) en ensemble.

Copyright foto's © Thilo Beu.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND