OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN LUIK

“LA CENERENTOLA”

Opéra Royal de WallonieOpera in twee bedrijven van Gioacchino Rossini op een libretto van Jacopo Ferretti. Het werk werd voor het eerst gespeeld op 25 januari 1817 in het Teatro Valle te Rome. Op 21 september 2014 zagen we in het Théâtre Royal de Liège een opvoering door de Opéra Royal de Wallonie.

 La Cenerentola - Enrico Marabelli als Dandini, Dmitry Korchak als Don Ramiro, Marianna Pizzolato als Angelina en Bruno de Simone als Don Magnifico. (Foto: Jacques Croisier)Het genie van Rossini lijkt beter gefunctioneerd te hebben onder druk. De ontstaansgeschiedenis van “La Cenerentola” bevestigt deze these in elk geval. Vanaf 1815 had de componist een aanstelling te Napels waar hij zijn handen mee vol had. Desondanks had hij een contract voor twee opera’s voor het carnavalsseizoen van het Teatro Valle in Rome, waarvan de eerste in première zou gaan op 26 december 1816. Uiteindelijk werd Rossini waarschijnlijk ontheven van de eerste opera en moest de Romeinse impresario de Napolitaanse politie inzetten om de componist te bewegen zich naar Rome te begeven. Wanneer hij daar in de loop van december uiteindelijk arriveerde moest hij nog van nul beginnen.

In tegenstelling tot wat algemeen aangenomen wordt, nam Rossini niet zo ongeïnteresseerd de libretti die hem voorgelegd werden aan. Uiteindelijk werden Ferretti en hij het eens over het verhaal van Perrault dat de componist waarschijnlijk kende van Pavesi’s opera “Agatina o la virtu premiata” dat in 1814 in Milaan in première ging, op een moment dat Rossini zelf daar verbleef. Ferretti nam trouwens een deel van de tekst van deze eerdere opera over en liet zich ook inspireren door “Cendrillon” van Isouard. Een belangrijke wijziging daarbij was echter het omwerken van een “halfkomische” tekst naar een “drama giocosa”. Dit werd vooral bereikt door het personage van Don Magnifico een veel belangrijkere plaats te geven in het verhaal - met drie aria’s kan hij eigenlijk als de hoofdfiguur beschouwd worden.

La Cenerentola - Julie Bailly als Tisbe, Bruno de Simone als Don Magnifico en Sarah Defrise als Clorinda. (Foto: Jacques Croisier)Muzikaal slaat Rossini met “La Cenerentola” een eerste brug tussen de “opera seria”, de serieuze opera, en de “opera buffa”, het komische genre. Deze beide strekkingen in de opera hadden altijd erg gescheiden van elkaar bestaan, waarbij de “opera buffa” wat betreft de complexiteit van de verhalen en van de muziek altijd het kleinere broertje was. Met “La Cenerentola” schreef Rossini echter een komische opera die zowel vormelijk als wat betreft de eisen die aan de zangers gesteld werden, kon wedijveren met de “opera seria”. In zekere zin is Angelina, een van de sympathiekste personages in Rossini’s oeuvre, een personage uit de “opera seria” dat geïnjecteerd werd in een “opera buffa”.

Het is moeilijk om niet van deze “La Cenerentola” te houden. Niet alleen wekt het hoofdpersonage zoals gezegd sympathie op, Rossini componeerde ronduit schitterende muziek voor deze opera. Bovendien is de sfeer gematigder, subtieler dan bij zijn andere komische werken. Nochtans trok het regisseursduo Cécile Roussat en Julien Lubek voor deze Luikse productie resoluut de kaart van de traditioneel gebrachte farse. Zowat alle gags die we al eerder zagen in voorstellingen van het genre werden hier in een twee uur durende voorstelling gestopt. Voorwaar van tijd tot tijd een overdaad, maar het maakte de voorstelling toch wel erg genietbaar en bovendien erg toegankelijk voor de beginnende operaliefhebber.

Muzikaal was deze “Cenerentola” zonder twijfel de beste productie die we sinds lang in Luik hoorden. We zagen al vaker voorstellingen met een op papier opwindende cast die uiteindelijk de hooggespannen verwachtingen niet inloste. Deze keer was het helemaal anders: iedereen, van hoofdrol tot figurant, presteerde op zijn best. We denken dat muziekdirecteur Paolo Arrivabeni hier voor veel tussen zit. Onder zijn bezielende leiding speelde het orkest van de Opéra Royal de Wallonie een spannende voorstelling waarbij elk detail in de muziek in de verf gezet werd. De schitterende crescendi waren om van te snoepen en op geen enkel moment ging het tempo uit de voorstelling, een belangrijk gegeven in Rossini’s opera’s. Prachtig!

 La Cenerentola - Sarah Defrise als Clorinda, Bruno de Simone als Don Magnifico, Julie Bailly als Tisbe, Enrico Marabelli als Dandini, Marianna Pizzolato als Angelina en Dmitry Korchak als Don Ramiro. (Foto: Jacques Croisier)Bij de solisten stak de Russsische tenor Dmitry Korchak duidelijk uit boven zijn collega’s. Als Don Ramiro imponeert hij niet alleen met haarzuivere topnoten, hij weet ook alle nuancen in de partituur op overtuigende wijze te brengen. Volgens ons een naam waar we in de toekomst nog van zullen horen en die stilaan dit repertoire aan het ontgroeien is. Een andere specialist in het genre is Bruno de Simone, het prototype van de komische bas. Waar vroeger dit type rollen vaak bezet werd met zangers op hun retour, weet de Simone een mooie ronde baritonstem te koppelen aan een buitengewoon acteertalent. Dat laatste kan helaas niet gezegd worden van zijn landgenote Marianna Pizzolato in de titelrol. Het gemis aan charisma wordt echter volledig gecompenseerd door een exemplarisch stijlgevoel en een techniek waar veel van haar stemvakgenotes enkel kunnen van dromen. Erg sterk, muzikaal en scenisch, was Enrico Marabelli als Dandini. Met Laurent Kubla als Alidoro, Sarah Defrise als Clorinda en Julie Bailly als Tisbe werden ook de kleinere rollen vrijwel perfect bezet.

Een voorstelling die we van harte kunnen aanbevelen en die ons doet hopen: de Opéra Royal de Wallonie bracht de voorbije jaren al een aantal bekende en minder bekende komische werken van Rossini naar Luik. Zullen we ooit de kans krijgen om er ook de ernstige opera’s van de componist te zien? Dirigent Paolo Arrivabeni heeft er in elk geval al een paar in andere theaters gedirigeerd. Wie weet!

 La Cenerentola - De finale van de opera met Marianna Pizzolato als Angelina in het midden. (Foto: Jacques Croisier)Er zijn nog voostellingen te Luik op 23, 25, 27 en 30 september 2014 en op 4 oktober 2014 wordt gegasteerd in Charleroi. Niet te missen!

H.D. (Gepubliceerd op 23 september 2014)

Foto's van boven naar onder:

1) Enrico Marabelli als Dandini, Dmitry Korchak als Don Ramiro, Marianna Pizzolato als Angelina en Bruno de Simone als Don Magnifico.
2) Julie Bailly als Tisbe, Bruno de Simone als Don Magnifico en Sarah Defrise als Clorinda.
3) Sarah Defrise als Clorinda, Bruno de Simone als Don Magnifico, Julie Bailly als Tisbe, Enrico Marabelli als Dandini, Marianna Pizzolato als Angelina en Dmitry Korchak als Don Ramiro.
4) De finale van de opera met Marianna Pizzolato als Angelina in het midden.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

"LUISA MILLER"

Opéra Royal de WallonieOpera van Giuseppe Verdi op een libretto van Salvatore Cammarano, naar het drama "Kabale und Liebe" van Friedrich Schiller. Gecreëerd in het Teatro San Carlo te Napels op 8 december 1849. Première van deze productie door de Opéra Royal de Wallonie op 26 november 2014. Bijgewoonde voorstelling in het Théâtre Royal de Liège op 7 december 2014.

Luisa Miller - Gregory Kunde als Rodolfo, Patrizia Ciofi als Luisa en koor. (Foto: Jacky Croisier)Met “Luisa Miller” sloeg Verdi definitief een nieuwe weg in, die hem na de eerder wisselvallige “Stiffelio” zou voeren naar “Rigoletto”, “Il Trovatore” en “La Traviata”, waarmee hij meteen de hoogste roem zou bereiken.
Salvatore Cammarano schreef het libretto voor “Luisa Miller, zich inspirerend op “Kabale und Liebe” van Friedrich Schiller dat de Duitse dichter aanvankelijk “Luisa Miller” had genoemd en dat hij voorstelde als “Ein bürgerliches Trauerspiel”.
De handeling gaat over de jonge Luisa, dochter van de gepensioneerde soldaat Miller, die aan een noodlottig einde komt omdat zij het liefdesobject is van de zoon van de graaf.
Het klassenverschil staat trouwens centraal in de opera, maar daar was in de enscenering van Jean-Claude Fall niet veel van te merken. Het kasteel van de graaf is een kleurloos en luguber oord waarin amper enkele meubelstukken staan. De woonst van Miller krijgen wij helemaal niet te zien. De verschillende scènes die zich daar afspelen, vinden plaats in de vrije natuur: een open vlakte, een bos, tussen enkele omgehakte bomen. Een constante in deze voorstelling was de aanwezigheid van een viertal kinderen die steeds - en op een gekunstelde manier – rondliepen of vooraan op het podium zaten. De regisseur zal wel een visie gehad hebben, maar zij ontgaat ons en wij zijn er absoluut niet nieuwsgierig om.
Wij zijn niet naar Luik getrokken uit interesse voor de enscenering, maar om Patrizia Ciofi te horen, een sopraan waarover de meningen nogal uiteenlopend zijn. Wij waren aangenaam verrast door haar frisse uitbeelding van de jonge Luisa. De stem heeft onmiskenbare charmes, vooral in het hoge register, en haar piano’s zijn om van te snoepen. Maar er waren ook momenten waar zij minder bekoorde:  een onstabiel legato in haar laatste aria en enkele onzuivere stemovergangen.

Luisa Miller - Gregory Gregory Kunde als Rodolfo, Patrizia Ciofi als Luisa en Nicola Alaimo als Miller. (Foto: Jacky Croisier)Haar nobele aanbidder, Rodolfo, werd gezongen door de tenor Gregory Kunde, een vaste waarde in het belcanto genre, al misten wij toch wat zonnige glans in zijn overigens overtuigende uitbeelding. Zijn strak legato en zijn gecultiveerde voordracht zouden hem tot een benijdenswaardige Wagnervertolker kunnen maken. Zou hij er ooit aangedacht hebben deze stap naar het Duitse repertoire te zetten?

Minder opgetogen waren wij met Nicola Alaimo, een licht getimbreerde bariton die helemaal niet het kruim had voor de rol van vader Miller. Wel had hij een gemakkelijke hoogte en ook de bravoure miste hij niet, in feite al heel wat voor Verdi. Hij was meer soldaat dan vader en zijn temperament paste gewoonweg niet bij het personage dat hij moest uitbeelden.

Wurm, de valsaard van dienst, werd geloofwaardig vertolkt door de bas Balint Szabo. Zijn donkere stem straalde het nodige venijn uit en het was jammer dat hij in het heroïsche duo in het tweede bedrijf (voor twee bassen!) van de graaf geen volwaardige repliek kreeg. Luciano Montanaro heeft inderdaad zijn beste tijd gehad. Het is merkwaardig dat zijn stem nog mooie hoge en diepe noten kan zetten, maar verder helemaal onstabiel en nasaal klinkt.
De kleinere rollen werden verdienstelijk vertolkt door Cristina Melis als Federica, Alexise Yerna als Laura en Stefano De Rosa als een boer.

 Luisa Miller - Het volledige ensemble. (Foto: Jacky Croisier)Massimo Zanetti was ooit een vaste dirigent in de Vlaamse Opera en wij kennen hem ook als een temperamentvolle orkestleider in diverse opnames door vermaarde operagezelschappen. Wij waren dan ook wat teleurgesteld door de futloze manier waarop hij door de partituur gleed. Het ontbrak aan spanning en ook het orkest en het koor overtuigden maar matig. Deze “Luisa Miller” behoort qua homogeniteit, precisie en klankschoonheid niet tot het beste van wat wij ooit in Luik hoorden.

Een overgroot gedeelte van het publiek deelde onze mening niet, want zowel tijdens de uitvoering als bij het slot werd er uitbundig geapplaudisseerd en “bravo” geroepen.

Wij woonden de laatste van de reeks voorstellingen bij.

G.M. (Gepubliceerd op 9/12/2014)

Foto’s van boven naar onder:

1) Gregory Kunde als Rodolfo, Patrizia Ciofi als Luisa en koor.
2) Gregory Gregory Kunde als Rodolfo, Patrizia Ciofi als Luisa en Nicola Alaimo als Miller.
3) Het volledige ensemble.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

“DIE LUSTIGEN WEIBER VON WINDSOR”


Opéra Royal de WallonieOpera in drie bedrijven van Otto Nicolai op een tekst van Hermann von Mosenthal naar “The merry wives of Windsor” van William Shakespeare. De creatie vond plaats op 9 maart 1849 in de Berlijnse Hofopera. We woonden op 1 februari 2015 een voorstelling bij door de Opéra Royal de Wallonie in het Théâtre Royal de Liège.

 Die lustigen Weiber von Windsor - Sophie Junker als Anna Reich, Davide Giusti als Fenton en Stefan Ciforelli als Spärlich. (Foto: Jacques Croisier)Die lustigen Weiber von Windsor” is een typische, oerduitse Spieloper wat ervoor gezorgd heeft dat het werk buiten Duitsland vrijwel nooit te zien is. Enkel de ouverture wordt wel eens gespeeld op een concert. Het getuigt dus van enige moed van de kant van de ORW om de opera in een Franstalig theater op te voeren, al werden er wel toegevingen gedaan naar het publiek in die zin dat de dialogen vervangen werden door Franse bindteksten. De vraag is maar of dit voldoende was, afgaande op de eerder lauwe reactie van het publiek na een voorstelling van nochtans hoog niveau.

Hoewel Nicolai vandaag enkel nog herinnerd wordt dankzij “Die lustigen Weiber von Windsor”, berustte zijn faam honderdzeventig jaar geleden vooral op zijn kwaliteiten als dirigent. Het is ook in die hoedanigheid dat hij de Wiener Philharmoniker oprichtte. Wat ook vergeten is, is dat alle vier de andere opera’s van Nicolai op Italiaanse libretti geschreven werden en stilistisch sterk aansluiten bij Donizetti of Mercadante. Hoe dan ook moet Nicolai ook als componist enige reputatie gehad hebben, getuige het feit dat hij als eerste het libretto voor “Nabucco” aangeboden kreeg en dat Verdi de tekst pas in handen kreeg nadat Nicolai hem had afgewezen. Misschien geen goede beslissing: uiteindelijk schreef Nicolai de opera “Il proscritto” die grandioos flopte terwijl het succes van “Nabucco” Verdi een naam in de geschiedenisboeken bezorgde.

Die lustigen Weiber von Windsor - Werner Van Mechelen als Herr Fluth. (Foto: Jacques Croisier)Zoals gezegd is een Duitse Spieloper met zijn dialogen niet zo gemakkelijk verteerbaar voor een Franstalig publiek. Regisseur Davis Hermann heeft hiervoor echter een prachtig regieconcept ontwikkeld: Falstaff is geen reëel personage maar eigenlijk een ingebeelde figuur van de Fluth’s, een koppel met huwelijksproblemen. Voor Frau Fluth vertegenwoordigt Falstaff de drang naar romantiek en avontuur. Voor Herr Fluth daarentegen is de ridder de verpersoonlijking van zijn vermoeden van de ontrouw van zijn echtgenote. Het geheel wordt zo aan elkaar “geplakt” door de figuur van een psychiater bij wie beide echtelieden patiënt zijn en waar bepaalde scènes zich letterlijk op de bank afspelen. Het is deze psychiater die de Franse teksten ter vervanging van de Duitse dialogen declameert. Voorwaar een schitterend idee dat helaas niet helemaal werkt in de finale waar de zaak ontaardt in een soort duivelsuitdrijving. Ook de problematische relatie tussen Fenton en Anna Reich komt in deze interpretatie minder tot haar recht.

Muzikaal vonden we de voorstelling van een zeer mooi niveau. In de eerste plaats is dit te danken aan de prachtige vertolking van Frau Fluth door de jonge Belgische sopraan Anneke Luyten die haar debuut bij de Opéra Royal de Wallonie niet gemist heeft. Toneelpersoonlijkheid en pit worden gekoppeld aan een helder en mooi stemgeluid, nuances gaan samen met voldoende kracht om Nicolai’s niet onaardige orkestklanken te overwinnen. Maar ook de andere solisten wisten ons te overtuigen met als uitschieters een vocaal imposante en goed acterende Werner Van Mechelen als Herr Fluth en een niet alleen goed typegecaste maar ook welluidende Anna van Sophie Junker. Iets minder onder de indruk waren we van Franz Hawlata als Sir John Falstaff. In de enscenering had hij wat te lijden onder het feit dat hij als fictieve figuur zowat de ganse voorstelling van achter een doek diende te zingen. Maar het was bij momenten al te duidelijk dat de stem van deze oudgediende ondertussen een stuk over haar hoogtepunt is.

Die lustigen Weiber von Windsor - Anneke Luyten als Frau Fluth, Franz Hawlata als Faltaff en Sabina Willeit als Frau Reich) (Foto: Jacques Croisier)Dirigent Christian Zacharias overtuigde ons met een mooi gespeelde ouverture vol nuances. Helaas had hij het later af en toe wat moeilijk om orkest, solisten en koor samen te houden.

“Die lustigen Weiber von Windsor” is zo één van die opera’s waar elke melomaan al van gehoord heeft maar die weinigen echt in het theater zagen. De Opéra Royal de Wallonie biedt nog de kans om op 5 en 7 februari 2015 een voorstelling van dit mooie werk bij te wonen. We kunnen dat alleen maar aanraden!

H.D. (Gepubliceerd op 4/2/2015)

1) Sophie Junker als Anna Reich, Davide Giusti als Fenton en Stefan Ciforelli als Spärlich.
2) Werner Van Mechelen als Herr Fluth.
3) Anneke Luyten als Frau Fluth, Franz Hawlata als Faltaff en Sabina Willeit als Frau Reich.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË