OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN WILDBAD

Festival Rossini in Wildbad

“ADELAIDE DI BORGOGNA”


Opera van Gioacchino Rossini op een libretto van Giovanni Schmidt. Gecreëerd in het Teatro Argentina te Rome op 27 december 1817. Première van deze productie door “Rossini in Wildbad” in de Trinkhalle te Wildbad op 19 juli 2014. Bijgewoonde voorstelling op 25 juli 2014.

Adelaide di Borgogna - Margarita Gritskova als Ottone en soldatenkoor. (Foto: Patrck Pfeiffer)Adelaide di Borgogna” heeft nooit veel succes gekend. Na de première in Rome volgden nog slechts enkele opvoeringen alvorens de opera volledig onder het stof verdween. In 1984 werd de opera opgevoerd in Martina Franca onder leiding van Alberto Zedda en in 2011 was er een reeks opvoeringen in Pesaro. Lees hier de recensie. Van de reeks voorstellingen in Martina Franca bestaat een integrale cd-opname en in Pesaro werd de opera vastgelegd voor blu-ray en dvd. Ook Wildbad zal wel minstens voor een cd-opname zorgen, waarbij we kunnen concluderen dat de media promotiemachine de opera ondanks zijn zwakheden in leven weet te houden.

Oorlog en passie zijn de ingrediënten van deze opera. Berengario heeft met zijn leger de vesting van Canossa veroverd en wil zijn zoon Adelberto aan de verslagen Adelaide koppelen om zo een gedwongen bondgenootschap te scheppen. Maar Adelaide heeft haar hart verloren aan de Duitse keizer Ottone, die met zijn leger ter hulp snelt. Een hele reeks heldhaftige ensembles, hartstochtelijke duo’s en smachtende aria’s leiden tot een “lieto fine”: Adelaide en Ottone duiken (letterlijk) samen de koffer in, terwijl de twee valsaards in de ketens geslagen worden.

Adelaide di Borgogna – Ekaterina Sadovnikova als Adelaide. (Foto: Patrck Pfeiffer)De opvoering in Wildbad werd rijkelijk gedomineerd door de vrouwelijke solisten. In de eerste plaats door de jonge Russische Margarita Gritskova als Ottone, een soepele coloratuur alt met een trefzekere hoogte, een warm legato en zonder het minste spoor van borsttonen. Wel was zij nogal onstuimig en gooide de topnoten eruit zonder de minste nuancering. Zo fel zelfs dat bij haar eerste aria de pet van haar hoofd viel. Deze felheid paste wel bij het personage, maar was er de oorzaak van, dat naar het einde van de voorstelling de stem iets van haar warmte verloor.
De eveneens jonge Russische sopraan Ekaterina Sadovnikova klonk als Adelaide al even hartstochtelijk. Zij beschikt over een sublieme hoogte en was als dusdanig een ideale partner voor Ottone. Hun duo’s vormden dan ook het muzikale hoogtepunt van de voorstelling.

Minder opgetogen waren wij met de Roemeen Gheorghe Vlad, die als de valse Adelberto niet echt uit de verf kwam. Hij heeft wel een mooi timbre en een goede hoogte, maar miste de souplesse voor de capriolen die Rossini gebruikelijk voor zijn tenors schreef. Baurzhan Anderzhanov is afkomstig uit Kazachstan en liet er met zijn luide basbaritonstem geen twijfel over bestaan dat hij als Berengario de absolute heerser wilde zijn. Teleurstellend zonder meer was de sopraan Miriam Zubieta als Eurice, de vrouw van Berengario, die in haar enige aria onstabiel en scherp klonk.
De kleine rollen voldeden ruimschoots: de tenor Yasushi Watanabe als Iroldo en de bariton Cornelius Lewenberg als Ernesto.

Adelaide di Borgogna – Gheorghe Vlad als Adelberto en Margarita Gritskova als Ottone. (Foto: Patrck Pfeiffer)De Virtuosi Brunenses en het Camerata Bach Chor Posen zijn sinds jaren vaste waarden voor het Rossini Festival. Nieuw was voor ons de dirigent Luciano Acocella die voor een volbloedige uitvoering zorgde, maar het orkest, vooral de te prominente koperblazers, iets meer had mogen temperen.

De regie van Antonio Petris was weinig bekoorlijk. Er werd intens, maar weinig overtuigend geacteerd in een schraal en weinig esthetisch decor, gebouwd met wankele panelen voorzien van sfeerloze, donkere kleurvlakken. De projecties tegen de achterwand vonden wij ook maar wisselvallig, maar de kostuums waren met hun tweedelige snits wel inventief, zoals blijkt uit de eerste foto.

G.M. (Gepubliceerd op 29/7/2014)

Foto's van boven naar onder:

1) Margarita Gritskova als Ottone en soldatenkoor.
2) Ekaterina Sadovnikova als Adelaide.
3) Gheorghe Vlad als Adelberto en Margarita Gritskova als Ottone.

Copyright foto's © Patrck Pfeiffer.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

Festival Rossini in Wildbad

“IL VIAGGIO A REIMS”, ossia L'albergo del giglio d'oro”

Komische opera van Gioacchino Rossini op een libretto van Luigi Balocchi, gebaseerd op “Corinne, ou L'Italie” van Mme de Staël. Gecreëerd in het Théâtre Italien te Parijs op 19 juni 1825. Première van deze productie door “Rossini in Wildbad” in de Trinkhalle te Wildbad op 17 juli 2014. Bijgewoonde voorstelling op 26 juli 2014.

 Il viaggio a Reims - Olesya Chuprinova als Marchesa Malibea, Lucas Somoza Osterc als Don Profondo, Bruno Pratico als Il Barone di Trombonok en Matija Meic als Don Alvaro. (Foto: Patrick Pfeiffer)Il Viaggio a Reims” heeft de reputatie een onuitvoerbaar werk te zijn. Het werd geschreven ter gelegenheid van de kroning van Karel X tot koning van Frankrijk en had als voornaamste bedoeling, behalve een licht politieke allegorie, een spektakelstuk te zijn voor de beste zangers ter wereld. Een hele uitdaging voor een gezelschap met beperkte middelen zoals het Rossini Festival van Wildbad.

De meest bekende zanger van dit gezelschap is de veteraan Bruno Pratico, niet bepaald een vedette die het moet hebben van zijn vocale kwaliteiten en die hier met veel panache de rol van de Duitse Majoor/Baron Trombonok vertolkte. Verder hoorden wij een schaar jonge zangers, voor het grote publiek meestal onbekenden, die dus voor de uitdaging stonden ons te laten geloven dat zij al gevestigde beroemdheden zijn. Dat lukte meestal wel in de ensembles, waar ze een steun aan elkaar hadden, maar meer dan tien rollen hebben ook aria’s te zingen en daar ligt natuurlijk de grootste uitdaging.

De meest professionele en bekoorlijke vertolking kwam van de Spaanse sopraan Guiomar Canto als Corinna, een beroemde Romeinse actrice. Zij zong zuiver en met een fenomenale stembeheersing in de door harp begeleide aria’s. De lichte sopraan Sofia Mchedlishvili, afkomstig uit Tbilisi, was een verrukkelijke Contessa di Folleville, een jonge, modebewuste weduwe. Jammer dat zij bij de inzet enkele pijnlijk valse noten produceerde, maar verder werden wij getroffen door de haarfijne vocalises en haar indringend, heldere timbre.

Il viaggio a Reims - Guiomar Canto als Corinna en Artavazd Sargsyan als Il Cavalier Belfiore. (Foto: Patrick Pfeiffer)De Russische Olesya Chuprinova gebruikte als Marchesa Melibea haar wulpse, warme mezzosopraanstem en al haar charmes om de om haar gunsten wedijverende Conte di Libenskof en Don Alvaro rond haar vingers te draaien. Deze Conte di Libensdorf, een Russische generaal, werd gezongen door de soepele tenor Carlos Cardosa, die voor zijn prestaties terecht enkele opendoekjes kreeg. De basbariton Matija Meic vertolkte de rol van de Spanjaard Don Alvaro als een echt mannetjesbeest, met een stem als een bazuin en een fenomenale hoogte. Er waren nog goede elementen bij de mannen: de lichte tenor Artavazd Sargsyan was een sierlijke, zij het niet grote Cavalier Belfiore, een jonge Franse officier en de basbariton Baurzhan Anderzhanov zong de aria van Lord Sidney helemaal in de stijl van Samuel Ramey, maar miste echter de hoge noten.

De sopraan Annalisa D’Agosto was een weinig opzienbarende Madama Cortese, de Tiroolse gastvrouw van het hotel die het geheel in goede banen moet leiden. Bovendien misten wij bij het slot het typische jodelen. De bariton Lucas Somoza Osterc was ronduit teleurstellend als Don Profondo. De dankbare aria die hij te zingen heeft en waarbij hij de nationaliteiten van de verschillende gasten parodieert, ging gewoon de mist in omdat de humor en de capaciteit tot imitatie ontbraken. Wie de aria ooit door Ruggero Raimondi gehoord heeft, zal begrijpen wat wij bedoelen.

De kleine rollen werden verdienstelijk waargenomen door Raul Baglietto, Yasushi Watanabe, Miriam Zubieta, Silvia Aurea De Stefano en Cornelius Lewenberg.

 Il viaggio a Reims - Lucas Somoza Osterc als Don Profondo, Artavazd Sargsyan als Il Cavalier Belfiore, Sofia Mchedlishvili als Contessa di Folleville, Baurzhan Anderzhanov als Lord Sidney, Guiomar Canto als Corinna en Annalisa D’Agosto als Madama Cortese. (Foto: Patrick Pfeiffer)De ensembles waren buitengewoon homogeen en tot in de kleinste details op elkaar ingespeeld, wat tot een meeslepend dramatische, theatrale uitvoering leidde.

Deze opera was een kolfje naar de hand van Antonino Fogliani die het Bach Chor Posen en de Virtuosi Brunenses op een energieke, temperamentvolle manier door de partituur loodste. Opvallend waren ook enkele mooie individuele instrumentale prestaties, zoals deze van de dwarsfluit en de harp.

De grootste struikelblok was natuurlijk de enscenering. Als er een opera is die een rijke enscenering vraagt, met weelderige kostuums en een grandioos decor, dan is het wel “Il viaggio a Reims”, die opzettelijk voor een dergelijke gelegenheid geschreven is. Wegens de geringe afmetingen van het podium, moesten het decor en de rekwisieten tot een minimum herleid worden. Bovendien opteerde regisseur Jochen Schönleber om het gegeven naar onze tijd te verplaatsen. De eerste scène speelde zich af aan de incheckbalie van een luchthaven. Dat was een warboel van jewelste, waar geen greintje sfeer van uitging. De Spartaanse decorbouw die de omgeving van een “Badehotel” moest suggereren, kon ons helemaal niet bekoren. Er werd wel overtuigend en met humor geacteerd en dat maakte veel goed.

 Il viaggio a Reims - Elf van de veertien solisten van het beroemde grote ensemble. (Foto: Patrick Pfeiffer)Sinds jaar en dag vragen wij ons af waarom ze het in Wildbad niet helemaal over een andere boeg gooien en de scenische beperkingen in hun voordeel laten werken. Waarom van de achterwand van het podium geen groot vlak scherm maken dat met aangepaste projecties voor elke opera kan dienen? Waarom geen gaasdoeken en sfeervolle belichtingen in plaats van de kartonnen rommel die elk jaar weer terug opduikt? Het zou bovendien veel goedkoper zijn! Waarom moet elke opera naar het heden verplaatst worden? Wat is er mis met de oorspronkelijke periode en de oorspronkelijke toneelaanwijzingen? Niets natuurlijk, waarom ze dan moedwillig veranderen? Het argument dat er vroeger oubollig geacteerd werd, houdt geen steek. Er kan even goed en intens geacteerd worden in kostuums van vroeger en met respect voor het libretto. Onze bezwaren zijn natuurlijk niet nieuw en wij zijn er ons degelijk van bewust dat ze in dovemansoren vallen. “Vox clamantis in deserto”

G.M. (Gepubliceerd op 29/7/2014)

Foto’s van boven naar onder:

1) Il viaggio a Reims - Olesya Chuprinova als Marchesa Malibea, Lucas Somoza Osterc als Don Profondo, Bruno Pratico als Il Barone di Trombonok en Matija Meic als Don Alvaro. (Foto: Patrick Pfeiffer)
2) Il viaggio a Reims - Guiomar Canto als Corinna en Artavazd Sargsyan als Il Cavalier Belfiore. (Foto: Patrick Pfeiffer)
3) Il viaggio a Reims - Lucas Somoza Osterc als Don Profondo, Artavazd Sargsyan als Il Cavalier Belfiore, Sofia Mchedlishvili als Contessa di Folleville, Baurzhan Anderzhanov als Lord Sidney, Guiomar Canto als Corinna en Annalisa D’Agosto als Madama Cortese. (Foto: Patrick Pfeiffer)
4) Il viaggio a Reims - Elf van de veertien solisten van het beroemde grote ensemble. (Foto: Patrick Pfeiffer)

Copyright foto's © Patrck Pfeiffer.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

Festival Rossini in Wildbad

“TEBALDO E ISOLINA”

Melodramma eroico van Francesco Morlacchi op een libretto van Gaetano Rossi. Gecreëerd in het Teatro La Fenice te Venetië op 4 februari 1822. Enige concertante uitvoering door “Rossini in Wildbad” in de Trinkhalle te Wildbad op 27 juli 2014.

Laura PolverelliDe actie van deze opera heeft plaats in Altenburg en gaat over een verliefd koppel van twee strijdende families. Een Duitse versie van “Romeo en Julia” dus, maar met een “happy end”. In tegenstelling tot het drama van Shakespeare, verzoenen de families zich alvorens de geliefden tot een hopeloze daad kunnen overgaan.

Deze opera was op het moment van zijn creatie een Europees succes. Francesco Morlacchi was, zoals Rossini, een leerling van Padre Mattei en betrok vanaf 1810 de functie van “Hofkappelmeister” aan de Italiaanse Opera in Dresden. Zijn romantisch melodramma “Tebaldo e Isolina” werd door de critici onmiddellijk beschouwd als een tegenhanger van Rossini’s “Zelmira”. De rol van Tebaldo bleef zelfs na de première in Venetië het paradepaardje van de castraat Giovanni Battista Velluti. Morlacchi bewerkte de opera voor de Hofoper van Dresden, waar het werk op 5 maart 1825 in première ging en waar de rol van Tebaldo door een mezzosopraan gezongen werd. Het is deze versie die wij in Wildbad te horen kregen.

De mezzosopraan Laura Polverelli in de rol van Tebaldo was de trekpleister bij de uitvoering van deze volledig vergeten opera. Zij bekoorde door haar stijlvolle voordracht en haar fraaie, slanke stem. Ook haar geliefde Isolina, de Spaanse sopraan Sandra Pastrana, had mooie momenten, maar haar prestatie werd ontsierd door een schrille hoge noot, bijna een kreet, op het einde van haar entree-aria. De stem had ook weinig “creux” en was ondanks het dunne, metallieke timbre niet echt soepel.Een aangename verrassing was de Italiaanse tenor Anicio Zorzi Giustiniani in de rol van Boemondo, de vader van Tebaldo. De man heeft zijn sporen o.a. verdiend in het barokrepertoire en dat droeg hier onmiskenbaar zijn vruchten. Technisch en interpretatief wist hij alle dimensies van zijn partij tot hun recht te laten komen. Wij waren minder opgetogen met Raul Baglietto, de bas die wij de dag ervoor als Don Prudenzio hoorden in “Il viaggio a Reims”.  Sandra PastranaMisschien was hij ziek voor de rol van Ermanno, de vader van Isolina, of had hij gewoon een “slechte dag”, want de stem miste resonantie en was zelfs hees. De kleinere rollen werden met veel zorg gezongen door Gheorghe Vlad als Geroldo, de broer van Isolina en door Annalisa D’Agosto als Clemenza, de vrouw van Ermanno.

Antonino Fogliani is op zijn best in werken met een heroïsch karakter. Hij liet de Camerata Bach Chor Posen dan ook uit volle borst zingen en de Virtuosi Brunenses ongestoord alle registers opentrekken. Dat het hierdoor allemaal een beetje te luid en ongenuanceerd klonk, kon hem blijkbaar niet storen. Ook het publiek kon al die nutteloze decibels niet deren en was bij het slot bijzonder opgetogen met deze uitvoering, die ondanks de Zuiderse stemmen, meer Duits dan Italiaans klonk.

De opera werd voor cd opgenomen door de SWR.

Een bijzonderheid: Giuseppe Verdi schreef variaties voor piano en orkest op de romance "Caro suoro lusinghero" uit deze opera. Te beluisteren op Youtube: Deel 1 en Deel 2.

G.M. (Gepubliceerd op 29/7/2014)

Foto’s van boven naar onder:

1) Laura Polverelli.
2) Sandra Pastrana.

Copyright foto's © Privat.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND