OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN KEULEN

“LA FORZA DEL DESTINO”

Opera KölnOpera in vier bedrijven van Giuseppe Verdi. Het libretto, gebaseerd op het drama “Don Alvaro o La Fuerza de Sino” van Angel de Saavedra, is van de hand van Francesco Maria Piave en bevat ook en uittreksel uit “Wallensteins Lager” van Schiller. De wereldpremière had plaats op 10 november 1862 in Sint Petersburg. We zagen een voorstelling door de Oper Köln in de Musical Dome.

La forza del Destino - Leonard Benad als Chirurgo, Enrique Ferrer als Alvaro en Anthony Michaels-Moore als Don Carlo (Foto: Paul Leclaire)Na enkele jaren uitstel is de opera van Keulen vanaf dit seizoen gesloten wegens renovatiewerken. Daarom werd voor het seizoen 2012-13 uitgeweken naar diverse locaties. Voor deze productie van “La forza del destino” viel de keuze op de Musical Dome naast het station. Een op het eerste zicht wat merkwaardige locatie om opera te spelen maar eigenlijk viel alles bijzonder goed mee: perfecte zichtbaarheid van op alle plaatsen, goede akoestiek en uiteraard uitgebreide technische mogelijkheden. Toch één anekdote: voor het eerst moesten we bij een operavoorstelling betalen voor een toiletbezoek…

De technische uitrusting van de Musical Dome zijn natuurlijk op het lijf geschreven voor regisseur Olivier Py. Sinds zijn enscenering van “Les Huguenots” in Brussel onderscheiden werd tot beste productie van het seizoen 2010-11, is zijn agenda goed gevuld en zijn neiging tot het megalomane alleen maar toegenomen. Wat anders te denken van het immense decor van allerlei industriële gebouwen dat achteraan een monumentale trap als een perpetuum mobile voorbij schuift? Of van de enorme mensenmassa’s die het toneel bevolken? Uiteraard leidt dit spektakel de aandacht af van een gebrek aan personenregie, de zangers zijn wat dat betreft op zichzelf aangewezen. Voor de rest volgt de regie het libretto trouw, tot wanneer Py ontspoort in het begin van het vierde bedrijf en een massa afval over de scène gestrooid wordt, Preziosilla en Trabuco samen met een aantal figuranten geëxecuteerd worden en koorleden met valiezen onophoudelijk als oorlogsvluchtelingen door het auditorium rennen. Hiermee raakt Py uiteraard een van zijn favoriete thema’s aan: de kommer van de oorlog. Maar het brengt ook de zwakte van zijn ensceneringen naar boven: de herhaling van dezelfde thema’s. Niet alleen de oorlog maar ook de donkere decors met muren en trappen, de engelen, de executies en de blote vrouwenborsten zijn ondertussen van een stijlkenmerk geëvolueerd naar een voorspelbaar gegeven. Maar uiteindelijk beleefden we toch een overwegend boeiende voorstelling.

La forza del destino - Enrique Ferrer als Alvaro en Anthony Michaels-Moore als Don Carlo (Foto: Paul Leclaire)Muzikaal werd helaas geopteerd voor de “definitieve” versie van de opera zoals die op 27 februari 1869 in première ging in de Milanese Scala. Voordeel van die versie is uiteraard dat de oorspronkelijke prelude vervangen werd door een van Verdi’s beste ouvertures. Maar wat dramatische kracht betreft is de oerversie, vorig seizoen nog te zien in Antwerpen, een stuk sterker: na het duel aan het einde van het derde bedrijf volgt nog een scène voor Alvaro en aan het einde van de opera springt Alvaro van de rotsen zijn eigen dood tegemoet. In tegenstelling tot de definitieve versie, is er geen redding van het noodlot mogelijk, een visie die waarschijnlijk niet aansluit bij de ideeën van Olivier Py.

La forza del destino” is niet zo eenvoudig te bezetten en dat geldt even goed voor de bij- als de hoofdrollen. De kwaliteit van de Keulse bezetting was erg variabel, gaande van schitterend naar dramatisch slecht. Aan de goede kant zeker de diepere mannenstemmen. Liang Li heeft niet alleen een prachtige sonore basstem die hij ten dienste stelt van Padre Guardiano, hij straalt ook de gewenste noblesse uit. Zijn tegenhanger Padre Melitone vindt in Tiziano Bracci de ideale komische vertolker annex muzikale zanger. Dalia Schaechter is met haar krachtige mezzosopraan en sexy voorkomen de ideale Preziosilla. Anthony Michaels-Moore heeft het niet gemakkelijk met de rol van Don Carlo die zijn vocale mogelijkheden tot het uiterste drijft, vooral in de hoogte. Adina Aaron is een muzikale, geëngageerde en stijlvolle Leonora zonder daarom een Verdi-sopraan te zijn.

La forza del destino - Enrique Ferrer als Alvaro en Adina Aaron als Leonora (Foto: Paul Leclaire)Helaas werden de overwegend positieve indrukken van de voorstelling bijna tenietgedaan door één man: de Spaanse tenor Enrique Ferrer. Wie heeft in godsnaam deze man aangezet om dit soort rollen te zingen? De stem bestaat uit verschillende stukken, detimbreert in elke fortepassage en komt vaak niet eens in de buurt van de vereiste hoogte. Het haast suïcidale enthousiasme waarmee de man zijn rol aanvalt kan sympathie wekken, maar maakt het resultaat niet beter. We vermoeden dan ook dat de carrière van deze jonge man niet lang zal duren. Spijtige zaak.

Will Homburg leidde het Gürzenich Orchester met autoriteit maar ook met respect voor de solisten die zelden overstemd werden door de muziek. Een pluim voor het koor van de Oper Köln dat niet alleen een belangrijke rol speelt in de muzikale beleving maar ook door regisseur Olivier Py af en toe tot het uiterste werd gedreven.

Al bij al een niet onaardige voorstelling die ontsierd werd door de tekortkomingen van één solist. Er zijn nog voorstellingen op 30 september en 3 oktober 2012. Een tip voor wie een voorstelling wil bijwonen: op 3 oktober wordt de rol van Alvaro gezongen door Vsevolod Grivnov.

H.D. (Gepubliceerd op 30 september 2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Leonard Benad als Chirurgo, Enrique Ferrer als Alvaro en Anthony Michaels-Moore als Don Carlo.
2) Enrique Ferrer als Alvaro en Anthony Michaels-Moore als Don Carlo.
3) Enrique Ferrer als Alvaro en Adina Aaron als Leonora.

Copyright foto's © Paul Leclaire

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

"ANNA BOLENA"

Oper KölnTragedia lirica in twee bedrijven van Gaetano Donizetti. Libretto van Felice Romani gebaseerd op toneelstukken van Graaf de Pepoli en Marie-Joseph de Cénier. Het werk kende zijn eerst uitvoering op 26 december 1830 in het Teatro Carcano in Milaan. We woonden op 10 maart 2013 een voorstelling bij in het Palladium door de Oper Köln.

Anna Bolena - Katrin Wundsam (Smeton), Matias Tosi (Lord Rochefort), Olesya Golovneva (Anna), Gidon Saks (Henry VIII) en Luciano Botelho (Riccardo Percy) (Foto: Klaus Lefebvre)We zagen al opera in open lucht, sporthallen en tenten maar nooit eerder werden we vergast op een voorstelling in een oude fabriekshal. Nochtans is onze ervaring in het Palladium ons goed bevallen, ook al door de uitstekende akoestiek en de originele toneeltechnieken die de ruimte biedt.

De Tudor-dynastie die in Engeland heerste van 1485 tot 1603 zijn, vooral door de kleurrijke vertegenwoordigers Henry VIII die zes keer huwde en de flamboyante “iron queen” Elisabeth I, steeds een dankbaar onderwerp geweest voor operacomponisten. Donizetti zelf schreef niet minder dan vier opera’s over dit koningshuis: het vergeten “Il castello di Kenilworth” (1829), “Anna Bolena” (1830), “Maria Stuarda” (1835) en “Roberto Devereux” (1837). De meest gespeelde van dit groepje is ongetwijfeld “Anna Bolena”, een werk dat Maria Callas in de jaren ’50 van de vorige eeuw reeds op haar repertoire nam. Het behandelt de “vervanging” van Anne Boleyn, de tweede vrouw van Henry VIII, door haar hofdame Jane Seymour.

Voor Donizetti betekende “Anna Bolena” een mijlpaal in zijn muzikale ontwikkeling. Voor het eerst begon hij zich los te maken van de conventies van de opera seria die nog dateerden van de tijd van Rossini. Misschien niet meteen op een spectaculaire manier, maar door het inkorten van de openingsscènes en de cabalettas gaf de componist voor het eerst aan in welke richting hij wilde evolueren. Voor de première had hij bovendien de beschikking over het kruim van de toenmalige zangers, zoals Giuditta Pasta, Filippo Galli en Giovanni Batista Rubini zodat succes bijna verzekerd was.

Anna Bolena - Olesya Golovneva (Anna) en Regina Richter (Jane Seymour) (Foto: Klaus Lefebvre)Muzikaal kent de opera heel wat hoogtepunten. Het duet "Sul suo capo aggravi un Dio" tussen Anna en Jane Seymour behoren tot het mooiste wat Donizetti schreef. De aria’s “Vivi tu” voor Percy en de uitgebreide finale voor Anna behoren tot de uitverkoren shownummers van de hedendaagse zangers. Enkel Henry VIII wordt in de partituur wat stiefmoederlijk behandeld en krijgt geen aria.

Regisseurs Tobias Hoheisel en Imogen Kogge plaatsen het verhaal niet in de zestiende maar wel in de negentiende eeuw, waarbij we onbewust moesten denken aan de setting van een “gothic novel”. Anna zelf bevindt zich vanaf het begin in een witte zaal waaruit ze blijkbaar niet kan ontsnappen – haar lot is al van aanvang aan bezegeld. Verder maakt het regisseursteam handig gebruik van de mogelijkheden (en beperkingen) die een zaal als het Palladium biedt. Algemeen gaf de enscenering een wat statische indruk maar we bleven op zijn minst gespaard van de grillen van het regietheater en dat alleen al is een pluim op de hoed van de Oper Köln.

Het was daar in Keulen echter vooral muzikaal genieten geblazen. De solisten waren stuk voor stuk geknipt voor de rol die ze vertolkten en werden bovendien geholpen door de goede akoestiek van de zaal. Zo hoorden we Duitse mezzo Regina Richter, die we ons nog herinneren van haar vertolking van Adalgisa naast de Norma van Edita Gruberova, als Jane Seymour. Zij verbaasde ons met de schoonheid van de stem die in alle lagen homogeen klinkt en de prachtige diminuendo’s die zij zo moeiteloos zingt. Ook vocaal wist zij op die manier Henry VIII rond haar vinger te winden In de titelrol hoorden we de Russische sopraan Olesya Golovneva die een virtuoze maar gepast dramatische vertolking neerzette, ondanks een paar minder mooie lage noten. Grote verrassing van de avond was de jonge Koreaanse tenor Jeongki Cho die slechts voor de tweede keer in zijn nog korte carrière een hoofdrol vertolkte. Hij zong met stijlgevoel en muzikaliteit de moeilijke, hoogliggende rol van Riccardo Percy, de minnaar van Anna. Marco Spotti was een vocaal imposante en autoritaire Henry VIII en Katrin Wundsam een mooie page Smeton.

Anna Bolena - Regina Richter (Jane Seymour) en dameskoor (Foto: Klaus Lefebvre)De muzikale leiding lag in de handen van de Italiaanse barokspecialist Alessandro de Marchi. Uiteraard beschikte hij met het schitterende Gürzenich-Orchester niet over een ensemble dat op authentieke instrumenten speelt. Nochtans probeerde hij tot een zo origineel mogelijke uitvoering te komen waarbij bepaalde gewoonten uit de twintigste eeuw, zoals het afsluiten van een aria met een hoge noot, gemeden werden. Desalniettemin vonden we zijn werk af en toe wat brutaal, zeker tijdens de ouverture, en waren koor en orkest af en toe wat ongelijk.

Samengevat zagen we in Keulen een prachtige uitvoering van Donizetti’s meesterwerk. Opmerkelijk daarbij is dat, op Mario Spotti na, alle solisten die we hoorden deel uitmaken van het ensemble van de Oper Köln. Wie doet hen dat na?

We zagen de laatste voorstelling van de reeks.

H.D. (Gepubliceerd op 11 maart 2013)

Foto's van boven naar onder:

1) Katrin Wundsam (Smeton), Matias Tosi (Lord Rochefort), Olesya Golovneva (Anna), Gidon Saks (Henry VIII) en Luciano Botelho (Riccardo Percy).
2) Olesya Golovneva (Anna) en Regina Richter (Jane Seymour).
3) Regina Richter (Jane Seymour) en dameskoor.

Copyright foto's © Klaus Lefebvre

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

“DIE GEZEICHNETEN”

Oper KölnOpera in drie bedrijven van Franz Schreker op een eigen libretto naar “Hidalla” van Wedekind. Het werk werd voor het eerst opgevoerd in de Alte Oper te Frankfurt op 25 april 1918. We waren op 5 mei 2013 aanwezig bij een voorstelling door de Oper Köln in het Palladium te Keulen.

Die Gezeichneten - Oliver Zwarg als Adorno en Simon Neal als Tamare (Foto: Klaus Lefebvre)Zoals wel meer van zijn tijdgenoten, had Schreker het voortdurend aan de stok met de Nazi-censuur. Vanaf de jaren dertig verdwenen zijn werken stelselmatig van het repertoire en pas aan het einde van twintigste eeuw werd zijn oeuvre opnieuw ontdekt. Niet enkel “Die Gezeichneten” maar ook “Der ferne Klang” behoren al enkele decennia min of meer tot het vaste operarepertoire. “Der Schatzgräber” ging onlangs nog in Amsterdam en “Der Schmied von Gent” in Chemnitz.

Schreker schreef het libretto van “Die Gezeichneten” aanvankelijk op verzoek van Alexander von Zemlinsky. De idee van de lelijke maar edele man die afgewezen werd door zijn geliefde en in een moordenaar verandert, toonde veel gelijkenis met de situatie van Zemlinsky zelf. Die werd immers door Alma Schindler afgewezen ten voordele van Gustav Mahler. En laat Zemlinsky nu ook niet meteen moeders mooiste geweest zijn, wat het verband tussen fictie en werkelijkheid nog frappanter maakt. Hoe dan ook, Schreker wilde zijn tekst zelf op muziek zetten en Zemlinsky maakte een andere opera rond het zelfde thema: “Der Zwerg”.

Een opvoering van “Die Gezeichneten” is geen gemakkelijke opgave. De partituur vraagt een gigantisch orkest en aan de zangsolisten worden haast onmenselijke eisen gesteld. Schreker schrijft op zijn zachtst gezegd niet in functie van de menselijke stem. We vragen ons dan ook af wat een zanger er toe aanzet om dergelijke voor de stem schadelijke rollen aan te nemen. Het is overigens niet ongebruikelijk om wat uit de partituur te knippen, maar in Keulen konden we alle muziek horen. Om maar te zeggen dat de inspanning van de Oper Köln niet onderschat mag worden.

Die Gezeichneten - Stefan Vincke als Alviano Salvago en Nicola Beller Carbone als Carlotta (Foto: Karl Lefebvre)De partituur van “Die Gezeichneten” heeft de typische Schreker-klank en valt vooral op door de zware orkestratie en uitgesproken dramatiek. Daarnaast zijn er ook hier en daar verwijzingen naar andere componisten zoals Richard Strauss of Puccini. Vooral de orkestrale passages ervoeren we als de hoogtepunten van de voorstelling.

Dat een originele locatie, het Palladium is een oude fabrieksruimte, voor een ongeziene creatieve boost kan zorgen, blijkt uit de enscenering van regisseur en decorontwerper Patrick Kinmonth. Voor de gelegeheid werd tussen twee tribunes een soort arena opgericht waarin het drama zich afspeelt. Kinmonth laat het verhaal uiteraard niet spelen in de oorspronkelijke periode (het eigenlijke verhaal leest u hier) maar in het heden. De lelijke Alvinio is een schooier die leeft in een vervallen krot tussen de autowrakken. Hij heeft nooit een vrouw gehad en begluurt zijn buurvrouw Carlotta, een schilderes. Uiteindelijk zal Alvinio haar en zijn vriend Tamare vermoorden wanneer blijkt dat Carlotta voor Tamare kiest. Dit hedendaagse verhaal wordt doorsponnen met renaissance-taferelen die de fantasiewereld van Alvinio uitbeelden. Resultaat is de meest indrukwekkende operaproductie die we dit seizoen zagen.

Even memorabel vonden we de prestatie van het Gürzenich-Orchester Köln, voor de gelegenheid uitgebreid tot meer dan 90 musici. Onder de leiding van muziekdirecteur Markus Stenz brachten zij de prachtigste klanken ten gehore, of het nu ging om de emotionele uitbarstingen in de partituur of om de meer intieme passages.

De zwaarste taak was echter weggelegd voor de solisten en het moet gezegd dat de Oper Köln voor deze gelegenheid een onvergetelijk team van zangers-acteurs bij elkaar bracht. Zo was de tenor Stefan Vincke, een van de betere Wagnertenoren van het moment, volledig opgewassen tegen de rol van Alvinio die zijn vocale mogelijkheden vooral in de hoogte tot aan zijn grenzen voerde. Zijn uitbeelding van zijn personage was van een beklijvende intensiteit wat hem na afloop een grote ovatie van een duidelijk geroerd publiek opleverde.
Die Gezeichneten - Stefan Vincke als Alviano Salvago en Simon Neal als Tamare (Foto: Klaus Lefebvre)De Spaans-Duitse sopraan Nicola Beller Carbone was een scenisch en vocaal overtuigende Carlotta, terwijl de Britse bariton Simon Neal een sterke en mooi getimbreerde Tamare neerzette. Van de talrijke andere solisten (meer dan twintig in het totaal) onthouden we vooral een autoritaire Oliver Zwarg als Adorno, Katrin Wundsam als Martuccia en Jyrki Korhonen als een imposante Nardi.

“Die Gezeichneten” is een opera die zelden gespeeld wordt en daarom alleen al is een bezoek aan het Palladium in Keulen de moeite waard. Wanneer een productie dan nog van dergelijk hoog niveau is kunnen we de melomanen slechts één advies geven: allen daar heen !

Er zijn nog voorstellingen op 12 en 18 mei 2013.

H.D. (Gepubliceerd op 6 mei 2013)

Foto's van boven naar onder:

1) Oliver Zwarg als Adorno en Simon Neal als Tamare.
2) Stefan Vincke als Alviano Salvago en Nicola Beller Carbone als Carlotta.
3) Stefan Vincke als Alviano Salvago en Simon Neal als Tamare.

Copyright foto's © Klaus Lefebvre.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND