OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN LANGENLOIS

Schlossfestspiele Langenlois

“DAS DREIMÄDERLHAUS”

Operette met muziek van Franz Schubert, bewerkt en samengesteld door Heinrich Berté, gebaseerd op Rudolf Hans Bartsch’s roman “Schwammerl”. Het libretto is van Alfred Willner en Heinz Reichert. Wereldpremière in 1916 in het Wiener Raimundtheater. Première van deze productie door de Schlossfestspiele Langenlois op 26 juli 2012. Bijgewoonde voorstelling op 4 augustus 2012.

Das Dreimäderlhaus - Erwin Belakowitsch als Franz Schubert (Foto: Helmut Lackinger)"Das Dreimäderlhaus" draait om Franz Schubert, zijn vrienden die regelmatig samen komen en de drie dochters van de familie Tschöll. De verlegen Schubert wordt verliefd op de jongste dochter Hannerl, maar vraagt aan zijn vriend Schober in zijn plaats een liefdeslied te zingen, dat hij speciaal voor haar componeerde. Hannerl begrijpt het echter verkeerd en vliegt Schober om de hals, zodat Schubert alleen achter blijft.

Franz Schubert werd gezongen door Erwin Belakowitsch, een mooi gekleurde baritonstem, zeer geschikt voor de liederen van Schubert. Zijn vriend Franz Schober vond een goede vertolker in Dirk Konnerth. De andere vrienden werden gespeeld door Till von Orlowsky (Moritz von Schwindt), Lothar Burtscher (Leopold Kuppelwieser) en Joachim Moser (Johan Michael Vogl). De twee huwelijkskandidaten van de oudste meisjes waren Florian Peirimovski (Andreas Bruneder) en Andreas C.Mittermayer (Ferdinand Binder). Peter Thunhart bracht met veel overtuiging de rol van vader Tschöll.

De jongste dochter Hannerl werd gespeeld door Claudia Goebl, haar zusters Hederl en Heiderl, respectievelijk door Christina Sidak en Anna-Katherina Tonauer. Voor de rol van Giuditta Grisi werd Isabella Kuess uitgenodigd. Zij kreeg een extra belcanto aria te zingen. Elisabeth Reichert kreeg een dubbelrol als moeder Tschöll en Frau Bramitzberger, de huisbewaarster. Het geheel werd vervolledigd met Franz Buchecker als de huisarts van Schubert.

Das Dreimäderlhaus - De drie meisjes, omringd door de vrienden met Claudia Goebel als Hannerl rechtstaand in het midden (Foto: Helmut Lackinger)Bij al deze zangers was geen enkele hoogvlieger, maar er viel ook niemand uit de toon, zodat er over een homogene bezetting kan gesproken worden.

De regie van Rudolf Frey was een beetje aan de trage kant en de wijzigingen aan de originele versie hielpen hier niet veel aan. Het begin van het werk was eigenaardig door het uitbeelden van een zieke Schubert, die verpleegd wordt door zijn dokter. Schubert zong daarbij een lied dat echter vrij lang uitviel. Op het einde van de operette stond Hannerl in bruidskleed in dezelfde kamer bij de zieke Schubert en zijn dokter. Aan het publiek om daar zelf de betekenis van te begrijpen.

De muzikale leiding van intendant Uwe Theimer met het Wiener Opernball Orchester beviel ons wel, hoewel sommige tempi anders genomen werden dan wij ze kennen en verschillende keren gehoord hebben. Het was ook jammer dat de voorstelling overvallen werd door een korte regenbui, terwijl men stoïcijns verder speelde. Anderzijds misten we in de mannelijke hoofdrollen de normale bezetting met tenoren, hoewel de baritons het er niet slecht af brachten. Voor het decor had Vincent Mesnaritsch, zoals gewoonlijk op deze locatie, het kasteel Haindorf lichtjes omgebouwd.

Das Dreimäderlhaus - Peter Thunhart als Hofglasermeister Tschöll en Elisabeth Reichart als Marie Tschöll (Foto: Helmut Lackinger)Aan het slotapplaus kon men niet merken dat het hier eigenlijk ging om een vrij onbekende operette met zuiver klassieke muziek.

Er wordt nog gespeeld tot 18 augustus 2012.
Voor volgend seizoen staat “Wiener Blut” geprogrammeerd vanaf 25 juli 2013.

H.V. (Gepubliceerd op 14/8/2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Erwin Belakowitsch als Franz Schubert.
2) De drie meisjes, omringd door de vrienden met Claudia Goebel als Hannerl rechtstaand in het midden.
3) Peter Thunhart als Hofglasermeister Tschöll en Elisabeth Reichart als Marie Tschöll.

Copyright foto's © Helmut Lackinger.

TERUG NAAR KEUZELIJST OOSTENRIJK