OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN DUISBURG

“CARMEN”

Deutsche Oper am RheinOpera van Georges Bizet (muziek) en Henri Meilhac & Ludovic Halévy (libretto) naar de gelijknamige novelle van Prosper Merimée. Wereldpremière op 3 maart 1875 in de Opéra Comique te Parijs. Bijgewoonde première van deze productie door de Deutsche Oper am Rhein in het Theater Duisburg op 15 oktober 2011.

Carmen - Anke Krabbe (Micaëla), Dmitri Vargin (Morales) en koor (Foto: Hans Jörg Michel)Al bij de eerste noten van het voorspel van "Carmen" werd duidelijk dat de dirigent Axel Kober veel passie ten toon spreidde en dit duidelijk goed kon overbrengen op de Duisburger Philharmoniker. Alle tempowijzigingen vormden een volkomen eenheid met het gebeuren op het podium. Het reusachtige operakoor, voorbereid door Gerhard Michalski en het kinderkoor, voorbereid door Karoline Philippi, aangevuld met de figuranten, gaven de aanzet tot een zeer actieve en beweeglijke prestatie.
Hun levendige actie was dusdanig dat het niet altijd mogelijk was de dirigent te zien, wat soms, zeer kort, hoorbaar was.

De titelrol werd gezongen door Isabelle Druet, die in de Koningin Elisabethwedstrijd 2008 als 2de eindigde. Zowel scenisch als vocaal leverde zij een topprestatie. Sergej Khomov, een tenor uit Odessa (Oekraïne) was Don José. Met een prachtig genuanceerde stem, was hij een waardige partner voor Carmen. De Duitse sopraan Anke Krabbe kon met haar mooie stem en gevoelig acteren een zeer goede Micaëla brengen. Richard Šveda is een Slovaakse bariton, die Escamillo zeer kleurrijk vertolkte.
Carmen - Sergej Khomov als Don José en Isabelle Druet als Carmen (Foto: Hans-Jörg Michel)De rollen van Frasquita en Mercédès werden eveneens zeer goed gebracht door Alma Sadé en Iryna Vakula. Deze partijen worden soms onderschat, maar zijn zeer belangrijk in de ensembles en vooral in het kaarttrio met Carmen. De rollen van Remendado en Dancaïro werden gezongen door Johannes Preissinger en Daniel Djambazian, die met hun volwaardige prestatie zeer goed pasten in het geheel. In de kleine rol van Moralès liet Dmitri Vargin een mooi gekleurde baritonstem horen, terwijl Timo Riihonen een goede Zuniga bracht.

Acht dansers vulden het geheel goed aan in een choreografie van Ana Garcia.
Het decor van Rifail Ajdarpasic was kolossaal, tamelijk donker en toch functioneel. De regisseur Carlos Wagner met assistente Sophie Jacquet werden bij het groeten gedeeltelijk op boegeroep onthaald, waar we zeker niet mee akkoord gingen. Er waren wel enkele zaken anders dan we gewoon zijn, maar die waren niet storend. Een voorbeeld hiervan is dat Don José in de laatste acte werkzaam schijnt te zijn bij de arena van de stierenvechters. Hij moet dan ook de kadavers opruimen en steekt Carmen dood met de horens van een stierenhoofd.

Carmen - Richard Sveda als Escamillo en Isabelle Druet als Carmen (Foto: Hans-Jörg Michel)Als geheel vonden we het een prachtige prestatie van de Deutsche Oper am Rhein, zeker de moeite voor een verplaatsing waard.

Er zijn nog verschillede voorstellingen. De datums, de theaters en de wisselende bezettingen vindt U op de webpagina van Deutsche Oper am Rhein

H.V. (Gepubliceerd op 18/10/2011)

Foto's van boven naar onder:

1) Anke Krabbe als Micaëla), Dmitri Vargin als Morales en koor.
2) Sergej Khomov als Don José en Isabelle Druet als Carmen.
3) Richard Sveda als Escamillo en Isabelle Druet als Carmen.

Copyright foto's © Hans Jörg Michel.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

“LA BOHEME”

Deutsche Oper am RheinOpera van Giacomo Puccini (muziek) en Giuseppe Giacosa & Luigi Illica (libretto) naar “La vie de Bohème” van Henri Murger. Wereldpremière op 1 februari 1896 in het Teatro Regio te Turijn. Première van deze productie door de Deutsche Oper am Rhein op 24 september 2010 in het Opernhaus Düsseldorf. Bijgewoonde voorstelling op 18 mei 2012 in het Theater Duisburg.

La Bohème - Nataliya Kovalova als Mimì, Giuseppe Varano als Rodolfo en koor (Foto: Hans Jörg Michel)Zoals in Düsseldorf werd hier bij de opvoering van "La Bohème" door één der medewerkers aan het publiek gevraagd om de protestformulieren te ondertekenen betreffende de toekomst van de afdeling Duisburg van de Deutsche Oper am Rhein. Na 56 jaar samenwerking tussen beide operahuizen, zou wegens besparingen hieraan een einde komen. Als gevolg hiervan zou het orkest een honderdtal optredens per seizoen mislopen en volgt dan mogelijk het einde van de Duisburger Philharmoniker.

Het genoemde orkest bezit een zeer mooie klank, maar speelde veel te luid, zodat sommige zangpassages op onze uitstekende plaatsen, toch onhoorbaar waren. De dirigent Christoph Altstaedt respecteerde wel de stijl, maar kon blijkbaar het orkest niet voldoende dempen.

De sopraan Nataliya Kovalova (Mimi) bezit een mooie stem, zong zeer gevoelig en had slechts een klein probleem met enkele hoge noten. Iulia Elena Surdu was op alle gebied een ideale Musetta. Zowel het zingen als het acteren was van de bovenste plank.
La Bohème - Iulia Elena Surdu als Musetta en koor (Foto: Hans Jörg Michel)Giuseppe Varano bezit een prachtige stemkleur. Hij was uitstekend in de rol van Rodolfo maar dan liefst met een ander orkest. De bariton James Bobby was als Marcello de vierde hoofdrol in deze productie. Met een mooie en krachtige stem vulde hij op waardige wijze het kwartet aan. De overige rollen waren eveneens zeer goed bezet door Daniel Djambazian (Schaunard), Adrian Sâmpetrean (Colline), Peter Nikolaus Kante (Benoit en Alcindoro), Luis Fernando Piedra (Parpignol), Clemens Begritsch (Sergeant) en Franz-Martin Preihs (Douanier).

Het was een massaal koor en figuratie die op een vinnige wijze de solisten aanvulden in de tweede acte. Het Chor der Deutschen Oper am Rhein werd voorbereid door Christoph Kurig, het Kinder- und Jugendchor St. Remigius Düsseldorf-Wittlaer werd voorbereid door Petra Verhoeven. Deze werden bijgestaan door de Statisterie der Deutschen Oper am Rhein.

We zagen een regie van Robert Carsen, die zeer aanvaardbaar was, soms zeer gevoelig en soms zeer uitbundig. Het decor van Michael Levine was echter zeer sober. De eerste en de vierde scènes speelden af op een ruitvormig gedeelte van het podium, waar men via een luik boven kwam om de illusie van een zolderkamer te wekken. In de tweede scène stond het podium vol met oude piano’s en bedden en zo werd uitbundig feest gevierd. In tegenstelling hiermee, stond er in de laatste scène geen bed op de zolderkamer, zodat Mimi op een matras op de grond stierf, hoewel er in de eerste scène wel een bed stond. Soms werd er gezongen door het luik en dit was dan weer praktisch onhoorbaar. Zeer gevoelig was de finale, waar na het overlijden van Mimi de vier vrienden weggaan naar de vier hoeken en zo het koppel eenzaam achter blijft. De kledij voldeed aan de verwachtingen.

La Bohème - Links: Nataliya Kovalova als Mimì en Giuseppe Varano als Rodolfo. Rechts: Richard Šveda als Schaunard, Adrian Sâmpetrean als Colline, Iulia Elena Surdu als Musetta en Laimonas Pautienius als Marcello (Foto: Hans Jörg Michel)Samenvattend werd er prachtig gezongen en gevoelig geacteerd door de hoofdrollen tot de kleinste partijen, zelfs door Parpignol, die wel achter het podium zijn mooie zang moest aanvangen.

Deze coproductie met de Vlaamse Opera was al te zien in Antwerpen en Gent in 1993 en 2001.

Ondanks onze opmerkingen, was het publiek zeer enthousiast.

Er zijn nog voorstellingen in oktober en november 2012.

H.V. (Gepubliceerd op 22/5/2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Nataliya Kovalova als Mimì, Giuseppe Varano als Rodolfo en koor.
2) Iulia Elena Surdu als Musetta en koor.
3) Links: Nataliya Kovalova als Mimì en Giuseppe Varano als Rodolfo. Rechts: Richard Šveda als Schaunard, Adrian Sâmpetrean als Colline, Iulia Elena Surdu als Musetta en Laimonas Pautienius als Marcello.

Copyright foto's © Hans Jörg Michel.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND

“PHAEDRA”

Deutsche Oper am RheinOpera van Hans Werner Henze op een libretto van Christian Lehnert. Gecreëerd in de Staatsoper te Berlijn op 6 september 2007. Première van deze productie door de Deutsche Opera am Rhein op 29 oktober 2010. Bijgewoonde voorstelling in het Theater Duisburg op 27 mei 2012.

Phaedra - Anke Krabbe als Aphrodite en Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra (Foto: Hans Jörg Michel)De inhoud van deze “concertopera” is - op zijn zachtst uitgedrukt - verwarrend. Wij proberen deze in het kort weer te geven. De achtergrond van de vertelling grijpt terug naar de Griekse mythologie: Theseus verslaat de Minotaurus, de halfbroer van Ariadne. Phaedra, de zuster van Ariadne, is de vrouw van Theseus. Zijn zoon, Hippolytus komt uit zijn huwelijk met Antiope.
De Kretenzische koningin Phaedra houdt, door Aphrodite in de war gebracht, van haar stiefzoon Hippolytus. Deze liefde is echter eenzijdig. Teleur gesteld door deze onbeantwoorde liefde, beschuldigt ze hem van verkrachting aan zijn vader Theseus. Deze doodt zijn zoon en Phaedra doodt zichzelf uit wroeging.
Het tweede bedrijf heeft plaats in een ander tijdperk, in een heilig bos aan het meer van Nemi. Artemis, de godin van de jacht, brengt Hippolytus terug tot leven, noemt hem Virbius (god van het bos) en sluit hem op (voor zijn eigen veiligheid?) in een kooi. De jongeling moet zich echter tegen een nieuwe benadering van Phaedra beschermen en vlucht het bos in. Daar danst hij op de muziek van de Minotaurus een nieuwe toekomst als “sterfelijke” tegemoet.

Waarom Henze zijn opera een “Konzertoper” noemde, is onduidelijk, want het werk werd al bij zijn creatie scenisch opgevoerd. Alsof de inhoud nog niet verwarrend genoeg is, werd deze hier door regisseur Sabine Hartmannshenn naar andere tijdperken en locaties verplaatst. De kledij was hedendaags. De eerste acte speelde af in een donker, sfeerloos decor, terwijl de tweede acte in een vuile, verkommerde fabrieksruimte gesitueerd werd. Waar de eerste acte nog aan een Griekse tragedie deed denken, was de tweede een regelrechte klucht. Daar kregen wij enkele groteske taferelen te zien die ons meer dan eens deden denken aan “The Rocky Horror Show” van Richard O’Brien. Doorslaggevend was daarbij de uitbeelding van Artemis als een travestiet.

Phaedra - Harald Beutelstahl als helper van Artemis, Vasily Khoroshev als Artemis, Anke Krabbe als Aphrodite, Jussi Myllys als Hippolyt en Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra (Foto: Hans Jörg Michel)Muzikaal zorgde het werk niet voor verrassingen. Van Henze mag je natuurlijk geen belcanto verwachten, maar de orkestraties klonken bijzonder expressief, vaak energiek en temperamentvol. Een tamelijk klein muzikaal ensemble, dat bestond uit 23 leden van de Duisburger Philharmoniker onder leiding van Wen-Pin Chien, liet deze niet zo eenvoudige muziek mooi tot haar recht komen.

Maar ook vocaal werd er uitstekend werk geleverd. Wij denken in de eerste plaats aan Ursula Hesse von den Steinen, een fraaie lichte mezzosopraan die wij onlangs nog in de Vlaamse Opera hoorden in “Rumor” van Christian Jost. Zij profileerde zich als een overtuigende Phaedra, waarbij zij er in de potsierlijke tweede acte niet voor terugdeinsde haar nobel achterwerk, enkel beschermd door een “string”, als een volle maan aan het publiek te tonen. Zeer speels en jeugdig van klank was de sopraan Anke Krabbe als Aphrodite die met Phaedra een welluidend duo vormde. De tenor Jussi Myllys moest als Hippolyt de constante aanvallen van deze twee schoonheden ondergaan, maar wist desondanks ook nog door zijn goede vocale kwaliteiten de rol tot leven te wekken.
Vasily Khoroshev zong de rol van Artemis met twee stemmen: als countertenor en als bariton.

De opera duurde amper een uur en drie kwartier, inclusief een pauze van 30 minuten, werd in het Duits gezongen en was ook in het Duits boventiteld.

Phaedra - Vasily Khoroshev als Artemis, Anke Krabbe als Aphrodite, Jhane Hill als Minotaurus / Danser, Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra en Jussi Myllys als Hippolyt  (Foto: Hans Jörg Michel)Een muzikale hoogvlieger zouden wij het werk niet durven noemen, maar de bijzonder onderhoudende tweede acte en de levendige enscenering zorgden toch voor een aangename avond.

Wie nog met deze productie wil kennis maken, moet zich wel haasten want er is nog slechts één voorstelling op 7 juni 2012 en voor volgend speeljaar staat het werk niet vermeld bij de hernemingen.

G.M. (Gepubliceerd op 29/5/2012.

Foto's van boven naar onder:

1) Anke Krabbe als Aphrodite en Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra.
2) Harald Beutelstahl als helper van Artemis, Vasily Khoroshev als Artemis, Anke Krabbe als Aphrodite, Jussi Myllys als Hippolyt en Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra.
3) Vasily Khoroshev als Artemis, Anke Krabbe als Aphrodite, Jhane Hill als Minotaurus / Danser, Ursula Hesse von den Steinen als Phaedra en Jussi Myllys als Hippolyt.

Copyright foto's © Hans Jörg Michel.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND