OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN BONN

Theater Bonn

“LAKME”

Opera in drie bedrijven op muziek van Léo Délibes. Libretto van Edmond Gondinet en Philippe Gille naar de Roman “Le Mariage de Loti” van Pierre Loti. Wereldpremière op 14 april 1883 in de Opéra-Comique, Salle Favart te Parijs. Première door het Theater Bonn in een co-productie met het Opéra-Théâtre van Metz Métropole op 29 januari 2012. Bijgewoonde voorstelling op 20 april 2012.

Lakmé - Renatus Mészár als Nilakantha en Miriam Clark als Lakmé (alternerende bezettingen) (Foto: Lilian Szokody)"Lakmé" wordt tegenwoordig zelden uitgevoerd. De handeling speelt in India. De brahmaan Nilakantha mag van de Britten zijn functie als priester niet uitoefenen. Hij vreest dat Brahma zich zal wreken dankzij de stem van zijn dochter Lakmé. Samen met Mallika zingt Lakmé het wondermooie duet “Dôme épais de jasmin”, waarna zij haar juwelen op een bank aan de rand van het water legt. Een Brits gezelschap komt daar voorbij en vindt deze juwelen. Wanneer Mallika en Lakmé terug komen, verbergt de Britse Gérald zich. Later ontdekt Lakmé hem en hij maakt haar dadelijk het hof in het mooie duet “C’est le Dieu de la jeunesse”. Nilakantha komt echter terug en ziet nog juist hoe de Britse officier zich uit de voeten maakt.
In de tweede akte bevindt men zich op een marktplein. Nilakantha heeft zich verkleed in een bedelaar en loopt samen met Lakmé tussen het volk. Hij hoopt hier de Brit te vinden die het aangedurfd heeft, zijn dochter te verleiden. Hiervoor dwingt hij Lakmé om een ballade te zingen, wat resulteert in de moeilijke klokjesaria: “Où va la jeune Hindoue”. Gérald heeft alles afgeluisterd, maar wordt door Nilakantha in de val gelokt en zwaar verwond. Lakmé komt hem ter hulp.
In de derde akte ziet men Lakmé en Gérald. De laatste is hersteld van zijn verwondingen. Wanneer hij echter zijn Britse vrienden hoort, voelt hij heimwee en beseft hij dat een leven samen met Lakmé onmogelijk is. Lakmé beseft dit ook, drinkt samen met hem van het heilige water en eet heimelijk een blad van de giftige Catura. Wanneer Nilakantha aankomt, sterft zij in zijn armen.

De prachtige, sfeervolle muziek werd uitgevoerd door een aantal zeer goede zangers. Enkele rollen werden dubbel bezet. In de titelrol hoorden wij de jonge Poolse sopraan Aleksandra Kubas, die met een aangenaam timbre en zeer veel frasering deze grote rol vertolkte. Mits vlijtig studeren zullen ook de contra mi’s prachtnoten worden. In de originele partituur zijn deze twee zeer hoge noten niet verplicht. Het zal haar zeker geen aangenaam gevoel gegeven hebben, deze te moeten zingen terwijl zij op een schommel zat.

Lakmé - Miriam Clark als Lakmé (alternerende bezetting) en Alexandru Badea als Gérald (Foto: Lilian Szokody)De mannelijke hoofdrol, Gérald, was tijdens onze voorstelling de schitterende Roemeense tenor Alexandru Badea, die vocaal de best afgewerkte prestatie leverde. Wij hoorden hem al in “Lucia di Lammermoor” van Donizetti, “Rigoletto” van Verdi en “Giuditta” van Lehar. Zowel de forte- als de pianopassages waren vocale hoogstandjes. Nilakantha werd op onze voorstelling gezongen door Ramaz Chikviladze. Deze bariton bezit een prachtige stemkleur en zong met veel gevoel. Omdat hij zijn aria gans achteraan moest aanzetten, hoorde hij waarschijnlijk het orkest zeer slecht en zong hij iets onder de toon, wat in het tweede gedeelte, toen hij vooraan stond, volledig opgelost was.

De dienares Mallika werd gezongen door de mezzosopraan Susanne Blattert. Zij zong zeer mooi de prachtige duetten met Lakmé. De kleine partij van de dienaar Hadji werd degelijk gezongen door de tenor Carles Prat. De groep Engelsen die Gérald vergezellen bestond uit Anjara I. Bartz (Mistress Bentson), Julia Kamenik (Ellen) en Charlotte Quadt (Rose) en Giorgos Kanaris (Fréderic). Zij vervolledigden zeer goed het ensemble. Tenslotte blijven er nog de mooie prestaties van de drie ballerina’s in een choreografie van Elodie Vella: Stephanie Blasius, Raquel López Ogando en Nora Vladiguerov. Het koor van het Theater Bonn, voorbereid door Sibylle Wagner, en de figuranten zorgden voor een goede omkadering van het geheel.

Het Beethoven Orchester Bonn speelde onder leiding van Robin Engelen. De klank van dit bekende orkest is zeer mooi en waar nodig, exotisch gekleurd. Soms speelde het overdreven sterk, zodat de uitstekende zangers niet altijd goed hoorbaar waren. Dit was vooral pijnlijk bij de slotnoot van de drie hoofdrollen.

Lakmé - Ensemble (Foto: Lilian Szokody)De enscenering van Paul-Emile Fourny was voor ons een grote tegenvaller. Meestal liep men maar wat over en weer en was de voornaamste beweging het draaitoneel dat geregeld gebruikt werd. Het decor van Benoît Dugardyn was wel mooi en passend, maar werd ook ontelbare malen anders geplooid. Dit maakte de situatie niet duidelijk en liet veel aan de fantasie over.
Tijdens de bijgewoonde voorstelling was de zaal bijna totaal gevuld met een zeer enthousiast publiek.

Deze helaas weinig gespeelde opera kan u nog zien op 12 mei en 1 juni 2012.

H.V. (Gepubliceerd op 23/4/2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Renatus Mészár als Nilakantha en Miriam Clark als Lakmé (alternerende bezettingen)
2) Miriam Clark als Lakmé (alternerende bezetting) en Alexandru Badea als Gérald.
3) Ensemble.

Copyright foto's © Lilian Szokody.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND