OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN LUIK

“LA FILLE DE MADAME ANGOT”

Opéra Royal de WallonieKomische opera in twee bedrijven van Charles Lecocq op een tekst van Claireville, Siraudin en Koning. De opera ging in première op 4 december 1872 in het Brusselse Théâtre des Fantaisies-Parisiennes. We woonden op 29 december 2011 in Luik een voorstelling bij door de Opéra Royal de Wallonie in het Palais Opéra.

La fille de Madame Angot - Mathieu Abelli als Ange Pitou en Clémence Tilquin als Clairette (Foto: Jacques Croisier)Het is een jaarlijkse traditie geworden daar in Luik: in de eindejaarsperiode gaat alle aandacht naar het lichtere genre. Na de operettes en musicals van de voorbije jaren, vaak gespeeld in een Franse vertaling, was het dit jaar de beurt aan “La fille de Madame Angot”, een komische opera van Lecocq.

Hoewel vandaag vergeten, schreef Lecoq zowat honderd werken voor het muziektheater. Slechts één werk, “La fille de Madame Angot” wist de tand des tijds te doorstaan en wordt nog af en toe opgevoerd. De componist haalt duidelijk zijn mosterd bij Offenbach, niet alleen voor wat de muziek betreft maar ook de tijdsgebonden maatschappijkritische elementen zijn aanwezig. Deze laatste gaan bij een hedendaagse opvoering helaas verloren en daar kunnen “aangepaste” vertalingen (er was o.a. sprake van “staatshervorming” en “splitsing”) weinig aan veranderen. Wat niet wegneemt dat “La fille de Madame Angot” een leuk werkje is met vooral naar het einde toe de nodige “schwung” en bij gevolg uiterst geschikt is om het kalenderjaar mee af te sluiten.

Zoals gebruikelijk in Luik werden we vergast op een traditionele enscenering. Kleurrijk en met veel actie wist regisseur Gianni Santucci het publiek te boeien. Er was steeds wat te zien op het toneel en ook de personenregie was geslaagd. Wel werden hier en daar wat kansen gemist om humor in het werk te leggen - meer dan af en toe een glimlach wist Santucci bij ons alleszins niet op te wekken.

La fille de Madame Angot - Clémence Tilquin als Clairette en Alexise Yerna als Mademoiselle Lange (Foto: Jacques Croisier)Muzikaal stak alles mooi in elkaar, wat zeker voor een groot deel de verdienste was van dirigent Emmanuel Joel-Hornack die zich met hart en ziel op Lecocqs partituur stortte en wiens dynamisme uitstekend aansloot bij de regie. Ook de solisten waren met zorg uitgekozen. Zo toonde Clémence Tilquin zich een sprankelende, mooi zingende Clairette. Het toneel werd echter gedomineerd door de mezzo Alexise Yerna waarvan we dachten dat ze reeds enkele jaren geleden afscheid nam van het toneel en die hier een ijzersterke Mademoiselle Lange neerzette. Vocaal viel hier en daar wel wat aan te merken, maar dat alles viel in het niets bij haar vertolking. De heren bereikten, ook al door hun eerder klein stemorgaan, niet hetzelfde niveau. Stéphane Malbec-Garcia heeft nochtans een mooie, homogene tenor maar was bij momenten nauwelijks hoorbaar in het gigantische Palais Opéra. Zijn stemvakgenoot Mathieu Abelli had minder problemen met de zaal maar had het wat moeilijk in het hoge register in de rol van Ange Pitou. Verdienstelijk waren de andere solisten waaronder verschillende leden van het koor van de Opéra Royal de Wallonie.

We vonden de Luikse voorstelling van “La fille du Madame Angot” een feestelijke afsluiter van 2011.

La fille de Madame Angot - Clémence Tilquin als Clairette, Stéphane Malbec-Garcia als Pomponnet en Mathieu Abelli als Ange Pitou (Foto: Jacques Croisier)Officieus klinkt het dat de Luikse Opera op 17 september 2012 zal heropenen. Dat zal voor het publiek ongetwijfeld een opluchting zijn. Niet alleen misten de gesproken dialogen tijdens de voorstelling die we zagen impact, de herhaaldelijke regenbuien op het tentzeil van het Palais Opéra maakten de solisten bij momenten onhoorbaar.

U kan “La fille de Madame Angot”, een coproductie met de opera van Lausanne, nog gaan bekijken in Charleroi op 7 januari 2012.

H.D. (Gepubliceerd op 2 januari 2012).

Foto's van boven naar onder:

1) Mathieu Abelli als Ange Pitou en Clémence Tilquin als Clairette.
2) Clémence Tilquin als Clairette en Alexise Yerna als Mademoiselle Lange.
3) Clémence Tilquin als Clairette, Stéphane Malbec-Garcia als Pomponnet en Mathieu Abelli als Ange Pitou.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

“LA VERA COSTANZA”

Opéra Royal de WallonieDrama giocosa in drie bedrijven van Franz Joseph Haydn op een tekst van Francesco Puttini. De opera kende zijn creatie op 25 april 1779 in Esterhazy. We woonden een voorstelling bij van dit zelden gespeelde werk door de Opéra Royal de Wallonie in het Palais Opéra te Luik op 29 januari 2012.

La vera costanza - Sandra Fernandez als Rosina en Yuri Gorodetski als Errico (Foto: Jacques Croisier)De naam Haydn doet het hart van de operaliefhebber niet bepaald sneller slaan. De faam van de componist berust bij de meer dan honderd symfonieën, talloze concerto’s en strijkkwartetten die hij schreef. Dat neemt niet weg dat Haydn zowat vijftien opera’s schreef, bijna allemaal tijdens zijn verblijf aan het hof van Esterhazy. Tot de jaren zeventig waren ze volledig in de vergeethoek beland maar nadat dirigent Antal Dorati een cyclus van twaalf werken had opgenomen voor het label Philips kwam er opnieuw enige interesse. Vandaag worden Haydn’s opera’s mondjesmaat opgevoerd.

“La vera costanza” is een typische komische opera uit het tweede deel van de negentiende eeuw. Na een schipbreuk komt een gezelschap onvoorzien aan land. Samen met een paar lokale bewoners vormen ze een bonte troep waarin plaats is voor intriges, verborgen huwelijken en verboden liefdes. Het verhaal eindigt in complete harmonie waarbij de intriganten tot bekering komen en iedereen verenigd wordt met zijn of haar geliefde. Dit alles zorgt voor een aardig schouwspel, zeker in de schitterende op barokensceneringen gebaseerde regie van Elio di Capitani en in de prachtige decors van Carlo Sala. Voortdurend gebeurt er van alles op de scène zodat de voorstelling alvast visueel niet verveelt.

Helaas konden we de muziek die Haydn bij deze niet oninteressante komedie schreef toch wel duidelijk minder waarderen. Het is allemaal wel mooi maar tegelijk zo ondramatisch. Op geen enkel moment heb je de indruk dat er een verband is tussen wat je hoort en wat je ziet. Op die manier wordt de opera een opeenvolging van aria’s en ensembles die net zo goed in een andere opera gebruikt zouden kunnen worden.

De voorstelling die we in Luik zagen was nochtans muzikaal van de bovenste plank. Het solistenteam bestond uit jonge mensen die zich zowel in hun spel als in hun zang volledig gaven. Alles paste mooi in elkaar zodat het moeilijk is om de solisten afzonderlijk te bespreken, hoewel vooral bariton Gianluca Margheri als de excentrieke Villotto vocaal misschien net een trapje hoger stond dan de rest van het gezelschap. Helaas bezondigde hij zich af en toe aan “overacting”. Hij lijkt te behoren tot die zangers die denken dat een enkele seconde stilstaan op het toneel uit den boze is.

La vera costanza - het ganse ensemble tijdens de finale (Foto: Jacques Croisier)Het geheel werd met zorg begeleid door een mooi spelend orkest van de Opéra Royal de Wallonie onder leiding van de bekende Spaanse dirigent Jesus Lopez-Cobos.

Een productie die we zeker kunnen aanraden voor het visuele aspect maar die door Haydn's gebrek aan dramatiek in de muziek af en toe aan spankracht verliest.

Er zijn nog voorstellingen op 2 en 4 februari 2012.

H.D. (Gepubliceerd op 31 januari 2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Sandra Fernandez als Rosina en Yuri Gorodetski als Errico.
2) Het ganse ensemble tijdens de finale.

Copyright foto's © Jacques Croisier.


TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

“L’EQUIVOCO STRAVAGANTE”

Opéra Royal de WallonieDrama giocosa in twee bedrijven van Gioacchino Rossini op een tekst van Gaetano Gasbarri. Het werk werd gecreëerd op 26 oktober 1811 in het Teatro del Corso te Bologna. We zagen op 4 maart 2012 een voorstelling van dit werk door de Opéra Royal de Wallonie in het Palais Opéra te Luik.

L'equivoco stravagante - Enrico Marabelli als Gamberotto en Sabina Willet als Ernestina (Foto: Jacques Croisier)L’Equivoco stravagante” was de derde opera die Rossini schreef en, na “La Cambiale di Matrimonio”, de tweede die effectief opgevoerd werd. Het werk was geen grootse carrière beschoren, want al na een drietal voorstellingen werd het afgevoerd op last van de censuur. Hoewel dit voor ons in de eenentwintigste eeuw onbegrijpelijk over komt, waren de veelvuldige, vaak seksueel getinte woordspelingen van Gasbarri voor het vroeg negentiende-eeuwse publiek een teken van moreel verval en bij gevolg verwerpelijk. Omdat zijn libretto de oorzaak was van het mislukken van de opera werd Gasbarri door Rossini’s biografen ten onrechte als een minderwaardige tekstdichter beschreven. Uiteindelijk belandde het werk voor bijna twee eeuwen in de vergeetput, tot eerst het Rossini Festival te Wildbad en, later het Festival te Pesaro opdracht gaven tot het samenstellen van een nieuwe kritische editie.

Hoewel de partituur nog wel de hand van een onervaren componist verraadt, wordt het de luisteraar al snel duidelijk dat in “L’Equivoco stravagante” reeds de kiem aanwezig is van wat (niet eens zo veel) later zou komen: prachtige melodieën, meeslepende ritmes en zelfs het typische crescendo zijn reeds aanwezig.

Vormelijk sluit het werk zich nog wel sterk aan bij de tradities van de late negentiende eeuw. Meest opvallend zijn de tweeledige aria’s die Rossini in latere werken zal vervangen door een drieledige structuur. In elk geval bevat de partituur enkele juweeltjes, zoals de finale van het eerste en het kwintet in het tweede bedrijf. En uiteraard kan de Rossini-kenner ook hier gaan speculeren over welke delen muziek hij al in andere (latere) werken hoorde. Zo gebruikte de componist heel wat muziek uit “L’Equivoco stravagante” wanneer hij een jaar later in tijdnood kwam bij de compositie van “La Pietra del Paragone”.

L'equivoco stravagante - Laurent Kubla als Buralicchio en Sabina Willeit als Ernestina (Foto: Jacques Croisier)Het verhaal is typisch voor dit soort komische opera’s en zit vol plotwendingen en persoonsverwisselingen. De jonge Ernestina is verliefd op Ermanno, maar moet van haar vader, de rijke Gamberotto, huwen met de macho Buralicchio. Om het huwelijk te ontlopen zorgt ze er voor dat Buralicchio “toevallig” een brief in handen krijgt waaruit blijkt dat ze eigenlijk een castraat is die als meisje opgevoed werd. Buralicchio ziet af van zijn aanspraak op de hand van Ernestina en drijft de spot met Ermanno, tot uiteindelijk blijkt dat het hijzelf is die beet genomen werd.

De komische opera’s van Rossini vereisen een hoog, haast nerveus ritme om musicaal tot hun recht te komen. De dirgent speelt hierbij uiteraard een beslissende rol. Spijtig genoeg had Jan Schultz dit zo niet begrepen. Zeker, hij zorgde voor een verzorgde uitvoering van de partituur en dirigeerde met veel respect voor zijn solisten maar onder zijn leiding kabbelde de muziek gezapig voort zonder de dynamiek en de spanning die nodig zijn om de voorstelling boeiend te maken.

Nochtans waren alle ingrediënten aanwezig voor een gelaagde operanamiddag. De regie van intendant Stefano Mazzonis di Pralafera bijvoorbeeld, die op de hem typische wijze zorgde voor een traditionele vormgeving met een aantal soms wat flauwe grappen. Zo stond het in de sterren geschreven dat Buralicchio aan het einde van de voorstelling in het zwembad zou eindigen. Ook het feit dat de koorleden zich tijdens de finale als het andere geslacht kleedden vonden we niet meteen een teken van goede smaak. Maar over het algemeen bleven de fratsen binnen aanvaardbare grenzen en wist het publiek zichtbaar te genieten.

L'equivoco stravagante - Daniele Zanfardino als Ermanno, Laurent Kubla als Buralicchio, Sabina Willet als Ernestina en Enrico Marabelli als Gamberotto (Foto: Jacques Croisier)De zangpartijen in “L’Equivoco stravagante” stellen uiteraard nog niet dezelfde eisen aan de solisten als in de latere opera’s, in het bijzonder de serieuze werken die Rossini voor Napels schreef. Ernestina is zowat de laagste vrouwenrol die Rossini schreef, ongetwijfeld om de geslachtswisseling aannemelijker te maken. Sabina Willeit heeft de gepaste diepe mezzo , een indrukwekkende extensie in de hoogte en de fysiek voor de rol. Ook Enrico Marabelli als Gamberotto moest wat ons betreft niet onderdoen voor beroemdere collega’s die de rol zongen en Daniele Zanfardino heeft een elegante tenorstem die helaas wat genepen klinkt in de hoogte maar voor de rest is hij ideaal als Ernestina’s minnaar Ermanno. Enkel bariton Laurent Kubla lijkt niet echt voor dit repertoire in de wieg gelegd.

Alles bij elkaar toch wel een mooie voorstelling van een werk dat we prefereren boven een aantal van Rossini’s éénakters, die nochtans een betere reputatie genieten.

H.D. (Gepubliceerd op 7 maart 2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Enrico Marabelli als Gamberotto en Sabina Willet als Ernestina.
2) Laurent Kubla als Buralicchio en Sabina Willeit als Ernestina.
3) Daniele Zanfardino als Ermanno, Laurent Kubla als Buralicchio, Sabina Willet als Ernestina en Enrico Marabelli als Gamberotto.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

“MANON”


Opéra Royal de WallonieOpéra-Comique in vijf bedrijven van Jules Massenet op een libretto van Meilhac en Gille, naar de roman “Histoire du chevalier Des Grieux et Manon Lescaut” van de abbé Prévost. Het werk werd gecreëerd in de Opéra Comique te Parijs op 19 januari 1884. We woonden op 17 juni 2012 in een opvoering bij door de Opéra Royal de Wallonie in het Palais Opéra te Luik.

Manon - Silvia Vazquez als Manon (Foto: Jacques Croisier)Deze productie van “Manon” markeert een mijlpaal in de geschiedenis van de ORW. Immers, voor het laatst wordt gespeeld in het Palais Opéra, de tent die de voorbije drie seizoenen tijdelijk dienst deed als theater tijdens de renovatie van het Théâtre Royal. We zijn er niet treurig om. Hoewel we zeker een aantal mooie producties zagen, hadden we toch onze bedenkingen bij de geschiktheid van deze constructie voor het opvoeren van opera’s. Vooral de gebrekkige akoestiek gecombineerd met de buitensporige afmetingen ervoeren we meer dan eens als een demper op het plezier. Hoe dan ook, vanaf volgend seizoen wordt opnieuw in het Théâtre Royal gespeeld. De opening is voorzien op 19 september 2012 met de opera “Stradella” van César Franck.

“Manon” was zowat het grootste succes van Massenet. Hij wist het werk niet alleen te doorspekken met schitterende melodieën, hij vond ook perfect de juiste toon voor elke scène. Hij blijft daarbij ook dichter bij het originele verhaal dan Puccini of Auber. Bovendien is er een groter aandeel van de secundaire personages, waardoor het verhaal meer logische samenhang krijgt. Ook wat het libretto betreft staat “Manon” hoger aangeschreven dan “Manon Lescaut”, waaraan een legertje librettisten werkte.

Regisseur Stefano Mazzonis di Pralafera had voor de Luikse productie niet meteen een erg originele, maar wel een adequate interpretatie voorzien. Het toneel werd gedomineerd door een groot boek waarvan in elk bedrijf een nieuw hoofdstuk open ging. Manon en Des Grieux bevinden zich aan het begin van de voorstelling eigenlijk al in de sterfscène van Manon en de opera speelt zich dus af als een soort flashback.
Manon - Silvia Vazquez als Manon en Ismael Jordi als Des Grieux (Foto: Jacques Croisier)Eén motief keert steeds terug: de tafel die Manon in het tweede bedrijf bezingt is dezelfde tafel waar ze in het eerste bedrijf Des Grieux voor het eerst ontmoet en waarop ze aan het einde van de voorstelling sterft. Voor de rest is de enscenering erg traditioneel, net zoals we dat gewend zijn. En dat laatste is zeker bedoeld als een compliment gezien de aard van de producties die in de andere operahuizen lopen.

Massenet schreef voor zijn “Manon” een schitterende, melodieuze en subtiele partituur die in dirigent Patrick Davin een ideale vertolker vond. Hij hield het orkest van de Luikse Opera perfect in het gareel, liet de muziek ademen en had oog en oor voor details. Het koor van de ORW leek zich duidelijk te vermaken in deze productie en zette een puike prestatie neer.

Hoogtepunt van deze “Manon” moest de aanwezigheid van de wereldberoemde Amerikaanse sopraan June Anderson worden. Helaas zegde ze kort voor de première om onduidelijke redenen af. Ze werd vervangen door de jonge Spaanse Silvia Vazquez die wel een geloofwaardig personage vertolkte, maar vocaal misschien nog net wat kracht te kort kwam voor haar rol. Al moeten we hier eerlijkheidshalve aan toevoegen dat de grote ruimte van het Palais Opéra zeker niet in haar voordeel werkte. Dit laatste kan ook gezegd worden van de Spaanse tenor Ismael Jordi die een fijnzinnige, wat nasale Des Grieux neerzette en vooral in de lyrische passages op zijn best was.
Manon - Ensemble (Foto: Jacques Croisier)De bariton Massimiliano Gagliardo vonden we vooral in zijn spel minder geslaagd als Lescaut. Hij leek zijn personage te verwarren met een van de bufforollen die hij gewoonlijk zingt. We waren meer onder de indruk van de veteraan Marcel Vanaud die ook vocaal een waardige Comte Des Grieux bracht en van Guy de Mey die meer dan voldoende panache had voor de rol van De Brétigny.

Al bij al een mooie productie met ook vele muzikale hoogtepunten die vermoedelijk beter tot hun recht zouden komen in het vaste operagebouw. En dat doet ons meteen uitzien naar het seizoen 2012/13 dat zich opnieuw in het Théâtre Royal afspeelt.

“Manon” wordt in Luik nog gespeeld op 20, 23 en 26 juni 2012.

H.D. (Gepubliceerd op 19/6/2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Silvia Vazquez als Manon.
2) Silvia Vazquez als Manon en Ismael Jordi als Des Grieux.
3) Ensemble.

Copyright foto's © Jacques Croisier.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË