OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN ANTWERPEN

“THE INDIAN QUEEN”

deSingelThe Indian Queen” is een semi-opera van Henry Purcell. Het originele toneelstuk werd in 1664 geschreven door John Dryden en Sir Robert Howard. Purcell bewerkte het toneelstuk tot een semi-opera in 1695. Hij stierf echter voordat het werk kon worden voltooid en de muziek van de slotakte is voor een groot deel van zijn broer Daniel Purcell. De eerste opvoering had plaats in het Theatre Royal Drury Lane te Londen in 1695. Wij woonden een opvoering bij in de Rode Zaal van deSingel op 18 januari 2012.

The Indian Queen - Sigrid Vinks (dans en spel). Achteraan links: de vier zangsolisten (Foto: Danny Willems)Aangezien het in onze tijden gebruikelijk geworden is om nog enkel de muzikale nummers op te voeren buiten de context van het toneelstuk, heeft de inhoud van het werk nog maar weinig belang. De “Indian Queen” is in elk geval Zempoalla, een heerseres over Mexico. Zij wordt tegengewerkt door de Inca’s van Peru en hun generaal Montezuma, die na een tijd van kamp verwisselt en waarop Zempoalla verliefd wordt. Welk personage welke muzikale nummers juist zingt, is niet erg duidelijk, daarom werden in het programmaboekje de zangsolisten niet met een specifieke rol aangeduid, maar slechts met hun stemsoort.
Voor een regisseur is het natuurlijk geen eenvoudige klus om deze losstaande fragmenten als een continu geheel in beeld te brengen. Jan Decorte opteerde voor een zeer sobere benadering. In zijn concept was het meest in het oog vallende personage een stomme actrice, Sigrid Vinks, die met veel charme, de ganse duur van de voorstelling diverse toneelattributen zoals een kroon, pluimen e.a. voorwerpen vooraan op het podium rangschikte en waarmee ze dan afwisselend de zangers tooide.

Bij de vocale solisten vielen vooral de welluidende tenor Reinoud Van Mechelen en de kernachtige bariton Havard Stensvold in de smaak. De sopraan Hanna Bayodi wist ons maar matig te bekoren. Ze zong nogal onsubtiel en te hard in vergelijking met de andere zangers, zeker in haar duo met de countertenor Risto Joost, een stem met weinig resonantie die van op onze plaats amper hoorbaar was.

Een koor was er niet en het waren de orkestleden zelf die de korte koorinterventies zongen. Dat gebeurde nogal rommelig, op het randje van het amateuristische af. Ook het B’Rock orkest zelf vonden wij maar matig presteren. Onder leiding van Frank Agsteribbe klonk het ensemble vrij kleurloos. Er werd wel gemusiceerd met veel preciesheid en met een goede klankdosering, maar toch zo weinig theatraal. Het ontbrak aan voorwaartse kracht, aan elan, aan uitgezongen lyriek en felle dramatiek. De enkele opgewekte momenten werden dan nog ontsierd door een aarzelende en weinig virtuoze trompettist, het enige koperen blazerinstrument in het ensemble.

The Indian Queen - Sigrid Vinks en Hanna Bayodi. Achteraan: Risto Joost, Reinhoud Van Mechelen en Havard Stensvold (Foto: Danny Willems)Al bij al vonden wij dit laatste toneelwerk van Purcell maar een mager beestje. De partituur omvat wel enkele verrukkelijk melodieuze nummers, maar mist toch wel de muzikale vonk van “Dido and Aeneas” of “The fairy Queen”. De uitvoering werd gebracht zonder de bijgecomponeerde vijfde akte. Aangezien de voorstelling amper een uur en vijftien minuten duurde (zonder pauze), had dit slot er wel bij gekund. Al was het maar om eens kennis te maken met de muzikale kwaliteiten van broer Daniel.

Er zijn nog opvoeringen in deSingel op 19 januari 2012 en in het Concertgebouw te Brugge op 26 januari 2012.

G.M. (Gepubliceerd op 19/1/2011)

Foto's van boven naar onder:

1) Sigrid Vinks (dans en spel). Achteraan links: de vier zangsolisten.
2) Sigrid Vinks en Hanna Bayodi. Achteraan: Risto Joost, Reinhoud Van Mechelen en Havard Stensvold.

Copyright foto's © Danny Willems.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

MELODIEËN VOOR MILJOENEN. „KLÄNGE AUS WIEN UND DEM SÜDEN“

Europese Belcanto OrganisatieConcert door de Europese Belcanto Organisatie (EBeO) in de Koningin Elisabethzaal te Antwerpen op zondag 12 februari 2012.

Elena FinkEens te meer was de “Philharmonie Südwestfalen” te gast voor dit concert. Dit voortreffelijke orkest liet zich horen in enkele orkestwerken, waarin alle facetten belicht werden. Ook de vioolsolo’s van de concertmeester waren van de bovenste plank. Jammer dat de naam van deze dame niet vermeld werd in het programmaboekje. Dit alles was natuurlijk te danken aan de voortreffelijke leiding van de overbekende Prof. Peter Falk, een dirigent naar ons hart. Wat de man uit het orkest wist te halen qua nuances is alleen bij de grootste mogelijk. Niet alleen het begeleiden van de zangers was voortreffelijk maar ook was het duidelijk dat hij zelf genoot van het geheel.

Bij de zangers leverde voor ons de mezzosopraan Jana Kurucová uit Tsjechië de meest lovenswaardige prestatie, een mooie stem die de juiste interpretatie gaf aan haar diverse solonummers. Daarop volgt onmiddellijk de jonge bariton Tae-Joong Yang uit Zuid-Korea die zijn mooie baritonstem met veel charme gebruikte. Met zijn “Dunkelrote Rosen” pakte hij moeiteloos de zaal in en bedacht hij enkele dames met een roos.

Peter FalkDe sopraan Elena Fink uit Duitsland zette het concert een beetje aarzelend in met een aria uit “Adriana Lecouvreur” van Francesco Cilea, maar herpakte zich volledig bij het lied “Me llaman la Primarosa” uit de Zarzuela “El Barbero de Sevilla” van Jeronimo Giménez en later met “Liebe, du Himmel auf Erden” uit “Paganini” van Franz Lehar. De tenor Eduardo Aladrén uit Spanje heeft een krachtige stem maar zong niet altijd even zuiver. We moeten wel toegeven dat het duetje uit “Monsieur Choufleuri” van Jacques Offenbach met de sopraan Elena Fink hem zeer goed lag.

De sympathieke Fred Brouwers praatte het geheel op zijn eigen bekende charmante en deskundige manier aan elkaar. Hij bevestigde eveneens dat dit het laatste concert van EBeO in deze reeks is. Tijdens de pauze werd stichter en organisator Willy Bauweleers nog even gevierd voor zijn langdurige inzet, o.a. met een korte toespraak door Minister van Staat Willy Claes en met een extra bisnummer ingeleid door dirigent Peter Falk.

Het zeer talrijk opgekomen publiek genoot zeer duidelijk van dit concert en betuigde zijn tevredenheid met een langdurig applaus. Ook wij gingen opgewekt naar huis na deze grootse prestatie.

H.V. (Gepubliceerd op 14/2/2012)

Foto’s van boven naar onder:

1) Elena Fink.
2) Peter Falk.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË

“DIE LUSTIGE WITWE”

Internationale Opera ProductiesOperette van Franz Lehar (muziek) en Victor Léon & Leo Stein (libretto). Wereldpremière 30 december 1905 in het Theater an der Wien te Wenen. Bijgewoonde voorstelling door “Internationale Opera Producties” in de Stadsschouwburg te Antwerpen op 19 februari 2012.

Die Lustige Witwe - Quirijn de Lang als Danilo, Ulrike Maria Maier als Hanna Glawari (Foto: Rossen Donev)In het algemeen kon deze productie van "Die lustige Witwe" ons wel bekoren. De regie van Marc Krone was gelukkig meestal aan de traditionele kant. De eerste akte miste vuur en kwam traag op gang. Dit was ook te voelen aan het publiek, dat amper een hand op elkaar kreeg na de diverse zangnummers. In de tweede akte ging het al veel beter, met vooral het “Weiber ensemble” als hoogtepunt, samen met de finale. De derde akte was dan echt subliem. De choreografie werd verzorgd door André de Jong. Ook de decors van Karel Spanhak waren zeer verzorgd, zeer groot van opbouw, maar toch praktisch voor de decorwisselingen. De kostuums van Marrit van der Burgt strookten niet altijd met de geest van Parijs, maar waren wel mooi voor het oog en kleurvol, zoals men verwacht in een operette. Daar zowel de gezongen als de gesproken teksten in het Duits werden uitgevoerd, werden sommige grapjes door het publiek niet begrepen en gingen onbedoeld verloren. Misschien was dit ook te wijten aan het feit dat de boventiteling niet goed leesbaar was op sommige plaatsen in de zaal.

Die Lustige Witwe - Donij Van Doorn als Valencienne en Pawel Stach als Camille de Rosillon (Foto: Rossen Donev)De lustige weduwe Hanna Glawari werd op deze voorstelling gezongen door Ulrike Maria Maier die een mooie stem bezit en deze zeer geraffineerd gebruikte. Zij voegde daarbij een flinke dosis charme en zette als dusdanig een volwaardige vertolking neer. Donij van Doorn was een zeer goede Valencienne, pittig en eveneens met een goede sopraanstem. Met de “grisetten” in de derde akte toonde ze ook haar danstalent.

Voor de rol van Danilo werden twee zangers voorzien. Thomas Weinhappel kenden we al als een zeer goede Danilo bij opvoeringen in Wenen, maar op onze voorstelling hoorden we Quirijn de Lang met eveneens een prachtige baritonstem. Hij acteerde zeer vlot en leverde een geloofwaardige prestatie. De vocaal zeer moeilijke partij van Camille de Rosillon vereist een goede tenor. Pawel Stach was de geknipte figuur en schitterde met enkele prachtige hoge C’s. Bert Simhoffer vervolledigde de hoofdrollen als een lustige Baron Mirko Zeta. Ook Njegus werd zeer grappig vertolkt door Simon Zwiers.

Alle verdere rollen waren goed getypeerd en evenwichtig ingevuld door de heren Dirk Postma (Cascada), Martin Sommerlatte (St. Brioche), Martijn van Baardewjk (Bogdanowitsch), Rik van der Rijdt (Kromow) en Hristo Ganveski (Pritschitsch) en door de dames Hiske Elisa Bongaarts (Sylviane), Daniëlla Buijck (Olga) en Eleonora Hristova (Praskowia).

Deze opvoering is een coproductie van de Internationale Opera Producties met het koor, ballet en orkest van de Staatsopera van Varna (Bulgarije). Het orkest op zichzelf bezit een mooie klank, maar we maken een groot voorbehoud voor de dirigent Erki Pehk. De zangers en het orkest waren geregeld ongelijk en wat ons het meest stoorde was zijn gebrek aan Weense feeling. De schitterende wals “Gold und Silber”, die als intermezzo gespeeld werd, was voor ons dan ook een grote tegenvaller.

Die Lustige Witwe - Ensemble (Foto: Rossen Donev)Al was de publieke opkomst niet heel groot: het slotapplaus was wel verdiend en zeer enthousiast.
Wij zagen de tweede voorstelling. Normaal gezien wordt een dergelijke productie steeds vlotter en beter bij de verdere voorstellingen en is zeker een aanrader voor de liefhebbers van operettes.
Er zijn nog een hele reeks voorstellingen tot 18 maart 2012 in Nederland en België. De juiste speellocaties en datums vindt U hier.

H.V. (Gepubliceerd op 21/2/2012)

Foto's van boven naar onder:

1) Quirijn de Lang als Danilo en Ulrike Maria Maier als Hanna Glawari.
2) Donij Van Doorn als Valencienne en Pawel Stach als Camille de Rosillon.
3) Ensemble.

Copyright foto's © Rossen Donev.

TERUG NAAR KEUZELIJST BELGIË